vilan@

Over Vilan van de Loo

Deze auteur heeft nog geen informatie verstrekt.
So far Vilan van de Loo has created 442 blog entries.

Wat een medium mij vertelde

Foto: Ohannes Kurkdjian( KITLV 44398)

Met een medium is het zo, dat je pas na het consult weet of je er iets aan had. Eens was ik op consult bij een medium en haast terloops vertelde ze me dat mijn overleden grootmoeder bij mij thuis op de bank zat.

Dat had ik niet verwacht. En ook al niet gemerkt. Want al voel ik soms iets – u weet wat ik bedoel –  Oma had ik niet waargenomen. Thuis keek ik toch anders naar de bank. Ik ging veiligheidshalve in een stoel zitten. En ik belde mijn moeder.

Groepsziel

Eerst even wat achtergrond. Het bezoek aan het medium had twee redenen. De eerste was, dat ik verdriet had over mijn huiskater die naar de hemel was vertrokken en ik wilde weten, waar is hij nu. En ook of er contact mogelijk was, want ik dacht, dat doet een medium dus. De tweede was praktischer, ik werkte aan een boek en dacht zouden er ergens geheime brieven liggen. Aan die vraag kwamen we niet meer toe.

Het medium vertelde me over het fenomeen van de groepsziel, zoals een zwerm vogels een zwerm is waarin toch elke vogel een uniek iemand is. Zo was het ook met de poezen in de groepsziel en desgevraagd zei ze grootmoedig dat ik misschien ook wel in de groepsziel mocht. Daar hoop ik nog steeds op. Want dan zie ik iedereen weer terug, de dieren waar ik zo veel van heb gehouden en nog hou. Terug naar de vraag.

Waar is hij nu.
Nog niet helemaal in de groepsziel, hoorde ik. Wel op schoot bij oma, die bij mij thuis op de bank zat. Oma was ook al dood. Maar niet in de groepsziel.

Aan de telefoon vertelde mijn moeder dat Oma het eerste poezevrouwtje in de familie was geweest.  Ze had een grote witte kater, die Poes heette. Toen Oma verkering kreeg met Opa, verhuisde ze een paar provincies verderop en Poes mocht niet mee. Daarna is er nooit een ander geweest.

Het stemde me tevreden, dit verhaal. Mijn kater had een goede schoot gevonden en Oma kon vast nog goed aaien.

Bezoeken

In de loop der jaren heb ik best veel helderzienden en mediums bezocht, en vrijwel elke keer had ik er iets aan, al was het niet altijd leuk:

  • Een helderziende zei eens over mijn toenmalige vaste verkering: “Kind, als jullie trouwen, is dat een nationale ramp.” Ik raakte zo overstuur dat ik met de verkering een gesprek begon over de toekomst en lang verhaal kort, dat maakte zoveel los, dat die toekomst er al vlug niet meer was. Snel erna dacht ik, ja de helderziende had gelijk.
  • Klassiek geval van liefdesverdriet met de vraag: “Komt hij bij me terug?” Ik weer naar een helderziende, een lieve vrouw met een roze interieur. Ze zei dat ik 30 dagen lang elke avond een kaars moest branden en dan, daarin kijkend, positieve energie moest maken door te beseffen waarvoor ik dankbaar was. Dat zou hem terughalen. Dus ik begon diezelfde avond. En wat gebeurt er? Binnen twee weken was ik zo opgeknapt, dat ik wist die vent hoef ik niet terug.
  • Een ernstige man aan wie ik alles eerlijk kon zeggen. Hij gebruikte tarotkaarten en de pendule en wat hij zei, kwam uit. Destijds dacht ik nog over kinderen en hij wist beslist: hij zag geen kind in mijn toekomst. Correct.
  • In Soerabaja, een net-geen-kampong, een Chinese man. Hij las de hand en kende de betekenis van cijfers. Hier was de taal lastig,  er was een tolk, maar ik weet niet zeker of ik alles goed heb begrepen. Wat ik wel hoorde, kwam niet uit- hij gaf een tijdlijn, wat ik ongewoon vond.

Een goede helderziende vinden is moeilijk. Ik weet niet of het elke keer ‘werkt’, misschien komt er van gene zijde ook een weigering als het niet goed is, om wat voor reden dan ook. Zelf voel ik dat ik niet voor elk en ieder wissewasje aan de deur mag laten kloppen.

Brieven

Na dit consult met het medium dacht ik weer meer aan mijn grootmoeder. Ik schreef haar brieven en zij mij ook, in een echt oma-handschrift. Als ik ze nu lees, is het net of ze meer van me wilde dan ik gaf. Ze gaat in op alles wat ik zeg en vertelt er wat extra’s bij. Het lijkt of ze me laat zien: kijk eens wat ik allemaal weet, je hoeft het alleen maar te vragen. Maar ik kende de vragen toen nog niet. En mijn moeder is haar dochter, dus dat is ook weer een andere positie om herinneringen door te geven. Plus, ik heb andere vragen. Naar een medium ga ik hiervoor niet, misschien is het hard maar ik denk: de kans die ik kreeg van Oma, heb ik niet gebruikt.

Praat met mij
Als u over familie in de oude Indische tijd schrijft, dan hoort daar ook kennis van de historie bij. Zo wordt uw verhaal beter en interessanter om te lezen. Werkt u aan een levensverhaal? Praat met mij:

  • voor vrijblijvend advies over historische bronnen, zodat u meer informatie vindt
  • over de opzet van uw project, zodat u het meteen goed aanpakt, dat scheelt enorm veel tijd en hoofdpijn
  • maak een afspraak voor telefonisch overleg via mijn digitale kalender: klik hier en kijk hoe dat gaat.

Wanneer er een nieuw artikel verschijnt, mail ik een berichtje aan degenen die zich hebben ingeschreven. Dan hoeft u niet te zoeken. Inschrijven kan door op het plaatje te klikken. Dan krijgt u meteen een ebook cadeau: Hoe begin ik? 5 gouden tips waarmee het altijd lukt

gratis ebook

Stoomcursus LIVE: van plan naar uitvoering (workshop)

Stoomcursus LIVE: online workshop. Voor iedereen met een verhaal in de pen dat nog altijd niet op papier staat.

U denkt er vaak aan. Elke dag. Maar daarmee schiet het niet op.
U kunt hele avonden lezen, heerlijk. Maar heeft u daarna een pagina geschreven?
U bent de aangewezen persoon voor dit verhaal. Maar het komt er niet van.
En van uitstel kan afstel komen, en dan gaat er iets moois voor altijd verloren.

Het is alweer maart, volgende maand gaat het buitenzwembad open, de zomer is onderweg, u weet zelf hoe snel het leven gaat. Als u geen tijd maakt om te gaan schrijven, dan zal er nooit tijd zijn om te schrijven.

Wat u nodig heeft, is een plan.
En weten hoe u dat plan kunt uitvoeren.
Uw project wordt dan gemakkelijker, u schrijft sneller en daardoor met meer plezier.
Als u maar weet: hoe.

Daar kom ik bij helpen.
Bij dat hoe-doe-ik-het.

Bij deze

Bij deze bied ik u aan: het hoe.
Dat doe ik in een workshop van twee delen waar de stoom vanaf vliegt, daarom heet het de Stoomcursus.  Het Live is wegens ik ben er dan live bij. De workshop bestaat uit twee delen:

  • Dag 1 Het Plan
  • Dag 2 De Uitvoering

Het is gratis, voordat u het vraagt.
En online, dus u hoeft nergens heen.

Doe mee

Dit jaar werk ik aan mijn biografie van de generaal Van der Heijden. Pittig. Lange uren. Maar ik heb mijn boekcontract ondertekend waarin staat dat ik het inlever op 1 september, jazeker, van dit jaar.
Dus ik zit er middenin, bedoel ik te zeggen, in het plan en de uitvoering. Daarover, en over het tot stand komen van mijn vorige boeken, ga ik ook iets vertellen. Dan hoeft u het wiel niet opnieuw uit te vinden, want mijn ervaring kan u van nut zijn.
Elke keer als ik denk, hoe moet iets, dan kijk ik naar degenen die het als het ware voordoen. O, moet het zo, ontdek ik. Leren van de ervaring van anderen, dat is het beste.
Dat is voor u straks de Stoomcursus LIVE.
Ik vertel het hoe van mijn schrijfprojecten. Daarna kunt u aan de slag.
Als u al langer dacht van ik moet toch eens wat opschrijven, dan kan deze stoomworkshop uw startpunt zijn.

Vraag: Wat gaat u leren?
Antwoord: Hoe u in drie tot zes maanden uw verhaal op papier zet (en dat is snel)

Dag 1: Het Plan
Zomaar gaan zitten schrijven is vragen om teleurstellingen. Het gaat even goed en dan weet u niet meer hoe u verder moet. Dan komt er weer niks van terecht.
Een plan houdt u op koers.
En dan vooral een plan van aanpak. Ik leg uit hoe u begint, hoe u structuur aanbrengt, hoe u tot schrijven komt en aan het schrijven blijft, wat te doen als familieleden u onder druk gaan zetten en of u ja dan nee naar de archieven moet.
U gaat ook keren hoe u moet beslissen wanneer het af moet zijn en hoe u dat voor elkaar krijgt. Ik bespreek met u welke mogelijkheden er zijn om er een boek van te maken, van iets alleen voor de familie tot en met uitgeven bij een echte uitgeverij.
Dus u leert een plan te maken waarmee u uw verhaal op papier kunt zetten. Het plan laat u zien: zo kunt u het realiseren (en dat gaat u doen ook).

