Semarang

Rudy Hartung stuurde me weer een prachtig verhaal over zijn familie. Heerlijk, zoveel te weten. Ik mocht het publiceren. Hier komt het.


Oma Clara is de moeder van pap. Oma Clara werd op 28 september 1883, in Semarang geboren. Zij overlijdt tijdens de Japanse bezetting op 7 mei 1945. Zij was toen nog geen 62 jaar. Haar vader, met de familienaam Urban, komt uit het voormalige Pruisen.
Hij is daar geboren. Hij was een Pruisische militair. Zo rond de beginperiode van 1800 is overgrootvader Urban
naar het voormalig Nederlands Indië vertrokken. Voor het Indische avontuur.
Bij tante Martha heb ik vaak in oude fotoalbums gebladerd. Met foto’s van zijn familie daar in Pruisen.
Zijn familie zou uit adelijke kringen komen. Over zijn voornamen van overgrootvader Urban is mij niets bekend.
Ik denk dat mijn beide tantes het zich niet meer konden herinneren.

Mammi en Pappi

Opa Urban ontmoet een lieve Javaanse vrouw uit Semarang. Het was voor hen beiden liefde op eerste gezicht. Opa Urban heeft haar ouders benaderd en toestemming gevraagd of hij met hun dochter mocht trouwen. En zoals het hier op Java gebruikelijk is, heeft hij toen een bruidsschat aan haar ouders gegeven.
En een gouden sieraad voor onze Javaanse overgrootmoeder. Haar meisjesnaam is onbekend.
Tante Martha en tante Troel konden het zich niet met zekerheid herinneren. Ik kom daar straks op terug.

Misschien heeft opa Urban haar altijd mammi genoemd. Of misschien “Mutti” ? Want hij was een Duitser. En zij zal hem pappi hebben genoemd. Dat was op z’n Indisch. Zo ging dat toen.
Oma Clara was hun enige dochter en enig kind.
De geboorte datum en overlijdensdatum van mijn overgrootouders, zijn niet bekend. Beide overgrootouders zijn in Semarang begraven, niet zo ver weg van de Boeloe straat. Het Kerkhof is nog altijd in gebruik. Het is de buurt van het vroegere CBZ* ziekenhuis
Nu heet het Rumah Sakit Kariadi. Mijn zusters Vonny, Edith en ik zijn in dat ziekenhuis geboren.

Semarang
1910. Pap op schoot van oma Urban. Tante Troel links en tante Martha midden, met hun pop op schoot.

*Centraal Burger Ziekenhuis

Familiefoto

Hier de familiefoto van oma Clara met haar ouders
Samen met haar ouders en haar drie kinderen, tante Troel, tante Martha en pap.
De familiefoto is in de tuin gemaakt van het huis van haar vader. Het was toen aan de Boeloe straat
in Semarang. Oma Clara staat naast haar vader.
Haar beide dochters, tante Martha en tante Troel zitten in het midden.
Allebei met hun pop op schoot. Pap (3-4) jaar zit op schoot van zijn Javaanse oma. En met een Javaanse
vrouwelijke bediende, achter tante Martha en tante Troel.

Arabische afkomst

Is onze overgrootmoeder van Javaans Arabische afkomst?
Tante Troel kon zich nog goed een paar broers van haar oma herinneren. Zij woonden ook in Semarang.
Vaak werd oom Bin Hassan genoemd. Tante Troel kon toen niet uitleggen wat Bin betekent. Bin is het Arabisch woord voor zoon. En voor een dochter wordt het Binti.
Dus de moeder van oma Clara, heette: Binti Hassan. En zij was een dochter van een zekere meneer Hassan. Hassan is een veel voorkomende Arabische familie naam. Vandaar dat de moeder van oma Clara, van gemengd Javaans- Arabische afkomst was. Wij van de Hartung’s hebben dan ook een klein beetje Arabisch bloed. Toen ik Par de familiefoto van oma Clara liet zien en hem vroeg of de moeder van oma Clara iets Arabisch had, zei Par meteen: “Ja dat klopt oom.”
Vond ik best knap van Par dat hij het kon zien van die foto.

Opa Hartung

Het huwelijk van oma Clara met opa Hartung. Begin 1900 trouwt oma Clara met opa Hartung. In Semarang.
Zijn volledige namen waren: George Rudolf Herman Hartung. Het is onbekend, waar opa Hartung was geboren,
wie zijn ouders waren, en of hij broers en zusters had. De achternaam Hartung duidt op een Duitse familienaam.
Het is een veel voorkomende familienaam in Duitsland. Na het huwelijk, verhuist oma Clara met opa Hartung
naar Bandung. Tante Martha (31-3-1903 ), en tante Troel (14-3-1904) zijn beiden in Bandung geboren.
Maar oma Clara heeft niet zo lang in Bandung gewoond. Zij komt in het jaar 1906 weer terug naar Semarang.
Met tante Martha en tante Troel, die nog 2 jonge meisjes waren van 2 en 3 jaar. Maar zonder opa Hartung.
En zij was in verwachting van pap. Pap werd op 23 november 1906 in Semarang geboren.

