Familiegeschiedenis2024-02-03T11:15:25+02:00

Familiegeschiedenis

Op de een of andere manier is het zo, dat u degene bent die de familiegeschiedenis gaat opschrijven. Anders doet niemand het. U wilt aan de slag, maar eerlijk is eerlijk, het is best een project. Hoe moet u dat aanpakken?

Familiegeschiedenis

De ene familie lijkt op de andere, behalve – en dat weten u en ik zeker – wanneer er een Indische achtergrond is. Dan wordt het spannend en heerlijk ingewikkeld. De koloniale maatschappij. Afkomst. Huidskleur. Bijzondere familiegeheimen. En dat moet dan allemaal op papier komen.

Er zijn volop boeken en cursussen over het schrijven van een familiegeschiedenis. Het is in de mode. Alleen, die gaan vooral over families die hier in Nederland woonden en leefden. Dat is weer het oude verhaal dat nog steeds een beetje pijn doet, want Indische families en families uit Indië, die families zitten net iets anders in elkaar.

Meestal beginnen mensen met een idee van: dit ga ik nog eens goed opschrijven. Ik heb schriftjes gezien met aantekeningen, netjes met de hand geschreven. Ook zie ik weleens lijstjes voorbijkomen waarop dan wat jaartallen staan. Of er is een eerste overzicht, dat eigenlijk meer lijkt op een vergaderstuk dan op een verhaal.  Het is een goed begin maar wie een familieverhaal wil schrijven, wil meer.

Wat moet er allemaal in?

  • Drie generaties of meer, en hoe ze zich tot elkaar verhouden. Wat geeft de ene generatie door aan de volgende, op wie lijkt de volgende generatie?
  • Dan is er de context van de tijdgeest: elke generatie leeft weer in een andere tijd, die moet u beschrijven zonder dat het een droog geschiedenisboek wordt.
  • Belangrijk is de duiding: wat zijn de thema’s van de familie, hoe ziet u die steeds terugkeren, en waar komt die vandaan? Met de duiding geeft u een diepere betekenis aan het familieverhaal. Dat maakt het boeiend.

De vraag is: hoe doet u dat?
Het antwoord is: met mij samen.
(Moet niet, kan. Kán.)

Samen komt u verder

Het scheelt enorm wanneer u hulp krijgt van iemand die ervaring heeft met dat onderzoek. Die zelf over families uit Indië schreef. En die u graag van dienst is.

Die iemand ben ik. (Dat is vast geen verrassing)

Ik publiceer al jaren boeken over mensen uit Indië. Mijn biografie over Van Heutsz ging over de man zelf, maar ook over zijn ouders want die waren van invloed op wie hij was. En ik schreef over zijn kinderen, die de invloed van hun dominante vader ervoeren.

Zit je zo aan de drie generaties.

Daarna schreef ik de biografie van de Indische militair Frits van Daalen. Zijn vader was Hollands, zijn moeder Indisch. Ik kijk naar de familielijnen en dan stapelen de generaties zich op.

Wat heb ik in huis?

  • praktijkervaring: schrijfster van ruim 30 boeken (ja, vandaar dat ik het zei)
  • resultaatgerichtheid: als we samenwerken, komt het in orde met uw verhaal
  • enthousiasme: ik hou van levensverhalen en families met Indische roots, u heeft dus in mij een geïnteresseerde supporter
  • veel historische kennis, als gepromoveerd onderzoekster hou ik van diepgang
  • empathie: zitten er moeilijke stukken in uw familieverhaal, dan luister ik en ik voel met u mee

Zo gaat het snel.

Dus ik dacht: met wat ik hier geleerd heb, kan ik misschien anderen helpen. Zo kwam ik op het idee van aandacht voor de familiegeschiedenis.

Schrijf uw familiegeschiedenis

Familiegeschiedenis begint bij u. Noteer uw naam. Dan: uw ouders. Grootouders erbij. Presto, drie generaties. Overgrootouders? Kan ook. U weet altijd meer dan u denkt. En dan zijn er nog de familieverhalen. Soms komen ze in de vorm van een opvallende stilte. Dat is ook informatie.

Met wat u weet en niet weet gaan we samen op pad.

Het resultaat

U heeft daarna de tijd om de familiegeschiedenis te laten drukken, zodat u een geweldig cadeau heeft voor de familie.  Een ebook maken kan ook, of naar een uitgever als u ambitie heeft. Ik denk met u mee over mogelijkheden.