Voorbereiding: neem een besluit over welk verhaal u wilt schrijven. De familiegeschiedenis? Allright. Maar dan niet ook uw eigen levensverhaal. Dat is er een deel van. Een biografie van uw moeder of grootvader? Prima. U heeft een besluit genomen als u deze zin kunt afmaken: Ik wil het verhaal op papier zetten van…

Dag 2: De Uitvoering
Een plan bewijst zijn kracht in de uitvoering. Dat komt ten dele aan op uw inzet. En het komt ten dele aan op weten wat u moet doe en daarvoor heeft u wat techniek nodig. Die krijgt u van mij. Techniek en schrijftips, uit mijn eigen praktijk. U leert onder meer:

  •  zo vermengt u historische context met het verhaal zelf (zonder dat u geschiedenisles geeft)
  • zo houdt u het verhaal interessant en boeiend voor lezers (anders is het een saai opstel)
  •  zo schrijft u gemakkelijk en met plezier (het mag ook leuk voor u zijn)

Voorbereiding: kijk in uw binnenste zelf en voel waar uw weerstand zit, uw onzekerheid, uw twijfel over het schrijven zelf. Daar zit een belangrijk obstakel dat weggenomen moet worden. Want dan schrijft u gemakkelijker. Maak dan de volgende zin af: Ik wil het liefste schrijftips hebben over …

Mijn keuken
Het is een kijkje in mijn keuken. Figuurlijk dan, hè. Want ik ben geen keukenprinses. Mijn beste gerecht is broccoli uit water en het recept is: zacht= klaar. Dan neem ik wat appelmoes en ziezo, de voedzame avondmaaltijd is gereed.
Mijn schrijfkeuken is veel groter en uitgebreider. Logisch. Ik heb nu meer dan 30 boeken geschreven, inclusief een proefschrift, en voor elk boek heb ik steeds een andere aanpak nodig. Daar heb ik plezier in. Moeilijke boeken: heerlijk. Diep in de Indische wereld duiken: genieten.
Dus waar u ook over nadenkt, ik denk graag met u mee.
(En ik schrik niet van emoties)

Hoe gaat zoiets
Stoomcursus LIVE is een workshop in de vorm van een webinar. U bent dan niet in beeld voor de camera, maar u kunt mij wel zien. En in de chat kunt u wat typen, dat maakt het interactief.
Van mijn vorige webinars heb ik geleerd, dat ik meer moet automatiseren. Dus dat ga ik doen. En ik heb van de recente masterclass die ik gaf, geleerd, dat veel mensen in het weekend meer tijd hebben. Ik ga me aanpassen.
Ja, al doende leer ik. Gelukkig wel.

Een goed begin

De afgelopen jaren heb ik ontdekt dat iedereen een eigen ‘waarom’ heeft om te willen schrijven. Waar het altijd op neer komt, is het verlangen om de familie beter te leren kennen. De bonus daarvan is je eigen plaats daarin beter te leren begrijpen. Op wie je lijkt, wie vast van je ha gehouden. Van wie je werkelijk niets weg hebt, of misschien toch wel. Familieverhalen krijgen kleur door ze goed op te schrijven. Het is iets heerlijks om te doen.
En ik zeg eerlijk: doe het dan ook meteen zoals het moet. Dus niet gewoon beginnen en zien waar het schip strandt, want dat gebeurt vrij snel, dat voorspel ik u. En als uw verhaal aan alle kanten rammelt, dan doet u het niet nog een keertje over.
Een goed begin is het halve werk, dat geldt hier ook.

Schrijven is doen

Nu ik weer aan een biografie werk, kijk ik veel te vaak naar buiten. Of ik ga in de keukenkastjes kijken. Of online zoeken naar pyjamas die ik nooit zal kopen.
Uitstelgedrag. Ik herken het bij mezelf. Er kan zo gemakkelijk iets tussen droom en daad komen. Een dag is snel voorbij en hup, dan is het weer avond.
Maar we hebben niet eindeloos de tijd, ik bedoel, u en ik zijn niet onsterfelijk. Ik herinner me nog die ene uitvaart van een geliefde oom, en het geluid van het plofje zand dat op zijn kist viel. Het was voor mij een waarschuwing om goed met mijn dagen om te gaan.
Dat vraag ik ook aan u. En daarmee bedoel ik: als u wilt meedoen aan de workshop, dan wilt u echt aan de slag. En u heeft er zin in. En u bent ook van plan ervan te genieten.
U wilt vooral weten: hoe pak ik het aan?
Daar heeft u straks mij voor.

Is het iets voor u?

  • u heeft al langer een verhaal in uw hoofd en u bent best druk, dus als u snel en goed kunt horen wat u moet doen, helemaal fijn, dit is voor u
  • het is ook voor u wanneer u al een paar keer bent begonnen en weer bent opgehouden omdat het gewoon niet ging dus u heeft nieuwe moed en inspiratie nodig en een beetje meer weten wat u doet en waarom
  • u bent de enige in de familie die van alles weet en dat is nogal een verantwoordelijkheid
  • voor uzelf is het belangrijk om de vorige generaties van de familie (beter) te leren kennen

Voor wie is het niet?

  • u denkt komt tijd komt raad er is altijd een volgende dag
  • u vindt dat u moet maar u heeft geen zin

Dus het is aan u om af te wegen of de workshop Stoomcursus LIVE voor u belangrijk kan zijn. Ik ga in ieder geval mijn best doen en ik hoop dat u erbij wil zijn.

Praktisch

Wat: Stoomcursus LIVE: online workshop
Hoe werkt het: u volgt 1x Het Plan en 1x De uitvoering, maakt niet uit wat-wanneer. Opgeven via het formulier hieronder, dan mail ik u terug.

Weekend-editie
Zaterdag 22 maart 2025: om 0930 uur Het Plan
Zondag 23 maart 2025: om 0930 uur De Uitvoering
Na het weekend
Maandag 24 maart om 0930 uur Het Plan
Dinsdag 25 maart 2025: 0930 uur De Uitvoering

Waar: online, na opgave komt de technische informatie tijdig naar u toe
Kosten: gratis
Tijdsduur: maximaal een uur
Opgeven: via het onderstaande formulier voor nader contact. Ik mail u dan terug en dan weten u en ik het komt in orde. Eventuele vragen kunt u ook inzenden.

De inschrijving is gesloten. 

Ja, ik doe mee met de Stoomcursus LIVE

"*" geeft vereiste velden aan

Naam*
Geef uw voorkeur op: Het Plan op zaterdag en maandag, De Uitvoering op zondag of dinsdag*

Vrouwendag en 5 geweldige Indische vrouwen

Vrouwendag bestaat pas per 1910, dus dat is helemaal niet zo lang geleden. Mensen hadden al telefoon. Er reden trams. Ook auto’s. Indië werd moderner. Dat gold óók voor vrouwen.

Vrouwendag

Dus ik kijken in de oude Indische kranten, naar wat er dan in Indië gebeurde. Nou… niet heel veel. Vrouwendag werd vooral gezien als een hobby van de socialisten, zeg ik even kort door de bocht. Of als een dag waar vrouwen met een gezin thuis de baas mochten zijn.
Jawel, voor een hele dag.
In 1912 vergaderde te Bandoeng een vrouwenvereniging over het fenomeen vrouwendag, waarna besloten werd om in september of oktober een toneelstukje op te laten voeren, met voordrachten en een dansfeest.

Dus ik dacht, straks is het weer 8 maart, internationale vrouwendag. Een mooie dag om te denken aan 5 geweldige Indische vrouwen, die elk op een eigen manier een stempel drukte op Indië.

1 Melati van Java (1853-1927)
de eerste Indische bestseller-auteur

Marie Sloot heette zij. Op de golf van de katholieke emancipatie kwam zij in de aandacht, eerst met katholieke romans, daarna met Indische romans. Ze behoorde tot de eerste groep vrouwen die lid mochten worden van het tot-dan mannengezelfschap van de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde. Voorzover bekend was ze de eerste Indische vrouw.
Haar Indische romans bleven lang in omloop, 25 jaar was geen uitzondering. Dat had vermoedelijk ook te maken met dat bijzondere, wat in de marges van het hoofdverhaal gebeurde. In die marge onderhielden vrouwen een innige relatie met elkaar. Romantisch. Daarbij was vrijwel elke Indische vrouw in de roman een rolmodel: beeldschoon, intelligent, zelfstandig, vaak ook belezen. Dus niks alleen sensueel, zoals in de herenromannetjes nogal eens voorkwam. Dankzij de romans van Melati van Java ontdekten generaties lezers en lezeressen de kracht en macht van Indische vrouwen.
Lees haar romans hier: http://www.leestrommel.nl/letter_j.html  Tip: begin met De Jonkvrouwe van Groenerode (1874) met in de hoofdrol… inderdaad. Klik hier en lees deze roman. 
http://www.leestrommel.nl/jonkvrouwe/index.html

2 Marie van Oord (1886- 1970)
de laatste grote Stamboel actrice

Eens leidde Marie Oord haar eigen ‘Indo Comedie-Vereeniging „De Eendracht”’ en heel Indië wist wie zij was. Zij was de laatste grote van de Komedie Stamboel, het muzikale volkstheater met inhoud.
Marie Oord schreef en bewerkte stukken, trad op als eerste actrice, ontwierp kostuums en leidde toneel,-en muziekgroepen. Dat je zegt: ze deed bijna alles.
Ze moet een geweldige vrouw zijn geweest: artistiek, doortastend, gevoelig en vooral met een hart voor de Indische jongere generatie. Die nam ze onder haar hoede. Daar kunnen wij een voorbeeld aan nemen.
Klik hier en lees het artikel op de Indische Schrijfschool (of kopie en plak de link https://www.indischeschrijfschool.nl/marie-oord-de-laatste-grote-van-de-komedie-stamboel/ )

