De pretendent-sultan van Atjeh, Mohamad Dawot (langste Atjeher), biedt met zijn zoon te Koetaradja zijn onderwerping aan het Nederlandse gouvernement aan, vertegenwoordigd door de gouverneur van Atjeh, luitenant-generaal J.B. van Heutsz (rechts van het portret van de koningin), vergezeld door onder meer zijn adjudant kapitein H. Colijn (pal voor het portret) en (bloothoofds op de rug gezien tegenover Colijn) majoor K. van der Maaten KITLV 82864

Het is 1904 en eindelijk, eindelijk nadert de dag waarop Van Heutsz in Nederland arriveert. Er zijn volop commissies en comités ontstaan die hem willen huldigen, het hof verwacht hem, er is van alles georganiseerd, volk en vorstin willen de man ontmoeten in wie ze de overwinnaar van Atjeh zien.
Hij is beroemd.

Manie

Van Heutsz is intelligent genoeg om te weten dat Atjeh niet overwonnen is. En hij is pragmatisch genoeg om te weten dat er geen uitleggen aan is. Evenmin kan hij de groeiende Heutszmanie temperen. Daarbij weet hij dat er onderhandeld gaat worden: wordt hij ja dan nee de volgende gouverneur-generaal van Indië en op welke voorwaarden?

De kist in kwestie (Koninklijke Verzamelingen, Den Haag)

De kranten weten hij voor de jonge koningin Wilhelmina een kostbaar geschenk meeneemt.
Daar werd ik aan herinnerd door het rapport Herkomst onderzoek koloniale objecten in de koninklijke verzamelingen dat deze week verscheen. Het is hier te downloaden.

Daarin kwam ik de kist voor de koningin tegen, in woord en beeld, er staat over de ‘rijkversierde kist’ …

  • met daarin 104 foto’s die verschillende aspecten van Atjeh in beeld brengen, zoals vervoersmiddelen, gebouwen en portretten van ‘voorname’ Atjeeërs.
  • Interessant zijn met name de achttien foto’s met als onderwerp ‘de onderwerping van Atjeh’. Op de afbeeldingen, gemaakt door fotograaf C.B. Nieuwenhuis (1863-1922), zijn onder meer verschillende patrouilles te zien, de bestorming van Batoe Iliq (Samalanga) op 3 februari 1901 en de ceremonie waarbij de ‘pretendent sultan’, Toeankoe Mohammed Daoed, zich in januari 1903 overgaf aan het Nederlandse bestuur, met een levensgrote foto van Koningin Wilhelmina zichtbaar op de achtergrond.

Het ging snel. Ontvangen op 16 juli 1904, op 20 juli de benoeming tot GG, dan een diner aan het hof bij koningin-moeder Emma. Achter de schermen gebeurde nog meer. Dat staat in mijn biografie van de generaal.

Hoe zit het met die kist?

Duur of niet

Anno 1904 was het gevoel dat de kist een geweldig en groot cadeau was. Of dat klopt, staat te bezien. De euforie rond Van Heutsz was zo groot, als hij van Atjeh zeven rotan vingerhoedjes had meegenomen, was dat ook gezien als een groot geschenk.

Mogelijk waren er meer kisten. In 1905 bericht de Soerabajasche Courant dat het nog veel meer was:

  • Toen hij eenmaal het bewind over Atjeh voerde, heeft hij, met behulp van de Atjehsche hoofden, een mooie verzameling gouden sieraden en geweven goederen, sarongs met gouddraad en platina, bijeengebracht.
  • Al wat Atjeh voortbrengt, is daarin vertegenwoordigd.
  • In het begin van 1904 was de verzameling compleet. Toen hij dan in Mei daarop de uitnoodiging ontving om naar Holland te komen, omdat de Koningin hem persoonlijk haar dank wenschte te betuigen, voor zijn beleidvol optreden in Atjeh, heeft hij deze verzameling medegenomen.
  • Bij zijn vertrek van Atjeh, liet hij toe dat anderen voor zijn overige bagage zorgden; maar de kisten, waarin de verzameling van het geschenk voor de Koningin, mochten geen oogenblik uit zijn oogen gaan. Hij heeft gedurende de geheele reis van Atjeh steeds daarover gewaakt.
  • […] Aan intrinsieke (werkelijke) waarde moet het ongev. een kwart ton bedragen.

