Het is 1922 en Marie Thomas is eindelijk arts

(beeld: by Unknown author – https://nationalgeographic.grid.id/read/132561490/marie-thomas-dokter-wanita-indonesia-pertama-yang-kini-jarang-dikenal?page=all, CC BY-SA 4.0, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=122963561)
Marie Thomas was de eerste vrouwelijke arts in Indië. Over haar las ik artikelen van Liesbeth Hesselink en eerlijk waar, ik verlangde meteen naar een grote biografie.
STOVIA
Zal ik het nog een keer zeggen?
Allright. En dan beter.
Haar naam: Marie E. Thomas (1896-1966), geboren in de Minahassa.
De eerste vrouwelijke arts van Indië, in 1912 de eerste vrouwelijke leerling aan de School Tot Opleiding Van Indische Artsen (STOVIA).
In 1922 studeerde ze af.
Het merkwaardige is dat iedereen wel de naam kent van Aletta Jacobs, inderdaad, de eerste vrouwelijke arts van Nederland. Dus hopelijk helpt dit stukje vandaag ook een beetje tegen het vergeten. Namen blijven noemen, verhalen blijven vertellen, dat is het bewaren.
De apotheek van Charlotte Jacobs, opening in 1890.
Fonds
In 1912 werden de meeste meisjes en jonge vrouwen verpleegster. De doktersjas was voor de man. Dat veranderde al een beetje in 1912, toen Marie Thomas zich inschreef. Zo’n 200 jonge mannen en dan een meisje.
Wat zullen ze naar haar hebben gekeken.
Vaak als een vrouw iets groots doet, staat er een andere vrouw achter haar. In dit geval was dat Charlotte Jacobs, de zuster van Aletta. Charlotte was apothekaresse en in het bezit van enige fondsen. Studeren kost geld. Met andere vrouwen had Charlotte Jacobs een studiefonds opgericht: de Vereeniging tot vorming van een Studiefonds voor Opleiding van Vrouwelijke Inlandsche Artsen (SOVIA). Daaruit kon het een en ander bekostigd worden.
De tijd was er wel en niet rijp voor. Er was een tekort aan westers geschoolde artsen, reden waarom de STOVIA ook vrouwen toeliet.
Maar ja, in de medische wereld was het ongeveer zo als in het Oost-Indische leger. Het was ondenkbaar dat een inheems officier het commando zou voeren over Europeanen. Evenzogoed was het ondenkbaar dat een inheemse vrouw zoals Marie Thomas Europese mannen zou behandelen (“Kleedt u zich maar uit”), ook al vanwege haar vrouw-zijn.
Vooruitgang, ja. Binnen zekere grenzen.
In 1922, na tien jaar studie, doet Marie Thomas met anderen examen. Het Bataviaasch nieuwsblad meldt in april de uitslag:
- Voor bet examen Indisch arts slaagden E.J. Karamoy (Menado), Maride Thomas (Menado) J.M. Leimena (Ambon) Mohamad Joesoef (Loeboek Sikaping), en Goelam (Fort de Koek) terwijl 6 candidaten moesten worden afgewezen.
- De heer Karamov won den gebruikelijken Sereprijs (gouden horloge).
- Als bijzonderheid bij dit examen dient vermeld te worden, dat mej. Maride Thomas, een Menadoneesch meisje, de eerste vrouwelijke Indische arts is.
Het viel dus op. Een maand later schrijft de Preanger-bode:
- De Stovia-leerlingen hebben een fuif gehad— aldus weet men ons uit Weltevreden te berichten.
- Zulks ter eere van het laatstgehouden eindexamen, waarbij van de 12 candidaten slechts vijf succes hadden, doch onder welke vijf zich bevond de eerste vrouwelijke arts welke door Stovia werd afgeleverd.
- Het is mejuffrouw M. E. Thomas, een Menadoneesch meisje.
- Zij slaagde zeer goed.
- Namens den bond van Nederlandsch Indische artsen en namens de leerlingen werden haar geschenken aangeboden.
Het viel niet alleen op, maar het werd ook aangemoedigd. In een ander artikel schreef de krant dat Marie heel wat zou kunnen vertellen over de ondervonden tegenstand, maar dat niet wilde. Ze werd geprezen als baanbreekster. Veel navolging vond Marie Thomas evenwel niet; de cijfers van de aanmeldingen bleven laag. Misschien was de aard en mate van die tegenstand bekend.
Aan het werk
Maar dr. M. Thomas ging aan het werk, vooral op het gebied van de verloskunde. Ze trouwde met een arts. Het echtpaar woonde in Padang en Weltevreden. Later richtte ze een vroedvrouwenschool op.
Dat Marie Thomas in 1966 overleed, stemt hoopvol over een nalatenschap, over vondsten van brieven, van misschien wel dozen vol van een generatie of wat geleden die al die tijd op zolder hebben gestaan. Zou er nog wat zijn, hier en daar?
Praat met mij
Als u over familie in de oude Indische tijd schrijft, dan hoort daar ook kennis van de historie bij. Zo wordt uw verhaal beter en interessanter om te lezen. Werkt u aan een levensverhaal? Praat met mij:
- voor vrijblijvend advies over historische bronnen, zodat u meer informatie vindt
- over de opzet van uw project, zodat u het meteen goed aanpakt, dat scheelt enorm veel tijd en hoofdpijn
- maak een afspraak voor telefonisch overleg via mijn digitale kalender: klik hier en kijk hoe dat gaat.
Wanneer er een nieuw artikel verschijnt, mail ik een berichtje aan degenen die zich hebben ingeschreven. Dan hoeft u niet te zoeken. Inschrijven kan door op het plaatje te klikken. Dan krijgt u meteen een ebook cadeau: Hoe begin ik? 5 gouden tips waarmee het altijd lukt