 

3 De-lilah (1862-1906)
schreef over de verborgen wereld van de Indo

De-Lilah (Lucy van Rennese) was ontdekkingsreizigster, hotelhoudster, correpondente te Japan voor de Indische kranten en bij dit alles ook nog eens de schrijfster van een meeslepend oeuvre over de Indische wereld die dichter bij de kampong stond dan bij de kerk.
In de verhalenbundel Een Indisch dozijntje (1898) beschrijft ze juist die wereld, vol mensen die zich op een eigen manier moeten zien te handhaven. Prachtig is het verhaal ‘schuldig door onschuld’.
Hugo Alvina is winkelbediende in een toko van Lodewijk Belkamp. Zijn Javaanse moeder (Mook Isa) heeft een klein pensioen en verkoopt zelfgemaakte djamoe-djamoe. Hugo’s baas is verliefd op de verloofde van Hugo, en zorgt ervoor dat hij is discrediet raakt. Maar dan treedt zijn moeder op, en daar heeft Hugo zo zijn gevoelens over. Alles verloopt op de manier van de moeder, en daar leren wij nu veel van.
Klik hier en lees het verhaal in de Leestrommel (of kopie en plak de link: http://leestrommel.nl/dozijntje/pagina7a.html )

 

3 Marietje van Oordt (1897-1974)
de mooiste oplichtster van Indië

In ‘Niemand zorgde voor mijn ziel (2013) tekende Gerard Termorshuizen een biografisch portret van Marietje en haar talent om mannen op zich verliefd te maken, inclusief de heren journalisten. Een enkele blik, een zweem van een glimlach, een tragisch verhaal en Marietje had de situatie volledig onder controle. Evenzogoed bewijst haar levensverhaal dat niet alle vrouwen lief en aardig waren; crimineel konden ze ook zijn.
Indië genoot van de persaandacht die Marietje ten deel viel, haar processen werden druk bezocht.
Maar de oorlog bracht ook haar veel ellende. Later vestigde ze zich in Singapore, waar ze overleed. Het is hoog tijd, dat dit uitzonderlijke leven eens verfilmd wordt.

5 Ems van Soest (1908-1984)
het eerste moderne Indische meisjesboek

In 1930 verscheen De Pauw, het eerste moderne Indische meisjesboek, met in de hoofdrol de economisch zelfstandige Inka van der Beelen. Ze is stenotypiste; het is de tijd van de grote kantoren. Ems wilde graag een boek lezen waarin ze zichzelf kon herkennen: een Indisch meisje op kantoor. Dat boek schreef ze zelf, zei ze later: “Ik nam de typemachine en schreef achter elkaar De Pauw, mijn eerste boek. Ik heb altijd getracht het Indische leven, mijn leven, zo precies mogelijk weer te geven.” Dit boek was het begin van een succesvolle carrière als meisjesboekenschrijfster. Ze beschreef meisjes en jonge vrouwen die zelfstandig konden zijn, die in auto’s reden en zelf over hun toekomst beslisten. Voorbeelden van emancipatie, vooral omdat de vrouwen bij dit alles’vrouwelijk’ bleven. Ook in Nederland was Ems van Soest geliefd; de jonge prinsesjes op Soestdijk lazen haar romans.
Lezen? Bij boekwinkeltjes.nl is haar werk gelukkig nog te koop. Dikke pillen, die heerlijk weglezen. Haar werk voor volwassenen bevat vaak bitter getinte levensvragen.

 

 

Hier houdt het lijstje op.

Ja, dus maar vijf vrouwen, en dat terwijl er nog veel meer vrouwen van belang zijn in het vooroorlogse Indië. Maar u heeft een indruk. En wanneer u denkt: zij of zij hoort er ook bij, reacties onder dit artikel zijn welkom.

Praat met mij
Als u over familie in de oude Indische tijd schrijft, dan hoort daar ook kennis van de historie bij. Zo wordt uw verhaal beter en interessanter om te lezen. Werkt u aan een levensverhaal? Praat met mij:

  • voor vrijblijvend advies over historische bronnen, zodat u meer informatie vindt
  • over de opzet van uw project, zodat u het meteen goed aanpakt, dat scheelt enorm veel tijd en hoofdpijn
  • maak een afspraak voor telefonisch overleg via mijn digitale kalender: klik hier en kijk hoe dat gaat.

Wanneer er een nieuw artikel verschijnt, mail ik een berichtje aan degenen die zich hebben ingeschreven. Dan hoeft u niet te zoeken. Inschrijven kan door op het plaatje te klikken. Dan krijgt u meteen een ebook cadeau: Hoe begin ik? 5 gouden tips waarmee het altijd lukt

gratis ebook

Nooit meer hoesten dankzij mevrouw Kloppenburg

Een jonge mevrouw Kloppenburg, omringd door haar kinderen. Zij draagt rouwkledij, want haar oudste meisje was overleden door een verkeerde diagnose van een westerse arts. Mede daarom bestudeerde mevrouw Kloppenburg planten en kruiden.

Hoesten put de mens uit, dat is nu zo en dat was vroeger ook zo. Wij hebben apotheken en supermarkten vol chemische middelen, maar vroeger, wat moest je?
Zelf wat maken.
Men neme… en dan het recept van vooral een Indische icoon als mevrouw Kloppenburg volgen. Dan ging het over. Dat weet ik van gesprekken over vroegere familieleden, die ik overal kon voeren toen mijn biografie van mevrouw Kloppenburg was verschenen. Plus daarbij een herdruk van haar receptenboek en de bijbehorende platenatlas, met afbeeldingen van de gebruikte planten en kruiden.

Vrieskist

Honderd procent Indisch erfgoed.
Toen een vanzelfsprekendheid, want iedereen wist wat is wat.
En nu?
Jaren geleden keek ik in een diepvrieskist die in Toko Semarang (Den Haag) stond. Ik zag een duisternis met vreemde vormen. En ik wist: wie hierin de weg weet, heeft belangrijke kennis.
Maar ook die toko moderniseerde en of de diepvrieskist er nog staat, durf ik niet te gaan onderzoeken. Dat is omdat ik mijn herinnering wil behouden.

Ik keek in de tweede druk van Indische planten en haar geneeskracht (1907) en vond negen recepten tegen hoest.
Hieronder geef ik ze allemaal. En ik ben benieuwd: kunt u ze maken, zijn alle ingrediënten in Nederland bekend en te koop?
Zelf kom ik niet ver.

Hoest I

Voor hoest is het binnenste van ’t blad van de Lidah Boeaja uitstekend. Men neemt daarvan voor ’t naar bed gaan en ’s morgens ook, een dessertlepel vermengd met stroop. Voor kleine kinderen is een theelepel voldoende.
Tegen hevige hoestbuien zijn jonge bladeren (de poepoes) van de Waroe-Lengis, gekookt met klontjes, verzachtend en lossen de slijm op. Men zegt dat deze bladeren erg verkoelend werken.

Hoest II

De vrucht van de Paré-Weloet wordt gebruikt als middel tegen hoest. Het binnenste deel van de vrucht en een paar korreltjes anijs (adas) worden met klontjes gekookt bij wijze van stroop, echter zonder toevoeging van water en den patiënt ingegeven.

Hoest III

Voor hoest levert de knol van de Widara-oepas, gekookt met klontjes Kandij-suiker, een uitstekend geneesmiddel; eerst wordt de knol geraspt en gezeefd of aan dunnen reepjes gesneden, en verder met klontjes dik gekookt.
Van dezen knol is honderd gram met één ons klontjes gekookt, voldoende voor twee dagen.
Sneller werkt het echter als de knol geraspt is en er wordt dan wat klontjes-stroop bij gevoegd en uitgewrongen door een fijn doekje. Als het gekookt is, kan men het evenwel bewaren, maar rauw gebruikt, helpt het spoediger.

Hoest IV

Mevrouw Kloppenburg op het achtererf van haar huis, Bodjongweg 80 te Semarang. Ooit heb ik daar ook gestaan, uit verlangen dichter bij haar te zijn.

De bladeren van de Djinten of Koetjing, gekookt met een stukje Zoethout, eenige korrels Ketoembar en klontjes-suiker is een hoestdrankje.
Een ander middel tegen den hoest is de Patjé. Men wringt dan per dag drie rijpe vruchten uit en vermengt deze naar smaak met gesmolten Arèn-suiker of kandijklontjes.
Let wel op, dat men om hoestdrankjes te maken, altijd Arèn-suiker gebruikt en geen Goela-teboe of Klappersuiker neemt, alle drie soorten zien er bruin uit, de smaak is evenwel verschillend. Slechts de Arèn-suiker kan men voor geneesmiddel tegen den hoest gebruiken,  de andere soorten verergeren de hoest door dat ze kriebeling in de keel bezorgen.

Hoest V

De Saga-plant is een klimop. De bladeren werken verkoelend en zuiverend, hebben veel weg van Tamarinde bladeren, zijn echter slapper en smaken zoetig net als zoethout. Het zaad gelijkt veel op peulen. Als de zaadpeul droog is, bevinden zich in de peul roode zaadjes met zwarte kopjes. De bladeren van de Saga worden veel tegen hoest gebruikt, daar deze dikwijls ontstaat door hitte in het lichaam.
Men neemt dan een handvol daon Saga, één rood berguitje (brambang goenoeng) drie korrels anijs (adas) en een klein stukje Poelosarie-hout, dit alles wordt met eenige stukjes klontjes-suiker in een Pisang-blad gepakt en gestoomd, een kwartier lang, daarna wordt alles door een fijn doekje gedaan en vóór het kind gaat slapen ingegeven.