Meerdere kisten dus. En kostbaarheden, precies het soort waar nu herkomstvragen over ontstaan. Maar ook deze beschrijving kan voortkomen uit de toenmalige Van Heutsz-manie.
Want in Het nieuws van den dag voor Nederlandsch-Indië staat een smalend stukje dat een en ander in een ander licht zet:

  • Immers het cadeau „dat aan intrinsieke waarde zoo-wat een kwart ton bedraagt”…. is onder broeders, naar men ons van volkomen vertrouwbare zijde meedeelt, Fl. 280.— waard.
  • Het is een aardig bewerkt,, met snijwerk versierd houten kistje, met heel ordinaire ijzeren scharniertjes en een slootje, door een Chineeschen toekang aangebracht.
  • In dit kistje bevinden zich ettelijke fotografiën van Atjehsche menschen en dingen, genomen met de duidelijke intentie om de „Welvaart” van het gewest te doen uitkomen. Bentings, lijken, doode patrouilles, etc. etc. etc. staan er dus niet op, maar wèl een Spoorwegbrug, een Laadsteiger, een „Kijkje op een Toko”, in Kotta Radja, „een Rijke Atjeher”, „Gezicht op Sabang”, nog een „Gezicht op Sabang”, „Sabang bij Zons-ondergang”, „Sabang bij het aanbreken van den dag”, bij bewolkt weer, bij regen, bij mist, bij … enfin!
  • Op die fotos liggen een paar sarongs, een buikband van een of ander hoofd en nog wat snuisterijen. Het kistje is aan de hoeken met goud beslagen en is inderdaad een aardig souvenir.

Dat is even wat minder. Een aardig souvenir. En Van Heutsz had er bepaald niet zelf op hoeven te passen, dientengevolge.
Het maakte misschien niet uit. Toen. Want het cadeau was ten eerste afkomstig van Van Heutsz en ten tweede het symbool dat Atjeh overwonnen was. Zou zijn. Moest zijn, idealiter, na al die dure jaren van oorlog voeren.

Van twee kanten

Het onderzoeksrapport naar de koninklijke verzamelingen is heerlijke lectuur. Het roept weer nieuwe vragen op. Bijvoorbeeld: wat is herkomst eigenlijk? Hoe vrijwillig is vrijwillig in de koloniale machtsverhouding en kunnen we daar wel echt achter komen na al die tijd?

Dit rapport gaat over de verzameling van de Koninklijke Familie. En al die andere families, die ook spullen hebben uit Indië, moet dan ook allemaal terug en zo ja naar wie?
Vooral vraag ik me af, of er in Indonesië ook een onderzoekscommissie bestaat, die nadenkt over het decennia lang beroven van Europeanen, van de ketjoes (bendes) tot aan de pemoeda’s tijdens de Bersiap en erna, en de herkomst van de aldus verkregen eigendommen.

Want rechtvaardigheid moet van twee kanten komen.

Praat met mij
Als u over familie in de oude Indische tijd schrijft, dan heeft u structuur nodig en kennis van de historie. Zo wordt uw verhaal beter en interessanter om te lezen. Werkt u aan zo’n verhaal? Praat dan met mij:

voor vrijblijvend advies over historische bronnen, zodat u betrouwbare informatie vindt
over de opzet van uw project, zodat u structuur heeft, dat scheelt enorm veel tijd en hoofdpijn
lees hoe het gratis overleg-gesprek gaat en maak eventueel een afspraak voor telefonisch overleg via mijn digitale kalender: klik hier en kijk hoe dat gaat.
https://www.indischeschrijfschool.nl/gratis-overleg-gesprek/


Wanneer er een nieuw artikel verschijnt, mail ik een berichtje aan degenen die zich hebben ingeschreven. Dan hoeft u niet te zoeken. Inschrijven kan door op het plaatje te klikken. Dan krijgt u meteen een ebook cadeau: Hoe begin ik? 5 gouden tips waarmee het altijd lukt

gratis ebook