Gratis spreekuur op de Tong Tong Fair
Elk jaar kijk ik uit naar de Tong Tong Fair. Het is een tijdelijke Indische stad waar je iedereen zomaar tegenkomt, en waar je van alles hoort. Plus, nergens anders kan ik de geur van doerians opsnuiven. Doe ik al op de eerste dag. Lekker.
Spreekuur
Dit jaar ga ik iets nieuws doen met de Indische Schrijfschool. Dat is: spreekuur houden. Elke dag tussen drie en vijf uur zit ik aan een tafeltje en ik wacht op u. Misschien wilt u:
- mij een stukje laten lezen dat u zelf heeft geschreven en vragen wat ik ervan vind
- advies krijgen omdat u aan het schrijven bent en u zit vast
- horen hoe u het beste kunt beginnen aan uw levensverhaal
- hallo zeggen
- mij advies geven omdat ik beter een hele andere cursus kan geven en u weet welke
- vertellen dat u een buitengewone leuke honderdplusser kent die alles nog weet
- vragen waar de toiletten zijn
- anders, namelijk…
Dat anders is natuurlijk spannend voor mij. U heeft vragen of overwegingen die ik niet ken, en daarom ga ik dus klaar zitten, in de hoop dat u ze met me wilt delen.
Gratis
Het spreekuur is gratis. Ik zeg het er voor de zekerheid even bij. U kunt gewoon aanschuiven en dan praten we verder. Naar alle waarschijnlijkheid zit ik in de stand van Tong Tong, dus voor de Grand Pasar. Daar is het relatief rustig. Ideaal voor een gesprek.
Programma
Als ik er even niet ben, is de kans groot dat ik in Studio Tong Tong zit. Dit jaar ga ik daar weer interviews houden, heerlijk. Het programma van Tong Tong vindt u hier. Daarna kom ik weer naar mijn tafeltje terug. Ik heb nog nooit eerder spreekuur gehouden, dus ik vind het ook een beetje eng. Maar als u aanschuift, is het weer gezellig.
Praktische schrijftip
Altijd pen en papier meenemen, u kunt zomaar een idee krijgen. Kleine notitieblokjes zijn goedkoop en gemakkelijk. Altijd wanneer ik zònder het huis verlaat, krijg ik een idee. Typisch.
Moeder en zoon. Zij inmiddels 103, hij een man in in de tachtig. Zij had hem haar herinneringen verteld en nu zij ze niet meer wist, was het zijn beurt om te vertellen. Dit is mijn verhaal over een bijzondere ontmoeting. Het interview verscheen destijds in Moesson.
Zo blijkt dat het levensverhaal van mevrouw Rijckmans en John door elkaar lopen. John was 17 jaar toen hij min of meer geadopteerd werd en sindsdien zijn ze samen geweest, zo’n 63 jaar lang dus. Getrouwd is John nooit, evenmin als zijn pleegmoeder. Naast haar lijkt hij een kind, ondanks zijn respectabele leeftijd. John lacht: “Ja, dat weet ik. In mij is nog altijd de vechterbaasjongen van vroeger. Vechten is boksen. Mijn vader trainde mij, hij leerde me met gewichten te werken en te sparren.” Wat zachter: “We hadden zo’n goede band, ik mis hem elke dag.” Zijn vader overleed in 1944, door dwangarbeid aan de Pekanbaroe spoorweg.
Wie kan een foto als deze weerstaan? “Senèn Daëng Mapata, onze vergeten oermoeder” lees ik. De foto zat bij een mooi gedicht dat Wieke van Dorsser me stuurde. Nadenken over moeders is belangrijker dan we vaak denken. Wie was de moeder van uw moeder, en hoe was haar moeder? Denken in generaties is de familie begrijpen



Kinderen en kleinkinderen
En dan maakt oma Clara kennis met deze Javaanse moordenares. En zij gaat samen met haar gezellig batikken. Samen zingen, samen babbelen of zo.
Oma Clara verhuist later naar haar ander huis, een huis in de buurt van de Gayamweg, en haar kokkie gaat ook mee. Zo ging het daar, het was vanzelfsprekend.
De tijd gaat snel…