Hoest VI

Nog een middel voor hoest bij kleine kinderen is het gebruik van de bloemen van de Rlimbing Woeloeh gemengd met eeuige korrels anijs (adas) en klontjessuiker. Doe een handvol bloemen, een paar anijskorrels en klontjes naar smaak met bijvoeging van een half bitterglaasje water, in een puddingvorm die goed gesloten kan worden. Men moet dat een uur stoomen, dan door een doek gieten en het ’s morgens op de nuchtere maag en ’s avonds vóór het naar bed gaan te drinken
geven.

Hoest VII

Voor hoest bij oud en jong is het volgende uitstekend. Neem het sap van de Djeroek-nipis, Sirih-kalk en een weinig Kajoepoetih-olie, hiermede wordt de borst en rug goed ingewreven. Om den hals doet men een natte, goed uitgewrongen doek en daar overheen een wollen doek of imitatieleer. Dit doet men vóór men naar bed gaat en met dien omslag gaat men slapen. Voor volwassen menschen is flink hard wrijven op borst en rug met Kajoepoetih-olie dikwijls voldoende.
Ook de Poko-blaadjes worden gebruikt tegen kou-vatten; als thee getrokken met klontjes of gekookt met tankwee, dat is gekonfijte chineesche Meloen, is dit een middel tegen hoest, door kou-vatten opgedaan.

Met haar man Herman Kloppenburg. Hij verbood zijn echtgenote geld te verdienen met haar praktijk als kruidengeneeskundige, maar… hij gaf haar wel de ruimte daarvoor.

Hoest VIII

Menschen en kinderen, die een droge hoest hebben, kunnen twee ons Assem-bladeren en twee ons daon Saga en een stukje zoethout van een halve vingerlengte gekookt met drie splitglazen water en tot twee verkookt, drinken als men dorst heeft. Echter dan geen ander water.

Hoest IX (droge)

Voor droge hoest is uitstekend daon Gagan, ongeveer een handvol opkoken met wat klontjes en dit innemen.

Praat met mij
Als u over familie in de oude Indische tijd schrijft, dan hoort daar ook kennis van de historie bij. Zo wordt uw verhaal beter en interessanter om te lezen. Werkt u aan een levensverhaal? Praat met mij:

  • voor vrijblijvend advies over historische bronnen, zodat u meer informatie vindt
  • over de opzet van uw project, zodat u het meteen goed aanpakt, dat scheelt enorm veel tijd en hoofdpijn
  • maak een afspraak voor telefonisch overleg via mijn digitale kalender: klik hier en kijk hoe dat gaat.

Wanneer er een nieuw artikel verschijnt, mail ik een berichtje aan degenen die zich hebben ingeschreven. Dan hoeft u niet te zoeken. Inschrijven kan door op het plaatje te klikken. Dan krijgt u meteen een ebook cadeau: Hoe begin ik? 5 gouden tips waarmee het altijd lukt

gratis ebook

10 problemen opgelost voordat u naar een uitgever gaat (Masterclass)

Boekpresentatie De Atjeh-generaal. Het moment voordat ik het eerste exemplaar overhandig aan commandant Bronbeek kolonel G.A.M.M (Gerard) Van Kuijck.

Voor ik mijn allereerste boek schreef, wist ik van niks. Alleen dat ik het wilde. Ik had een verhaal in mijn hoofd, het moest op papier, er was een organisatie die voor mij een uitgever gevonden.

Ik maakte mezelf bang.

Een scriptie kon ik wel schrijven maar een boek was misschien te hoog gegrepen voor me. Of ik het boeiend kon houden wist ik evenmin. En ik kende geen uitgever, hoe zoiets werkte daar had ik geen idee van. Ook kon ik nu weleens door de mand vallen en dan zou ik veel mensen teleurstellen.
Van die gedachten werd ik gespannen, dus hoofdpijn, buikpijn, noem maar noem maar. Want ik wilde zo graag schrijfster worden, een echt boek bij een echte uitgever hebben.
Spanning? Ik deed of er niets aan de hand was. Mezelf niet laten kennen noemde ik dat.

Nou dan kom je ver. Maar niet heus.

Verandering

  •  ik besefte dat ik alleen maar mensen hoefde te vinden die ik vertrouwde en dan kon ik gewoon mijn vragen stellen, zij hadden immers de ervaring uit de praktijk
  •  ik besloot mezelf de tijd te gunnen om een en ander te leren en daar plezier in te hebben
  •  ik moest helpende gedachten gaan denken zoals: er zijn zoveel mensen die een boek hebben geschreven dus grote kans dat ik het ook kan

En waar ben ik nu?

Ik zeg het als een feit des levens: veel verder. Gepromoveerd, meer dan dertig titels op mijn naam. Meer kennis van zaken. Meer zelfvertrouwen. Want nu denk ik: elk boek heeft eigen problemen en die zijn er om opgelost te worden.
Dus mijn basis staat sterker.
En dat is een wereld van verschil met het eerste boek.

Ik durf een boekenplan te maken. Ik durf hardop te zeggen: dan en dan is het boek er. En ik slaap rustig, zonder gepieker. Dat gun ik u ook.

Gemak dient de mensch

Een eerste boek is het moeilijkste boek, dat was het voor mij en dat is het voor u. Maar ik kan het voor u gemakkelijker maken en dat ga ik doen ook.
Volgende week zaterdag – dus dat is al snel – geef ik een online masterclass over de 10 grootste boekenmaakproblemen die ik in de loop der jaren heb leren oplossen. Dus die hoeft u dan niet zelf meer op te lossen.
Gemak dient de mensch. U heeft na de masterclass kennis van zaken, u kunt betere besluiten nemen en de wereld van schrijven, boeken en uitgevers is voor u een stuk overzichtelijker.
Heerlijk. Geruststellend.

U krijgt daarmee een kijkje in mijn keuken als schrijfster en onderzoekster.

Al volgende week zaterdag?

Yep. Ik kreeg een paar dagen geleden de ingeving om deze masterclass te geven. Want ik kan dan een en ander vertellen aan de hand van mijn recente boek over de Atjeh-generaal Frits van Daalen (Prometheus, 2024). En volgende week zaterdag is het zijn sterfdag, dat was in 1930, dus precies 85 jaar geleden.
Een beetje hormat.
Zodat we aan hem blijven denken.
Al vertel ik ook iets over mijn andere boeken uit en over het Indische leven.

Hier gaat die masterclass over:

1 Waarom kies ik wel voor het ene en niet voor het andere boek om te schrijven?

2 Hoe kom ik aan een uitgever?

3 Wat is een goed boekcontract?

4 Wat verwacht een uitgever van mij?

5 Maken meelezers mijn boek beter?

6 Kan de familie publicatie van mijn boek tegenhouden?

7 Naar een uitgever: wat doet zo iemand wel en niet?

8 Hoe zit het met geld? Kan ik geld verdienen met een boek?

9 Moet ik met mijn boek gaan leuren?
(En: wat is een boekpresentatie?)

10 Hoe moet je met kritiek omgaan?

Voor wie is het:

  • U heeft dat verlangen om een boek te publiceren bij een echte uitgever
  • U wilt weten hoe die wereld in elkaar zit van iemand die er zelf middenin zit
  • U herkent een of meerdere vragen en u heeft zelf wat puzzels
  • U wilt niet naar een uitgever, u maakt een boek voor de familiekring, dan is dit ook behulpzaam

Voor wie is het niet:

  • U heeft alle problemen naar tevredenheid zelf opgelost
  • U denkt al jaren over een boek maar niet serieus
  • U bent Adriaan van Dis

Praktisch

10 problemen opgelost voordat u naar een uitgever gaat (Masterclass)
Boeken uit en over het Indische leven

Zaterdag 22 februari 2025
Aanvang 0930 uur- circa 1030 uur
Online en gratis

Attentie: opgeven kan niet meer

Opgeven via onderstaand formulier:
(dan mail ik u terug)

Vertel me meer, ik wil ook naar een uitgever

"*" geeft vereiste velden aan

Naam*

Krankzinnig in Indië, arme mevrouw B.

Hotel Bellevue te Buitenzorg circa 1915 (KITLV 90246)

Stel, je bent een Europese vrouw en ze zeggen dat je krankzinnig bent en dat je naar een inrichting moet, wie weet voor altijd.
En stel nou eens, je bent niet krankzinnig. In een oude Indische krant uit 1912 las ik over het drama van mevrouw B., afkomstig uit Batavia, logerend in het deftige Hotel Bellevue te Buitenzorg. Drie weken logeert ze er al, na een vierdaags verblijf in het gesticht. Heerlijk, om daar bij te komen.