Hoe het gaat

Samenwerken is gemakkelijk en leuk. Want: u heeft de familieverhalen en ik weet wat u ermee kunt doen. Dus dan passen we bij elkaar. Voordat we evenwel met elkaar in zee gaan, voeren we eerst een telefonisch kennismakingsgesprek. Dan weten u en ik of er iets van een klik is.  Gaan we samen aan de slag, dan gebeurt er dit:

  • We spreken 1:1, er is dus geen groepsgedoe waarin u steeds voor uzelf moet opkomen. U heeft mijn volle aandacht,
  • U heeft om de week telefonisch  anderhalf uur persoonlijke coaching met mij waarin we samen bespreken waar u tegenaan loopt. Bent u in de schrijffase, dan stuurt u me uw werk op en dan lees ik graag mee
  • In het eerste gesprek maken we een plan van aanpak: wanneer moet uw verhaal af zijn, wat is de vooralsnog beste hoofdstukindeling en hoe kunt u het beste beginnen?
  • We bedenken waar uw bronnen van informatie liggen en wat u ermee kunt, u krijgt van mij tips over archieven en boeken
  • In het eerste gesprek maken we een plan van aanpak: wanneer moet uw verhaal af zijn, wat is de vooralsnog beste hoofdstukindeling en hoe kunt u het beste beginnen?
  • We overleggen hoe u familieledent kunt interviewen (ook al zeggen ze niks te weten en dat het allemaal zo lang geleden is)
  • Per mail kunt u altijd vragen stellen
  • Als u wilt, bespreken we drie voorbeeldboeken waarbij ik uitleg geef over hoe dat is opgezet is, en wat u ervan kunt leren:

Lin Scholte:   Anak Kompenie  (1965)
Philip Droge  Moederstad Jakarta, een familiegeschiedenis (2021)
Eveline Stoel: Asta’s ogen, de levenskracht van een Indische familie (2010)

U hoeft de boeken niet helemaal gelezen te hebben, maar het helpt wel.

Is het iets voor mij?

  • Het is belangrijk dat u al iets weet van de familie, zoals namen en jaartallen. U heeft een algemeen idee wie waar leefde. U heeft ook wat bronnen zoals foto’s, brieven, documenten of overgeleverde familieverhalen. Staat u helemaal met lege handen, mail me dan even voor overleg.
  • Dit is alleen voor degene die voelt: het is tijd dat ik aan de slag ga. Dus u heeft ook tijd ervoor. Elke week vijf-zes uur is prima. Die kunt u verdelen over twee of drie dagen. Meer kan ook. Minder dat? Dat duurt het langer. Kan best.
  • U heeft er zin in. Enthousiasme is belangrijk, het dagelijks leven brengt al genoeg klusjes mee. Dit is bedoeld om leuk en fijn voor u te zijn. Iets om u op te verheugen. Iets dat ook afleiding biedt van de grote problemen in de wereld.
  • U weet dat de familiegeschiedenis ook Indische geschiedenis moet bevatten en u bent nieuwsgierig naar hoe u dat kunt aanpakken.
  • En u weet voor wie u het doet: misschien voor uzelf, om uw plaats in de familie te onderzoeken. Of voor de volgende generatie, die zich niks kunnen voorstellen bij een wereld zonder smartphones. (“Nee, in Indië was er ook geen wifi.”)
  • U wilt graag delen in de kennis en kunde van iemand die meer dan dertig boeken heeft geschreven.

Voor wie?

Wat ik steeds vaker hoor, is dat iemand zich verantwoordelijk voelt voor het opschrijven van het familieverhaal. Dat kan komen door een droom, door het besef dat er niemand anders is, of dat er maar één iemand is die er zin in heeft en die iemand dat bent u.

Ook hoor ik regelmatig opmerkingen over een jongere generatie die niets weet en toch belangstelling heeft. Of juist.

Die verantwoordelijkheid kan best zwaar wegen, vooral wanneer het gewoon niet wil lukken. Mijn ervaring zegt dat hiervoor twee belangrijke oorzaken zijn. De eerste is: gebrek aan kennis, dus dat is een kwestie van kennis zoeken op de juiste plek en bij de juiste persoon. De tweede oorzaak is gebrek aan tijd, en dat is een kwestie van tijd ervoor maken en beschermen. Vaak blijven we reageren op wat er in het dagelijks leven gebeurt en er is altijd wat. Dus dat is een kwestie van uw agenda goed beheren.

Wanneer u besluit tot het opschrijven van de familiegeschiedenis, dan kan dat ook gezellig zijn. U en ik sluiten een verbondje over het schrijven van uw familieverhaal. Ik help u met wat ik kan en wat ik weet, en dan groeit uw verhaal. Samen lukt het. Ook met de moeilijke stukken die emotioneel kunnen zijn. Dan ben ik er ook.

We hebben hetzelfde doel: samen zorgen we ervoor dat het familieverhaal dat u wilt schrijven, ook echt op papier komt te staan.

Moet ik ergens heen?

