Wie was de beroemdste scheidsrechter van Indië?

Wedstrijd 1915. Staand 2e van rechts: Max Foltynski jr. (KITLV 16361)
Wie was de beroemdste scheidsrechter van Indië? Max Foltynski (1887-1979) natuurlijk, destijds kende iedereen zijn naam. In 1928 noemde het Bataviaasch nieuwsblad hem ‘den bekenden Bandoengschen fluitist, volgens velen de beste referee van Indië’.
Het gaat over voetbal. Dat is iets ver buiten mijn wereld, behalve als het om Indië gaat. En dat 1928 viel me meteen op: het jaar waarin de Olympische Spelen in Amsterdam waren. Max Foltynski was erbij, namens Indië.
Een beroemdheid. En ook iemand die vele voetballers min of meer kende, en zij hem nog meer. Stel nu eens dat er een archief Foltynski was, met foto’s en dagboeken en aantekeningen over de spelers. Wat een rijkdom. Zo kan een enkele persoon een wereld ontsluiten.
Bataviasche Voetbal Bond
Over de Olympische Spelen schrijven de kranten volop. Max Foltynski treedt er een aantal keren aan, wat zijn naam elke keer in de kolommen brengt. Dan gaat hij terug naar Indie met ‘een schat van lectuur en herinneringen’ zoals het later heet. Maar die zijn verloren gegaan, tenminste, ik vond geen gepubliceerde memoires van hem. Misschien dacht hij wel: “Ach, wie heeft daar nu interesse voor.’
De enige keer dat hij echt spraakzaam is, vond ik in het boek 40 jaar voetbal in Ned.Indie 1894-1934 (uitg. W. Beretty, Soekaboemi) Hij vertelt in mei 1912 zijn eerste wedstrijd te hebben gefloten, tijdens een schoolcompetitie van de Willem III school. Zonder fluit, die had hij nog niet. Het ging goed:
- Daarna floot ik geregeld verschillende wedstrijden van de Gymnasium-schoolcompetitie, met een échte fluit, leende van Cees ten Bruggencate, den bekenden B.V.B. (Bataviasche Voetbal Bond)-scheidsrechter, verscheidene voetbalboekjes, betrekking hebbende op de spelregels, bestudeerde die nauwgezet, terwijl ik Cees mocht helpen aan de verzorging der Rechtspraak-rubriek van het onder zijn redactie staande sportperiodiek „De Indische Sport”.
Dat was kennelijk een soort opleiding. Zelf doen. En iemand hebben die je wat in je ziet. Kennelijk was dit genoeg om zich in te laten schrijven als scheidsrechter bij de Bataviasche Voetbal Bond. Maar Max Foltynski vond er de tijd niet rijp voor. Hij deed het zo:
- Mijn eerste contact met den B.V.B. als scheidsrechter dateert van 31 Mei 1913; op dien datum kreeg ik n.l. mijn aanstelling tot candidaatscheidsrechter en mocht toen onder leiding van de bekende oud-scheidsrechters ten Bruggencate, W. van Buuren (thans President van den N.1.V.8.), Rieber, e.a. als grensrechter aan eenige wedstrijden deelnemen, in het begin alleen Inlandsche competitiewedstrijden, die zooals U bekend, vroeger onder auspiciën van den B.V.B. werden gehouden.
- Ik heb plus minus twee jaar in de lagere klassen vertoefd; in 1915 werd ik in de eerste klasse ingedeeld, voorloopig voor de gemakkelijkste wedstrijden, totdat door bijzondere omstandigheden mij de leiding werd opgedragen van de finale om den Eau de Louvainbeker, welke eindstrijd ging tusschen de vereenigingen Hercules en Oliveo in den Planten- en Dierentuin. […]
- Mijn eersten officieelen stedenwedstrijd leidde ik in 1921 te Semarang en met uitzondering van de jaren 1924 (niet gekozen) en 1928 (met Europeesch verlof) ben ik daarna geregeld als scheidsrechter bij de kampioenswedstrijden opgetreden en ik moet zeggen, dat ik dat steeds met het grootste genoegen heb gedaan en daaraan ook de meest prettige herinneringen bewaard heb.
Woorden waar je naar blijft kijken terwijl de vragen opkomen:
- Bataviasche Voetbal Bond: wat een archief moet dat zijn
- Inlandsche competitiewedstrijden: wie speelden er, kon een voetballer doorstromen naar de Europese competitie
- stedenwedstrijden: wie tegen wie en liep het toen ook zo uit de hand als nu?
Stedenwedstrijd Batavia — Bandoeng