Klikspaan

Het verhaal gaat verder. Mevrouw B. laat zich sherry en alcohol brengen. Mocht niet van het gesticht en iemand klikt. Zulke mensen heb je overal.
De geneesheer van het gesticht, dr. Schülein, begeeft zich naar het hotel, en daar ontspoort het, schrijft de Nieuwe Vorstenlanden:

  • Hij begaf zich naar de kamer van Mevrouw B., verzocht haar mede te gaan naar het gesticht en speelde vreeselijk tegen haar op tot grooten last van de hotelgasten.
  • „Je moet opgesloten worden en je moet mee, anders zullen we geweld gebruiken”, zeide hij.
  • De gérant moest tusschen beiden komen, toen de dokter de vrouw bedreigde, haar te zullen vastbinden.
  • Daarop dreigde de dokter haar te zullen injecteeren.
  • Tegen 7 uur kwam de huurauto, waarin de vrouw naar het gesticht zou vervoerd worden. De bedreigingen werden nog scherper, de verontwaardiging der gasten steeg.
  • De vrouw smeekte te mogen blijven, ze zou kalm zijn, niets drinken, ze zwoer het op het graf harer ouders. Eindelijk vroeg ze zich te mogen verkleeden, ze was in sarong en kimono. Dit werd toegestaan. De deur werd gesloten.
  • De dokter, de Heer G, de gérant en een paar gasten bleven voor.
  • Toen hoorden ze een slag aan de andere zijde van het gebouw, de vrouw was uit het venster gesprongen.
  • Groote consternatie, men ging zoeken, eerst naar het beneden ’t hotel liggende zwembad, doch de gérant zei dat ze daar niet kon zijn, daar het bad gesloten was.
  • Mevrouw B. was gevlucht door den gang naast het hotel, den grooten weg op.
  • Daar zag ze een sado en [ze] reed naar den assistent-resident om bescherming te zoeken, daar werd ze in de auto gewerkt; de verhuurder van de auto was zoo verontwaardigd over de wijze waarop tegen de vrouw was opgetreden, dat hij uitstapte en weigerde te chauffeeren.

Mevrouw B. wilde niet, maar ze moest, het ging met geweld.
Misschien wist mevrouw B. wat haar te wachten stond.
Kassian, arme mevrouw.

Boeloe

In het vooroorlogse Indië krijgt een Europese vrouw eerder de diagnose krankzinnig dan het stempel van crimineel.
Toen was dat logisch.
Een Europese vrouw gold als innerlijk hoogstaand, beschaafd, iemand met een goede invloed, als vanzelf geschikt om een goede moeder te worden. Dus als ze daarvan afwijkend gedrag vertoonde, had ze eerder zorg nodig dan gevangenisstraf.
Een vrouwelijke misdadiger, Europees welteverstaan, dat kwam officieel zo weinig voor dat er lang niet eens serieuze gevangenissen voor haar waren. In de tweede helft van de negentiende eeuw werd in Semarang de centrale vrouwengevangenis Boeloe; voor de inheemse bevolkingsgroep. In 1911 kwam er een apart gebouw dat plaats bood aan vijf Europese vrouwelijke gevangenen. Zo lief en onschuldig waren Europese vrouwen, dat vijf plaatsen genoeg was. (Gelooft u het?)

Prestige

Een krankzinnige vrouw, en zij die zo beschouwd werd, was een belastende aanwezigheid: voor het Europees prestige en voor de familie. Het beste was dan ook, haar uit de samenleving te verwijderen:

  • bijvoorbeeld door haar op te sturen naar familie in Nederland
  • er waren altijd wel huizen die tegen betaling zorg verleende; eigenlijk een soort huiselijke gevangenis maar zo heette dat natuurlijk nooit
  • er waren plaatsen in sanatoria, zoals Tosari, met verschillende gradaties van strengheid in de verpleging
  • en dan waren er de krankzinnigengestichten

Die gestichten fascineren me. Ze zijn een schaduwwereld van de Europese koloniale maatschappij.

Nuttig werk

Bataviaasch nieuwsblad, 27 juli 1912.

Het gesticht te Buitenzorg, waar mevrouw B. heen moest, was in 1882 geopend. In het Koloniaal verslag lees ik:

  • Het personeel van het Buitenzorgsche gesticht bestond op 31 December 1882 – toen het getal patiënten door de opneming van nieuwe lijders (na aftrekking van de ontslagenen en overledenen) geklommen was tot 93 (waaronder 19 Europeanen),
  • — uit 2 geneesheeren, 1 huismeester, 1 opzichter van de mannen-afdeeling, 1 idem van de landbouw-kolonie, tevens adsistent bij de mannenafdeeling, 1 opzichteres van de vrouwen-afdeeling, 1 machinist tevens smidsbaas, 2 klerken, 15 Europeesche mannelijke en 4 Europeesche vrouwelijke bedienden en
  • eindelijk 40 mannelijke en 10 vrouwelijke inlandsche bedienden.

Die landbouw-kolonie was een werkverschaffingsproject, alleen bestemd voor, zoals het Koloniaal Verslag dat formuleerde: ‘rustige en niet gevaarlijke inlandsche patiënten.’ Die mochten schoffelen. Dat wil zeggen, de mannen. En niet voor de ontspanning, het Koloniaal Verslag van 1893 noteert de opbrengst: ’62 000 K.G. padi en 1402 K.G. Liberia-koffie’.
De vrouwen werden huishoudelijk beziggehouden. Ook nuttig.

Tien jaar later signaleerde het Koloniaal verslag gebrek aan plaatsruimte:

  • Ofschoon reeds 12 Europeesche vrouwen en 2 mannen, allen van de 3de klasse, in het centrale gesticht te Buitenzorg boven de formatie waren opgenomen, moesten nog 3 Europeesche lijders der 3de klasse, in afwachting van opneming, in een gewoon ziekengesticht verpleegd worden.
  • Voor Europeesche vrouwen kon geen plaats meer worden gemaakt.

Dat je meteen denkt: wat is er aan de hand, neemt de krankzinnigheid zo toe? Even wat cijfers, weer een stapje verder in de tijd. In 1900 zaten er in dit ‘centraalgesticht’:

136 Europeanen mannen
46 Europeanen vrouw
157 Inlanders mannen
108 Inlanders vrouwen
26 Vreemde oosterlingen mannen
13 Vreemde oosterlingen vrouwen

Veel mannen. En dan die opmerkelijke minderheid van Europese vrouwen.

Diagnose

Ik vroeg me af wat de diagnoses uit die tijd waren en iets daarvan vond ik in Het tweede verslag over over het Gouvernements krankzinnigengesticht te Lawang, van 1906 tot en met 1912. Dat was het tweede gesticht, geopend in 1902.
In 1912 zijn er 10 Indo-Europese vrouwen opgenomen, naast een Japanse. De meest gestelde diagnose is dan amentia, dat is zinneloosheid, waanzin. De diagnose is gesteld bij deze groep vrouwen ‘zonder beroep’, ze waren waarschijnlijk echtgenote en/of moeder. Of ongetrouwd. Tweede diagnose Insania Hysterica, en ook hier weer: vrouwen zonder beroep. Daar zit het misschien in.
Afhankelijke vrouwen dus, van hun echtgenoot of de familie.
Vrouwen die misschien zelf wat van hun leven wilde maken, goedschiks of kwaadschiks, en dat kan goed gaan en helaas ook verkeerd, zoals ik vermoed dat het geval was met deze onbekende mevrouw B. die dacht heerlijk uit logeren te gaan in het deftige hotel Bellevue te Buitenzorg, een een glaasje te drinken. En weer voel ik, kassian, arme mevrouw.

Praat met mij
Als u over familie in de oude Indische tijd schrijft, dan hoort daar ook kennis van de historie bij. Zo wordt uw verhaal beter en interessanter om te lezen. Werkt u aan een levensverhaal? Praat met mij:

  • voor vrijblijvend advies over historische bronnen, zodat u meer informatie vindt
  • over de opzet van uw project, zodat u het meteen goed aanpakt, dat scheelt enorm veel tijd en hoofdpijn
  • maak een afspraak voor telefonisch overleg via mijn digitale kalender: klik hier en kijk hoe dat gaat.

Wanneer er een nieuw artikel verschijnt, mail ik een berichtje aan degenen die zich hebben ingeschreven. Dan hoeft u niet te zoeken. Inschrijven kan door op het plaatje te klikken. Dan krijgt u meteen een ebook cadeau: Hoe begin ik? 5 gouden tips waarmee het altijd lukt

gratis ebook

Hoort Jappenhaat bij de Indische cultuur?

Een matroos die de vlootplannen van Colijn en Rambonnet symboliseert, beschermt Nederlands-Indië tegen China en Japan, circa 1913-1918 (KITLV 46429).

Wat Jappenhaat was, begreep ik bij mijn bezoek aan bij Leo van Maarseveen, toen 84 jaar. Jaren geleden. Soms blijft iets je lang bij, en dat was deze ontmoeting.

Onverzoenlijk

Oom Leo gaf mij een les zelfverdediging waarin hij de aanvaller was. Ik verloor.

Ik was bij hem om kennis te maken. Het was een voorgesprek, want ik mocht hem interviewen op de Tong Tong Fair, over zijn boek  Pukul Terus, blijven vechten. Het levensverhaal van een gewone Indische jongen (2009).
Hij vertelde over de oorlog, over de kampen en dat hij demonsteerde voor de Japanse ambassade met de anderen van de Stichting Japanse Ereschulden (JES). Ook dat hij niks van Japanse makelijk in huis duldde. Liever ook niet bij de kinderen. Japanners bestonden niet voor hem. Hij kende alleen de Jap.
Dus ik vroeg wat ik daarna in een bomvol theater zou vragen: “Maar er zijn toch ook goede Japanners?”
Leo liet een stilte vallen.
Iedereen in het theater voelde: een beladen vraag.
Ik wachtte.
En Leo zei slepend: “Oooo… jaaaa… hoor…”
Weer een stilte, wij wisten allen: nu komt het.
“… tien meter onder de grond.”
Vrijwel iedereen in de zaal lachte: we begrepen hem. Want we kenden allemaal wel iemand die dat ook had, die scherpe onverzoenlijke Jappenhaat. Het was, nou ja, een gewoon fenomeen.
Dat is nu 16 jaar geleden.