U hoeft nergens heen, u kunt heerlijk thuis blijven en werken wanneer het u uitkomt. Ik zit in de pyjama aan mijn eigen computer dus we zijn op een moderne manier samen.

Simpel en gemakkelijk. Het contact gaat via de mail, via de telefoon, via webinars.

Zo… en wat kost dat?

Het bedrag is: 298 euro per maand, dus per twee afspraken. Inclusief alles, dus er komen geen kosten bij voor inschrijven of administratie of btw wat bedrijven nog meer bedenken. Dit is het. Meer niet.

In die maand spreken we dus om de week, bent u flink aan het werk (altijd naar vermogen) en ziet u het familieverhaal onder uw handen groeien. Wilt u dubbele afspraken: kan. Wilt u om de maand: kan ook. Dan is het 149 euro per maand. Dan komt u ook verder.

Wat moet ik nu doen?

Ik zie twee opties.

Optie A. Hopen dat het verhaal zichzelf gaat schrijven, u heeft die uitdrukking vast weleens gehoord. Misschien heeft u geluk. Soms komt het geluk pas na 20 jaar.
Optie B. Beslissen dat u in actie komt.

Overleggen

Misschien wilt u eerst telefonisch overleggen voordat u een beslissing begint. Snap ik. Een stem horen, voelen of het klikt, dat weegt ook mee. U kunt in mijn agenda een bel-afspraak inplannen. Die agenda staat hier. Als u liever mailt, stuur me dan via het formulier hieronder wat dagen en tijdstippen waarop u kunt en dan bel ik gewoon op wanneer we een afspraak. Een gesprek is gratis en voor u en mij vrijblijvend. We zijn niet meteen getrouwd. Als het niks voor u is, zeg ik het eerlijk.

Het kost dus alleen een beetje tijd en dat weet u meer. Doen?

Vragen staat vrij

Laten we telefonisch kennismaken en samen overleggen of het een goed idee is. Dan horen we elkaars stem, en dat is gemakkelijker en gezelliger dan de hele tijd mailen. Doen? Vul het formuliertje  hieronder in: dan hebben we een telefoon-afspraakje. Ja, in het nette, bedoel ik.

"*" geeft vereiste velden aan

Naam*

Ik wil graag beginnen maar ik voel dat er in de familie weerstand is.2023-11-27T12:02:07+02:00

Dat snap ik. Als er in mijn familie iemand begon te schrijven, zou ik ook onrustig worden. Dus, kalm aan. Praat met anderen. Laat ze wennen. En vraag 1-2 personen om in vertrouwen mee te lezen, als u straks gaat schrijven.

Ik voel al jaren dat het op mijn pad ligt om dit te doen, maar ik kom er niet toe.2023-11-27T12:02:45+02:00

Dat is een kwestie van tijd en prioriteit.
U kunt het best nog 20 jaar uitstellen.
Of langer.
En u weet: van uitstel komt afstel.

Moet ik dan ook over de geschiedenis schrijven?2023-11-27T12:03:05+02:00

Jawel, want uw familie leefde in de tijd van toen. Er zijn volop jongeren die zich geen voorstelling kunnen maken van een leven zonder internet. Dat alleen al. Maar u geeft alleen historische informatie waarmee lezers uw familie beter leert te begrijpen. Dus u hoeft niet de hele VOC te behandelen.

Het lijkt me zoiets groots, ik weet niet of ik het kan.2023-11-27T12:03:21+02:00

Mijn advies: hak het grote in kleine stukjes. Denk in familieleden, een voor een, wie ze waren, hoe ze waren, dat houdt het overzichtelijk.

Help je me ook met onderzoek in archieven?2023-11-27T12:03:42+02:00

Jawel, dat wil zeggen: ik geef tips en adviezen waar informatie zou kunnen liggen. Als ik juist dan ook op die locatie ben, wil ik best een extra foto van een archiefstuk maken. Maar het uitgangspunt is dat u uw eigen onderzoek doet. Dat kan superspannend zijn. En: veel staat online. Dus dat scheelt al.

Hoe lang doe ik over het schrijven van een familiegeschiedenis?2023-11-27T12:03:56+02:00

Als u iets van 750 pagina’s wilt schrijven, best lang. Maar ga uit van circa 200 pagina’s, 10 hoofdstukken, 5 afbeeldingen per hoofdstuk dan gaat het om 150 pagina’s. Hier doet u gemiddeld een jaar over, met regelmatig werken.

Kan ik het ook samen met een ander familielid doen?2023-11-27T12:04:12+02:00

Natuurlijk. Alleen als u zeker weet dat het blijvend in harmonie gaat. Anders adviseer ik: neem elk een aantal hoofdstukken voor uw rekening en zet daar uw naam onder. Dan hoeft u het niet met elkaar eens te zijn, maar u vult elkaar dan juist aan.