Stoomcursus LIVE: online workshop. Voor iedereen met een verhaal in de pen dat nog altijd niet op papier staat.
Vrouwendag bestaat pas per 1910, dus dat is helemaal niet zo lang geleden. Mensen hadden al telefoon. Er reden trams. Ook auto’s. Indië werd moderner. Dat gold óók voor vrouwen.
Marie Sloot heette zij. Op de golf van de katholieke emancipatie kwam zij in de aandacht, eerst met katholieke romans, daarna met Indische romans. Ze behoorde tot de eerste groep vrouwen die lid mochten worden van het tot-dan mannengezelfschap van de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde. Voorzover bekend was ze de eerste Indische vrouw.
Eens leidde Marie Oord haar eigen ‘Indo Comedie-Vereeniging „De Eendracht”’ en heel Indië wist wie zij was. Zij was de laatste grote van de Komedie Stamboel, het muzikale volkstheater met inhoud.
De-Lilah (Lucy van Rennese) was ontdekkingsreizigster, hotelhoudster, correpondente te Japan voor de Indische kranten en bij dit alles ook nog eens de schrijfster van een meeslepend oeuvre over de Indische wereld die dichter bij de kampong stond dan bij de kerk.
3 Marietje van Oordt (1897-1974)
In 1930 verscheen De Pauw, het eerste moderne Indische meisjesboek, met in de hoofdrol de economisch zelfstandige Inka van der Beelen. Ze is stenotypiste; het is de tijd van de grote kantoren. Ems wilde graag een boek lezen waarin ze zichzelf kon herkennen: een Indisch meisje op kantoor. Dat boek schreef ze zelf, zei ze later: “Ik nam de typemachine en schreef achter elkaar De Pauw, mijn eerste boek. Ik heb altijd getracht het Indische leven, mijn leven, zo precies mogelijk weer te geven.” Dit boek was het begin van een succesvolle carrière als meisjesboekenschrijfster. Ze beschreef meisjes en jonge vrouwen die zelfstandig konden zijn, die in auto’s reden en zelf over hun toekomst beslisten. Voorbeelden van emancipatie, vooral omdat de vrouwen bij dit alles’vrouwelijk’ bleven. Ook in Nederland was Ems van Soest geliefd; de jonge prinsesjes op Soestdijk lazen haar romans.



Al volgende week zaterdag?



De schrijfworkshop is een afspraakje tussen u en mij. U neemt een verhaal mee, over uzelf, over de familie, over iets of iemand uit Indië. En ik neem mijn ervaring als schrijfster mee, de ervaring waarmee ik elke keer weer van idee naar boek ga.
Een beeldbank is een rijkdom, want vol met beelden. Foto’s en films van Indië, die niet altijd elders te vinden zijn. Er is nog veel meer, online en ook offline. In het Maçonniek Studiecentrum (Den Haag) zag ik prachtige foto’s van oude loges, ook bestuursfoto’s. Niet altijd staat erbij wie-wie is. Dat blijf je houden met oude foto’s.