Japanner

Nu hoor ik vaak van de Tweede Generatie dat ze zoiets met zich meedragen. Ze herkennen een Japanner op twaalf meter afstand, feilloos, met een alert gevoel, terwijl anderen het verschil niet eens zien tussen Japans en Chinees. Kopen ze iets dat Made In Japan is, dan zijn ze zich daar zeer bewust van. Zo is er meer. Soms is het te veel.
Maar hoe kom je los van zoiets, terwijl het toch je vader is, of je moeder?
En wat krijgen je eigen kinderen daarvan mee?

Voor de oorlog waren er Japanners in Indië. Niet zo veel als Chinezen, maar toch, ze waren er. Niet een heel gemakkelijke tijd. Zeker vanaf 1904 ontwikkelde Japan zich tot militaire grootmacht en de dreiging die van het land uitging, wierp een schaduw over de Japanse inwoners van Indië. Ze werden snel verdacht van spionage. In mijn biografie van de Atjeh-generaal Van Daalen schrijf ik ook over hoe hij als KNIL-commandant brieven die hij uit Japan ontving, en hoe hij aan de regering in Nederland meer geld voor de defensie van Indië vroeg. Tevergeefs. Dat moest op een koopje.
Toen kwamen de Japanners.

Verzoening

De schrijfster Hélène Weski (1914-2006) vertelde me ook eens over de oorlog. En over de Bersiap. Toen ze met haar beschaafde damesstem sprak over ‘de hel van Soerabaja’ durfde ik niets meer te vragen. Ik dronk de thee die te sterk voor me was en at de fondantbonbons waar ik misselijk van werd. Om die verschrikkelijke uitdrukking, en omdat ik daar toen geen raad mee wist.
En toch was juist zij het die iets van verzoening leek te zoeken. In de verhalenbundel De mensen noemen het liefde ( 1982) voert ze een Japanner op als medemens, terugkijken op het verleden. Kan iets voorbij gaan, of blijft het altijd? En hoeveel generaties gaat iets door, als het doorgaat?
Een fragment.

  • ‘Je kon kiezen tussen schapevlees, kippe-of varkensvlees,’ mompelt de Japanner.
  • ‘…dan zag je zijn houtskoolvuurtje opgloeien en de bergwand droeg de heerlijk kruidige geur naar je toe en het water liep je in de mond.’
  • ‘Indonesië,’ zegt hij.
  • ‘Indië’ verbetert ze fel, ’toen heette het Nederlands-Indië!’
  • Ik heb me niet vergist, denkt ze, zó één ben je er. Dan heb jij eraan meegewerkt dat het anders werd! Er zijn momenten in het leven dat je heel goed beseft wie vriend en wie vijand is!
  • Nu begint hij te spreken, eentonig en wat nasaal, en ook hij lijkt zich meer tot de stenen te richten, dan tot de vrouw naast hem.
    ‘Er was een rivier, daar zijn we eens doorgetrokken. het was oostmoesson en hij was bijna doodgevallen. Een dun stroompje, dat zijn weg zocht tussen keien en brokken steen, sommige zo groot als huizen, uitgebraakt door de krater van de weg daarboven. We strompelden door die rivierbedding met zware bepakking, het was drukkend warm. Grote krekels krijsten de stilte aan flarden. Plotseling stootten we op een verhoogd plateau midden in de rivier en we besloten halt te houden en te rusten. Toen we erop geklommen waren, zag ik dat het plateau bedekt was met fijn wit gritzand, dat in regelmatige golven om enkele stenen heenlag, als had een menselijke hand ze zo geschikt. Ik telde ze: het waren er vijftien, vijf grote en tien kleinere.’
  • Haar kreet snijdt door de stille tuin: ‘in die streek werd ik geboren! Dat plateau – ik was het vergeten. Het was dus werkelijk een herkennen…’
  • Ze kijken elkaar aan en glimlachen om hun herinnering.
  • ‘Vaak namen mijn ouders mij mee naar die plek om te zwemmen in een kom tussen de huizenhoge stenen en te picknicken op het plateau. Wit gritzand met vijftien stenen. ja, zo was het, ik was het vergeten, ik was nog maar zo klein…’
  • Het is stil tussen hen, maar het is niet een stilte die onrustig maakt, de stilte van mensen die niet weten wat ze zeggen moeten.
  • Hij is misschien een goede Japanner, denkt ze.

En verderop:

  • ‘Hoe moet de mens handelen?’ zegt ze aarzelend, ‘ook ik kan u daar geen antwoord op geven. In mijn geboorteland, dat nu Indonesië heet, bezit het volk legenden en heldenverhalen, vol van diepe wijsheid. Zo is er een prins Ardjoena uit een vorstengeslacht dat in oorlog is met familieleden, die hun de troon betwisten. Hij trekt gehoorzaam naar het slachtveld en doodt in een vreselijk gevecht enkele van zijn neven. Als hij beseft wat hij gedaan heeft, gruwt hij van zijn daad en stelt een wijze kluizenaar de vraag: Hoe moet een mens handelen? De kluizenaar antwoordt: Aan elke mens wordt bij zijn komst op aarde een taak gesteld. Die taak zo goed mogelijk te vervullen, dat is de opdracht van de mens.’
  • Hij legt zijn hand op haar arm in een lichte, korte aanraking, alsof hij het eigenlijk niet wil, maar het niet laten kan.

Het is een aarzelend zoeken naar contact en dat is al veel, voor wie de oorlog heeft meegemaakt. Maar niet elke emotie kan verzachten. Soms reist iets verder, door de generaties heen. Of het blijft bij deze Eerste Generatie horen, deel van de geschiedenis van Indië, deel van de cultuur.

Praat met mij
Als u over familie in de oude Indische tijd schrijft, dan hoort daar ook kennis van de historie bij. Zo wordt uw verhaal beter en interessanter om te lezen. Werkt u aan een levensverhaal? Praat met mij:

  • voor vrijblijvend advies over historische bronnen, zodat u meer informatie vindt
  • over de opzet van uw project, zodat u het meteen goed aanpakt, dat scheelt enorm veel tijd en hoofdpijn
  • maak een afspraak voor telefonisch overleg via mijn digitale kalender: klik hier en kijk hoe dat gaat.
    https://calendly.com/vilan/overleg

Wanneer er een nieuw artikel verschijnt, mail ik een berichtje aan degenen die zich hebben ingeschreven. Dan hoeft u niet te zoeken. Inschrijven kan door op het plaatje te klikken. Dan krijgt u meteen een ebook cadeau: Hoe begin ik? 5 gouden tips waarmee het altijd lukt

gratis ebook

Schrijfworkshop: van idee naar plan (dan komt het er ook van)

De schrijfworkshop is een afspraakje tussen u en mij. U neemt een verhaal mee, over uzelf, over de familie, over iets of iemand uit Indië. En ik neem mijn ervaring als schrijfster mee, de ervaring waarmee ik elke keer weer van idee naar boek ga.

En dan wat?
Dan gebeurt er tijdens de workshop iets moois.
Ik begrijp uw verhaal.
U begrijpt hoe u het op papier kunt zetten.
Verhaal+ ervaring = resultaat.

Belangrijk

Want eerlijk waar, u weet het waarschijnlijk uit eigen ervaring: gaan zitten en schrijven leidt tot vastlopen. Tot opeens denken: snijdt dit wel hout. Tot het besef: ik geef teveel historische informatie. En tot piekeren of wat u schrijft eigenlijk niet gewoon een opstel is en saai ook nog.
En dat terwijl u weet, u wéét dat u een belangrijk verhaal heeft.
Ja, in uw hoofd vooral.

Op de laatste dag van januari, dus de 31ste, bent u welkom in Den Haag, in het Indisch Herinneringscentrum, de grote zaal die groot maar wel gezellig is.
Dus als u eind vorig jaar goede voornemens had, van ‘ik begin’, dan is dit uw kans om alsnog te beginnen.
We beginnen tegen twee uur ’s middags en het is met pauze. De hele middag ben ik de juf.

Waarom een workshop?

  •  heel wat mensen zien liever een gezicht dan een webcamera
  •  het is ook gezellig
  •  in een groep leer je sneller en je kunt vragen stellen
  • met anderen erbij weet je: ik ben dus de enige niet en dat is inspirerend

Stoomcursus

Wat u krijgt is een soort stoomcursus in een paar uur. Het gaat niet over hoe schrijft u foutloos Nederlands. Dat is het minste van mijn zorgen want ten eerste het valt altijd reuze mee ten tweede daarvoor is het beroep eindcorrector in de wereld gekomen.

In deze schrijfworkshop leert u onder meer:

  •  Hoe begin je
  • Wat is structuur, waarom is het nodig en hoe komt u daaraan
  • Hoe krijgt u historische informatie in het verhaal zonder dat het een geschiedenisboek wordt
  • Wat te doen als de familie moeilijk doet (of onaardig, of kritisch of steeds beschuldigend vraagt of u de vuile was buiten gaat hangen)
  • Wat is een plan en waarom heeft u dat nodig (echt, zonder plan komt het er nooit van)

Wat u leert, komt rechtstreeks uit mijn praktijk als schrijfster. U krijgt het volle zicht op mijn methode, waarmee ik meer dan dertig boeken heb geschreven. Dus die methode werkt. Het is geen moeilijk gedoe, daarom kan ik het elke keer weer.
Het is praktisch en gericht op resultaat.
In mijn webinars zeg ik vaak: “Ik ben vrouwtje structuur” en dan knikt iedereen. Dus daar kunt u zeker weten op rekenen.

Deel van het cadeau-potlood, met het pootje van mijn jonge huiskater Ollie.