Wie zit er nou op mijn verhaal te wachten? In de familie is geen belangstelling.2023-11-27T12:04:29+02:00

Wie? Nou, ik. En als het familieverhaal er is, begint en groeit die belangstelling. Mensen worden nieuwsgierig.

Er zijn familiegeheimen, wat moet ik ermee?2023-11-27T12:04:47+02:00

Zorgvuldig opschrijven. Eerst voor uzelf. Dan erover nadenken: voor wie is dit belangrijk, en is dit over 50 jaar nog zo? Misschien kunt u een speciale notaris-versie maken: “te openen na 50 jaar”. Dan kan het.

Cursisten die u voorgingen

Vragen over de familiegeschiedenis

“Ik zat met vragen over de familiegeschiedenis. Ik had niemand met wie ik daarover kon praten en die me antwoord op de vragen zou kunnen geven. Ik had al vaker het idee om eens op te schrijven wat ik wel wist en of dat een geheel zou vormen. Ik had een kort verhaal geschreven en dat vroeg gewoon om een vervolg of aanvulling, maar hoe doe je dat in je eentje? Bij toeval kwam ik bij de indische schrijfcursus. Als er nu een vraag opkomt zeg ik tegen mezelf: dat staat toch duidelijk en helder verwoord in mijn boek En dan is het weer rustig in mijn denkhoofd. Ik schreef je al eerder dat ik het zo’n wonder vond dat wat je in de lessen beschreef en vertelde (uit eigen ervaring) zo precies aansloot bij mijn stappen in schrijven en denken. Dus wat dat betreft ben ik niet de doorsnee schrijf- leerling. En hoe dat tot stand gekomen is, weet ik – nog – niet. Wel weet ik dat ik al jaren in mijn hoofd een soort rommelig boek had zitten. Wat ik wel moeilijk vond was de fase van afstand nemen, terwijl ik wist dat er nog iets komen moest. Ik heb dat braaf, maar met tegenzin gedaan en tot mijn verbazing kwam toen het beslissende hoofdstuk uit mijn computer rollen. Daar ben ik nog steeds verbaasd en verheugd over. Lezen over de geschiedenis, onder andere in oude nummers van Moesson, is voor mij ook erg stimulerend geweest. Het moeilijkste vond ik het voorbereiden van mijn levensverhaal voor publicatie, wat de beste keus is: publiceren of in eigen beheer uitgeven en alle ellende die er dan bij komt, het teruglezen van de inhoud, één, twee, drie keer…dat valt niet echt mee…zeker als je toch alles erg allenig moet doen. Ik zal het nog eens moeten controleren, en dat zie ik niet meer zitten. Gelukkig heeft mijn neef dat aangeboden! Wel vond ik het een steun dat ik wist dat ik je kon lastigvallen met mijn vragen. Ook na het beëindigen van de officiële cursus.”

Eline Vis

Praktisch en eerlijk

“De afgelopen tijd heb ik gedurende ongeveer drie maanden coaching gehad van Vilan bij het schrijven van het levensverhaal van mijn ouders in Indië en in Nederland. Ik had mijzelf een fikse opdracht gegeven door zowel 350 overgeleverde brieven als interviews met mijn broers en zussen, informatie uit archieven en achtergrondliteratuur tot één geheel te vormen. Al snel kreeg ik het gevoel: hier heb ik hulp bij nodig, want het moet ook nog een verhaal worden dat prettig leesbaar is en waar een zekere spanning in zit. De praktische en eerlijke lessen van Vilan zijn me daarbij behulpzaam geweest. Ze adviseerde vooraf structuur aan te brengen in de levensloop van mijn ouders, maar vooral benadrukte ze om vanuit het perspectief van mijn ouders te schrijven. Wat deden ze, hoe zag hun dagelijkse leven eruit, wat voor gevoelens moeten hun dramatische ervaringen in Indië bij hen teweeg hebben gebracht? En, zei ze: zorg ervoor dat de lezer je begrijpt, verplaats je in de argeloze lezer. Je bent je als beginnend schrijver er niet altijd bewust van dat de lezer niet de achtergrondkennis heeft die jíj hebt. Neem de lezer mee in je verhaal dat een logisch tijdsverloop dient te hebben en leg (Indische) woorden, begrippen of gewoontes uit. Het eerste deel van mijn verhaal heb ik wel vijf keer bijgesteld, nu moet het vervolg nog komen. Ik hoop dat wat sneller te kunnen schrijven dan tot nu toe met de adviezen die ik nu heb. Mocht ik vastlopen, dan kan ik weer een beroep doen op Vilans deskundigheid, waarbij ze overigens steeds aangeeft dat haar adviezen het eigene van mijn verhaal niet in de weg mogen staan.”

Marijke Roukens

Ga naar de bovenkant