In het Algemeen handelsblad voor Nederlandsch-Indië vond ik een verslag van de stedenwedstrijd Batavia-Bandoeng, in 1926.
Batavia speelt uit, reist per trein en wordt ‘begeleid door ongeveer 30 supporters’, schrijft de krant. Dus niks legioenen supporters, nul harde kern en ook al geen zware politiemacht. Dit zijn de voetballers en ik geef het weer zoals de krant het deed:
Batavia
Van der Poel,
Davies, Oost,
Boogh, v. Pol. Petel, Wattimena,
Pipper, Tet Swie, Wattimena, Van Krieken, Rehatta.
Bochem, F. Qoldman, v. Helden, Giesel, Hagenaar,
Rodrigues, Timmer, Claasz,
G. Goldman, v. Hooydonk,
Linck
Bandoeng
Inderdaad, twee keer Wattimena bij Batavia.
Wie zijn die mensen toch, die ‘zeer veel publiek’ tot juichen brachten? En wie waren de spelers? De verslaggever noteert: ‘Eerst treden onze jongens, in zwarte broek en wit shirt, binnen de lijnen. Applaus! Dan komt de Bandoengploeg (in witte broek en rood shirt) onder daverend gejuich in het veld.’
Ik verklap het meteen: Batavia won, dankzij een doelpunt van Wattimena:
- 1 — 0 voor Batavia! Reuzengejuich der Batavianen en Batavia-gezinden!
- Bandoeng vecht om den gelijkmaker, doch onze jongens geven niet thuis en aanval op aanval op het roodwitte doel wordt ondernomen.
- Vijf minuten voor tijd vallen de eerste regendruppels ; nog eenige doorbraken der Bandoengers en dan komt het eindfluitje, Batavia een alleszins verdiende overwinning brengend.
Dat eindfluitje: ‘Max Foltynski floot deze spannende en door het zich snel verplaatsende spel lastig te leiden match naar behooren.’
En ook hierna ging iedereen braaf naar huis, of naar het Preanger-hotel waar de Bandoengse spelers logeerden, hopelijk om een beetje troost te brengen.
Wat een wereld
Als ik die namen zie, borrelt de nieuwsgierigheid in me op naar die grote voetbalwereld van Indië. De bekende namen van toen hoefden nergens toegelicht te worden, maar nu weten we niet meer wie wie was. Zo gaat dat. Alleen schrijven is blijven.
Zijn jaartallen vond ik in een mooi artikel op Sportgeschiedenis.nl. Ook staat daar dat hij in Den Haag is overleden. In 1979. Een man van wie ik blijf hopen, dat hij ergens een groot mooi archief heeft nagelaten.
Praat met mij
Als u over familie in de oude Indische tijd schrijft, dan heeft u structuur nodig en kennis van de historie. Zo wordt uw verhaal beter en interessanter om te lezen. Werkt u aan zo’n verhaal? Praat dan met mij:
- voor vrijblijvend advies over historische bronnen, zodat u betrouwbare informatie vindt
- over de opzet van uw project, zodat u structuur heeft, dat scheelt enorm veel tijd en hoofdpijn
- lees hoe het gratis overleg-gesprek gaat en maak eventueel een afspraak voor telefonisch overleg via mijn digitale kalender: klik hier en kijk hoe dat gaat.
Wanneer er een nieuw artikel verschijnt, mail ik een berichtje aan degenen die zich hebben ingeschreven. Dan hoeft u niet te zoeken. Inschrijven kan door op het plaatje te klikken. Dan krijgt u meteen een ebook cadeau: Hoe begin ik? 5 gouden tips waarmee het altijd lukt




De eer van een Militaire Willems-Orde in het Oost-Indische Leger (KNIL) is bekend. De toekenning, de trots bij de drager, de vermeldingen bij de naam in elk krantenartikel. En ook, bij een geliefd officier, de vreugde in de gelederen van zijn manschappen. In de militaire letteren kom ik uitbarstingen van blijdschap tegen, spontane bijeenkomsten, serenades, mannen die met hart en ziel die eervolle onderscheiding ondersteunen.

Arthur telt als voorkind niet mee. Frits geldt als de oudste zoon. Dat vindt hijzelf ook. Wanneer hij later een familiegeschiedenis laat schrijven, krijgt Arthur een minieme voetnoot toebedeeld.


Gratis online workshop voor beginners en gevorderden die graag hun familieverhaal op papier willen zetten,
met boter besmeerd; de lagen worden lichtbruin gebakken.
daarboven, stelt.
room, suikerglazuur.