Cadeau

Leuk om te weten: als u komt, krijgt u van mij een cadeau en dat is een origineel Schrijfschool-potlood, met op het uiteinde een gum.
Dat is praktisch en symbolisch tegelijkertijd. Een gum zegt: ik mag proberen, het hoeft niet meteen goed, ik doe iets en daarna ga ik het verbeteren.
Zo werk ik zelf dus ook.

En voor de duidelijkheid even, u bent natuurlijk tot niks verplicht. Als u erna denkt: ik ga lievver naar Hawaï dan hou ik evenveel van u. En ook als u daarna denkt, nu ga ik het familieverhaal opschrijven zodat de jongere generaties weten waar ze bij horen.

Voor wie is het:

  •  60plussers, wegens het belang van levenservaring. Denkt u dat heb ik, dan bent u ook welkom. Maar er zijn ook veel bakvissen met ambitie, dat is een andere groep. (Als u weet wat een bakvis is, bent u alweer extra welkom)
  • het is dan eind januari en u had goede voornemens dus als u gaat, dan is het al zowat af
  • U loopt al jaren met het plan rond en wat u nodig heeft is een duwtje in de rug
  • U bent nieuwsgierig naar hoe ik zoiets doe
  • U heeft het eeuwige leven niet en de dagen gaan steeds sneller, het is gewoon tijd
  • Er is niemand anders die uw verhaal kan of wil gaan bewaren

Voor wie niet:

  • U heeft uw verhaal af en u hoopt dat ik het even in de pauze lees
  •  U bent een bakvis
  • U wilt een roman schrijven (dat is iets heel anders)

Attentie

De workshop is uitverkocht. Maar moed verloren, al verloren. Op maandagochtend 24 en dinsdagocbtend 25 maart geef ik een tweedelige Stoomcursus LIVE. Online dus. Denk u nu al: daar wil ik bij zijn, dan kunt u een digitale stoel reserveren. Via het onderstaande formuliertje kmt uw aanmelding bij mij terecht. Ik mail u dan zo snel mogelijk teug.

Ja, ik heb belangstelling voor de Stoomcursus LIVE

"*" geeft vereiste velden aan

Naam*


Praktisch
Datum en tijd:  vrijdag 31 januari 2025, 14:00 – 16:00

Locatie
Museum Sophiahof, van Indië tot nu
Sophialaan 10
2514 JR Den Haag

Inloop vanaf 13.30 uur
Prijs is inclusief koffie/thee en spekkoek
Toegankelijk voor rolstoelen, rollatoren en scootmobielen.

Opgeven: klik hier en kijk https://www.indischherinneringscentrum.nl/agenda/schrijfworkshop-van-vilan-van-de-loo-60plus

(of kopie-plak de link : https://www.indischherinneringscentrum.nl/agenda/schrijfworkshop-van-vilan-van-de-loo-60plus )

Veelgestelde vragen

Ik ben niet (helemaal) Indisch, kan ik dan toch komen?
Jawel. Van harte welkom. Wel is Indisch het uitgangspunt, maar als u de methode heeft, kunt u die ook op uw eigen verhaal toepassen<

Altijd in Den Haag, kom je ook ergens anders?
Ja, er zijn wat voornemens, maar nog geen vaste plannen. Weet u, ik kom graag naar u toe, laat een vereniging of organisatie die u kent mij mailen, grote kans dat ik in de trein stap. Meer weten: klik hier en lees over de workshop https://www.indischeschrijfschool.nl/de-workshop/

Net die middag kan ik niet, wat nu?
Geen probleem, ik kan u bijpraten. Maak dan een afspraak via mijn digitale kalender: klik en kijk hier
( of kopie en plak https://calendly.com/vilan/overleg )

Moet ik vertellen waar ik over wil schrijven?
Alleen als u het zelf wilt. Anders niet, u bent in een veilige omgeving en u vertelt alleen wat u kwijt wilt. Meer hoeft niet.

Ben jij Indisch?
Neen.
Helemaal Hollands, inclusief een kwart Zeeuws meisje via mijn moeder. Op de een of andere manier ben ik aangeraakt door Indië en ik begrijp niet hoe zoiets werkt. Ik heb dat weleens aan een helderziende gevraagd en zij wist het evenmin.

Dit zijn de vijf mooiste beeldbanken over Indië

Een beeldbank is een rijkdom, want vol met beelden. Foto’s en films van Indië, die niet altijd elders te vinden zijn. Er is nog veel meer, online en ook offline. In het Maçonniek Studiecentrum (Den Haag) zag ik prachtige foto’s van oude loges, ook bestuursfoto’s. Niet altijd staat erbij wie-wie is. Dat blijf je houden met oude foto’s.
Hieronder mijn top 5 van beeldbanken online. Met een kijkwaarschuwing. “Even zoeken” is er niet bij. Er is zo veel, heerlijk om naar die oude beelden te blijven staren en te denken, te mijmeren…

1 Beeldbank Defensie

Klik en kijk: https://beeldbank.nimh.nl/
(https://beeldbank.nimh.nl/)
Wat is het: meer dan defensie nu. Hier zit ook veel van het KNIL in. Ook films. Handig is het kunnen zoeken op periode. En ook fijn: zoeken op plaatsnamen en persoonsnamen. Gebruik daarin de oude en nieuwe spelling.
Voorbeeld:
Bandoeng; 539 foto’s
Bandung: 24 foto’s

Ook als ik in de hele oude Indische tijd zoek (voor de Eerste Wereldoorlog) is het goed even hier rond te kijken ter oriëntatie.
Bonuspunten voor de downloadfunctie.

2 Leidse universiteit

Klik en kijk: https://digitalcollections.universiteitleiden.nl/
https://digitalcollections.universiteitleiden.nl/

Een langzame website maar de moeite van het wachten waard: hier zit het hele oude spul in. Ook landkaarten, adresboeken en varia lectuur. Soms is een heel fotoboek gedigitaliseerd en dan is het heerlijk doorbladeren, want je weet maar nooit. Ja, dat is tijdrovend. Maar goed besteed, want de blik verruimt.
Ook hier van belang om de verschillende spellingen te gebruiken:

Atjeh: 7064 resultaten (wat met filters verder te verfijnen is)
Aceh: 5.605 resultaten

De resultaten zijn verder te verfijnen met filters, maar een beetje nieuwsgierig mensch wil toch eerst even alles bekijken. Dat ‘even’ is een rekbaar begrip natuurlijk. Zeker als de site niet meteen gaat laden.
Minpuntjes: niet alles is te zien, dan moet je weer naar Leidse universiteit. Maar ja, het is er wel, dat is dan weer een pluspuntje.
Sinds kort moet ik downloaden van een foto aanvragen via de mail. Gaat snel en gemakkelijk.

3 Wikipedia common images

Klik en kijk: https://commons.wikimedia.org/wiki/Category:Images
https://commons.wikimedia.org/wiki/Category:Images
Uitgebreide beeldbank met ook beeld hierin opgenomen van de Leidse universiteit. Snelle lading en alles te downloaden, ook al zo heerlijk.
Beperkte doorzoekfunctie, mij hindert dat ik alleen kan kiezen tussen Recent of Relevant. Ik zoek de oude tijd, en die zit in beide functies.
Ook hier: zoeken met spellingen.
Neem even de tijd om te bestuderen welke zoektermen deze beeldbank wil, die staan in de beschrijving van de foto.
Ik tik in: Indisch
Heel veel maar niet wat ik zoek
Ik tik in: Indo-Europees
Meteen veel familiefoto’s
Ook veel opbrengst: Indo-meisje: 139 resultaten
(met strikken, u weet, zo lief)

4 Nationaal Archief

Klik en kijk: https://www.nationaalarchief.nl/onderzoeken/fotos
https://www.nationaalarchief.nl/onderzoeken/fotos
Omvang: 15 miljoen foto’s, maar niet allemaal uit het Indische. Daarbij zijn 40.000 foto’s rechtenvrij, wel met vermelding. Extra zoekfilter is Nederlandsch-Indie met 38941 resultaten.
Maar: de foto’s komen per pagina en ik kan niet snel doorbladeren.
Advies: neem een brede zoekterm, klik de eerste foto aan. Dan verschijnt onderin beeld een reep met de andere foto’s. Dat gaat een stuk sneller.
Voorbeeld:
obat: 14 resultaten (vooral oorlog)

5 Delpher illustraties

Klik en kijk: https://www.delpher.nl/
https://www.delpher.nl/
We lezen allemaal de oude kranten in Delpher, maar er zit ook veel beeldmateriaal in. Oude advertenties, dat is ook beeld.
Als voorbeeld zocht ik op modiste:
Modiste
Nederlands-Indië
Illustratie met onderschrift → 13 resultaten
Tijdschriften: duizenden resultaten. Die kan ik niet instellen op alleen uit Indië. Het helpt enorm dat ik een snelle computer heb en een stevig abonnement, mede hierop aangeschaft. Ik stel in dat ik 50 titels per webpagina heb en ga met de page-down toets zappen en kijken. Na de eerste vier-vijf pagina’s begin ik een en ander te herkennen. Ben ik nieuwsgierig, dan klik ik op de titel met de rechtermuisknop, en kies ‘openen in nieuw tab’.
Met een langzame computer zeg ik: niet aan beginnen. Dan in de bibliotheek digitaal gaan bladeren.

Bonus

Kijk altijd in regionale of plaatselijke archieven waar iemand is gaan wonen. Zo vond ik in het Haags Gemeentearchief een groot archief van de luitenant generaal G.M. Verspijck, en daarin zaten weer talloze brieven en briefjes van een eenvoudige militair tot aan hofcorrespondentie. Via Google is zoiets niet te traceren. Wel door de inventaris te bekijken. En dan een scan aan te vragen. Is daar gratis. Geweldig.

Praat met mij
Als u over familie in de oude Indische tijd schrijft, dan hoort daar ook kennis van de historie bij. Zo wordt uw verhaal beter en interessanter om te lezen. Werkt u aan een levensverhaal? Praat met mij:

  • voor vrijblijvend advies over historische bronnen, zodat u meer informatie vindt
  • over de opzet van uw project, zodat u het meteen goed aanpakt, dat scheelt enorm veel tijd en hoofdpijn
  • maak een afspraak voor telefonisch overleg via mijn digitale kalender: klik hier en kijk hoe dat gaat.

Wanneer er een nieuw artikel verschijnt, mail ik een berichtje aan degenen die zich hebben ingeschreven. Dan hoeft u niet te zoeken. Inschrijven kan door op het plaatje te klikken. Dan krijgt u meteen een ebook cadeau: Hoe begin ik? 5 gouden tips waarmee het altijd lukt

gratis ebook

Het bordeel tegenover Gang Aboe (Batavia) 1887

Gang Patjenongan te Batavia, voor 1880 (KITLV 3132).

Gang Aboe zag alle bordeelbezoekers komen en gaan. Dat was niet fijn voor degenen die in de buurt woonden. Want het bordeel was druk. Ik las het Bataviaasch nieuwsblad van februari 1887:

  • Het beruchte bordeel van Mevrouw Kienkiep in de gang tegenover Gang Aboe (gang Patjenongan) verheugt zich tegenwoordig in een zoo ongekende welvaart, dat het er ’s avonds tot diep in den nacht wemelt van Chineezen en Europeanen; de eerste hoofdzakelijk om er te schuiven in gezelschap van de aldaar aanwezige bayadères; de tweede om bezoeken afteleggen bij de dames, die, naar gelang het aantal gasten toeneemt, als uit den grond verrijzen, vermits een gedeelte dier schoonen, voor eventueele oproeping, disponibel blijft in de omgeving van Mevrouw Kienkiep’s serail.
  • Is het der politie ernst om ingezetenen voor burengerucht en overlast te vrijwaren, dan zoude zij met de opruiming van dat lusthof der Europeesche buren een groote weldaad bewijzen.

Dus niet alleen een bordeel, maar ook nog eens een opiumkit. Wat zal mevrouw Kienkiep goed verdiend hebben. Reclame hoefde ze niet te maken want haar toko was al ‘berucht’. Iedereen had ervan gehoord.
Ja, in 1887.
Toen wel.

Hoe

Hoe kom je aan informatie over iets dat ver-ver weg is in de tijd, en er is niemand meer om het aan te vragen?
Antwoord: zelf op zoek gaan.
Ik wilde alles weten over mevrouw en het bordeel maar wat is daar nu het typische van, nergens wat te vinden. Antwoorden liggen nou nooit eens in een mapje op een archiefplank.
Ik moest dus eromheen gaan zoeken.

Verken de wereld om de leegte, en u zult de leegte beter begrijpen.

Delpher gaf verder weinig informatie over mevrouw. Het Centrum voor Familiegeschiedenis evenmin. Elders: nul.
Even verder denken.
Waar lag het bordeel? De krant: “in de gang tegenover Gang Aboe (gang Patjenongan) “. Dus ik dacht, hoe zou het daar zijn.

Gang Aboe

Er gebeurden vreemde dingen maar een slechte locatie was het evenwel niet. In 1871 vond er een merkwaardig incident met een militair plaats:

  • Gistervoormiddag omstreeks 10 uur kwam een Europeesch soldaat Gang Patjenongan door, en bij Gang Aboe komende, zag hij in een voorgalerij de vrouw des huizes in gesprek met hare buurvrouw.
  • Hij ging regelrecht op eerstgenoemde dame af, en verzocht haar om ƒ 2 en wat eten, onder voorgeven, dat hij hongerig was, van Buitenzorg was gekomen en derwaarts terug wilde gaan, doch waartoe hem de middelen ontbraken.

De vrouw geeft hem het geld en gaat op zoek naar een buurman om hulp te vragen. Bij terugkeer is de soldaat gaan slapen in haar huis. Dan wordt hij “met veel moeite de woning uitgezet.”
Dat zoiets kan. Een soort insluiper.
Veel toezicht was daar dus niet, wat mevrouw Kienkiep vermoedelijk verheugd signaleerde. Ook in de jaren erna gebeurt er nogal wat: brand, ruzie, gedoe. Het Bataviaasch handelsblad klaagt over het gebrek aan regulering:

  • Om maar iets te noemen staan in Gang Aboe alhier drie huizen ledig, die geheel zonder bewaking zijn, en indien de politie daarop verkoos te letten, zou zij er hier en daar nog wel meer ontdekken.

Maar een achterbuurt was het bepaald niet. In deze jaren wonen er verloskundigen, een graveur, een orgelspeler, een modiste, allemaal beroepen waarvoor een goede reputatie van belang is. En die hangt ook af van waar je woont. Keer op keer zie ik dat het adres gewoon in de advertentie staat.

Gang Kienkiep

Bataviaasch handelsblad, 28 april 1884

In 1884 is er een advertentie van een vendutie ten bate van Nona Péh. Dan is het adres Gang Kienkiep. Dat werd een paar jaar vermoedelijk de bijnaam van de boordeelhoudster.
De verkoop laat de levensstijl zien.
Duur, Europees, en ‘nagenoeg nieuw’ – dus het vertrek moet plotseling zijn geweest.

Intussen bleven er vreemde dingen gebeuren. Er ontstond een rel omtrent het gedrag van de depothouder van de Frozen Meat Company in Gang Aboe, meldde het Bataviaasch handelsblad:

  • Terwijl velen hun bedienden hadden gezonden ter verkrijging van vleeseh tegen contante betaling, vonden zij de deur van het depot voor hen gesloten: de ingang was alleen geopend voor heeren (?) die in eigen persoon vleeseh kwamen halen en voor wie natuurlijk de beste stukken waren.
  • De buiten staande inlandsche bedienden liet men heel kalm wachten.

Raarrrr.
En dan die huizen te huur.
Ik vermoed dat mevrouw de bordeelhoudster in 1886 ook de advertentie in de krant zag. En toesloeg. Het jaar erna komt het bordeel dus als hiervoor geciteerd in de krant.

Bordeel

Waar hou je op als je iets graag wilt weten? Ik kon ook in adresboeken kijken om uit te vinden wie er allemaal woonden, of in medische lectuur op zoek gaan naar beschrijvingen van enge Venusziekten (u weet) maar ik vond praktische informatie in de Verzameling van reglementen en keuren van politie. benevens verschillende andere politiebepalingen voor de residentie Batavia.
Batavia: Albrecht & Co, 1888.

Dus, het is actuele informatie voor die tijd.
De eerste artikelen over bordelen en ‘openbare vrouwen’ gaan over de registratie daarvan:

Art. 3. Iedere openbare vrouw is verplicht zich als zoodanig bij de politie aan te geven.
Art. 4. Wie zich als openbare vrouw aangeeft, wordt terstond onder een volgnummer in een register ingeschreven.

Ja, en dan? Zeker belasting betalen en door iedereen met de nek aangekeken worden. Geen aantrekkelijk idee. Aan een bordeel werden ook strenge eisen gesteld:

  • Art. 16. Geen bordeel wordt toegelaten:
  • 1e. dan indien zich iemand als houder of houderes aan het hoofd bevindt;
  • 2e. dan onder bekendstelling van het aantal vrouwen, hetwelk zich er in ophoudt of er toegang heeft;
  • 3e. dan op schriftelijke vergunning van het hoofd van plaatselijk bestuur, vermeldende de plaats van toelating, den naam van den houder, het aantal vrouwen en de dagteekening der aangifte.
  • De toelating van bordeelen geschiedt slechts op plaatsen, alwaar zij aan de gemeente geen aanstoot geven .

Ook hier weer: administratie, registratie. En waartoe? Zeker om allerhande boetes te kunnen betalen, want de reglementen reppen daar gretig over.

Mevrouw Kienkiep

Al met al kan ik me na dit speurwerk goed voorstellen dat mevrouw Kienkiep juist in Gang Aboe haar intrek nam. Weinig toezicht, dat had de recente geschiedenis wel bewezen. Ideaal voor een illegaal bordeel met opium- die combinatie was overigens ook al verboden.
Huizen die aldoor-aldoor te huur stonden.
Ze zag een kans en die nam ze.
En zo leerde ik haar toch een beetje kennen.

Praat met mij
Als u over familie in de oude Indische tijd schrijft, dan hoort daar ook kennis van de historie bij. Zo wordt uw verhaal beter en interessanter om te lezen. Werkt u aan een levensverhaal? Praat met mij:

  • voor vrijblijvend advies over historische bronnen, zodat u meer informatie vindt
  • over de opzet van uw project, zodat u het meteen goed aanpakt, dat scheelt enorm veel tijd en hoofdpijn
  • maak een afspraak voor telefonisch overleg via mijn digitale kalender: klik hier en kijk hoe dat gaat.

Wanneer er een nieuw artikel verschijnt, mail ik een berichtje aan degenen die zich hebben ingeschreven. Dan hoeft u niet te zoeken. Inschrijven kan door op het plaatje te klikken. Dan krijgt u meteen een ebook cadeau: Hoe begin ik? 5 gouden tips waarmee het altijd lukt

gratis ebook

Ga naar de bovenkant