Opmerking
Over mijn familienaam Hartung. Het is heel waarschijnlijk dat opa Hartung Indisch was. En dat hij in Nederlands-Indië was geboren. En familie in Nederlands Indië had ? Of ook in Pruisen? In Nederland zijn er andere Indische families met deze familienaam Hartung. Maar die wij niet kennen.

Wat is er met opa Hartung gebeurd?
Ongetwijfeld zal oma Clara met haar ouders over opa Hartung hebben gesproken. Maar met haar kinderen heeft zij nooit erover gesproken. Ook niet toen zij al volwassen waren. Over wat er was gebeurd. Was opa Hartung overleden? Was hij verongelukt? Waren zij van elkaar gescheiden?
Was hij zomaar vertrokken?
Zowel tante Martha en tante Troel wisten het niet, wat er met opa Hartung was gebeurd. En pap heeft er nooit over gesproken.
Het antwoord op al deze vragen, heeft oma Clara als een geheim in haar graf meegenomen.
Het waren andere tijden, denk ik maar zo.

Voornamen

Maar de voornamen van opa Hartung zijn wel in onze familie opgenomen. Eerst bij pap, toen hij in 1906
in Semarang werd geboren. Hij werd Eduard George Hartung genoemd. En wat later bij mij, toen ik in 1940
werd geboren: Want ik kreeg zijn naam Rudolf mee. Mijn andere voornaam, Bertram komt van de vader
van mam’s kant. En óók zus Edith (1942) kreeg een voornaam mee van opa Hartung: Georgina.
Hoe het ook zij, er was respect voor onze opa Hartung. Zus Vonny kreeg voor die tijd, een heel moderne
meisjes naam Yvonne. En Von: “Jij hebt echt een hele mooie naam!!!”

Muzikaal

Tante Troel vertelt over oma Clara: “Onze moeder had een heel goede band met haar ouders. Ja vooral met haar vader.” Oma Clara , kreeg een goede opvoeding, heeft de MULO gedaan. Was actief op gebied van humanitaire bezigheden. Ook toen zij een gezin had, heeft zij zich altijd georiënteerd op allerlei culturele bezigheden. Zij was ook heel muzikaal. Zij hield van muziek. Vooral van klassiek.
Zij heeft pianoles gehad. En speelde klassiek op de piano.
“Zij kon zo lief spelen”, vertelde tante Troel over haar moeder. Ook Tante Troel speelde goed piano. Zij had pianoles gehad en speelde meestal klassiek. En altijd met bladmuziek. Laat ik pap niet vergeten.  Oók pap speelde goed piano. Meer van populaire genre. “Hij had geen geduld voor piano lessen. En kon geen noten lezen,” zei tante Troel. Pap speelde altijd uit zijn hoofd.
Edith die ook pianoles heeft gehad kon uitleggen dat Pap altijd in ‘Fis’ speelde.
Het blijkt hieruit dat pap toch wel enige pianolessen heeft gehad.

Boeloe Banjirkanaal

Zwemmen in het Boeloe banjirkanaal. Pap had zo zijn eigen jeugdherinneringen van de Boeloestraat.
Hij heeft vaak over het zwemmen verteld in het banjirkanaal. En over de waterglijbaan. Hun huis lag dicht
bij het banjirkanaal. Het banjirkanaal met die waterglijbaan werd dikwijls door pap en zijn vriendjes bezocht.
Vooral met de regentijd. En ‘s middags na school, ging hij vaak samen met een paar vriendjes in het kanaal
zwemmen. Vlak bij die stuwdam en glijbaan. Ook nu is het voor de jeugd een leuke speelplaats.
Om je door het stromend water op die glijbaan naar beneden te laten glijden.

Pap vertelt
Over de strenge baboe van vriendje Miel. Op een middag ging pap met vrienden zwemmen, glijden en duiken
daar bij de stuwdam van het banjirkanaal. En niemand had zin om naar huis te gaan.
Maar toen zagen zij de baboe van vriendje Miel aankomen.

Van Miel was bekend dat hij een heel strenge moeder had.
“Al van uit de verte zagen wij haar komen aanlopen,” vertelde pap.
En wij tegen Miel: “Miel jij gaat maar even onder water ja, en jij blijft daar even onder ja!
En wij zeggen wel tegen jouw baboe dat jij niet bij ons bent!” Dus Miel hapte nog flink wat extra lucht naar binnen
en dook toen onder. In het diepere water bij de sluis van het banjirkanaal.
De baboe komt aanstappen. Zij blijft daar staan, vlák bij de sluis van het kanaal. Vlák bij het diepere water,
waar Miel onder water zat. En zij roept heel streng naar ons: “Wáár is sinyo Miel !!”
Wij allemaal in koor: “Sinyo Miel ‘ister’ niet mbah!!” De baboe vertrouwt het niet helemaal.
Zij blijft maar wat rondhangen. Bij de sluis van het banjirkanaal. De baboe wou maar niet weg!

Stuwdam

Stuwdam Boeloe banjirkanaal met glijbaan (foto 2019)
Stuwdam Boeloe banjirkanaal met glijbaan (foto 2019)

Wij allemaal een beetje zenuwachtig. Het moet niet langer duren.
Het had misschien al zo’n minuut geduurd of zo. Maar de baboe wóu maar niet weg !
Alsof de baboe wist dat zij werd bedonderd. En ja hoor, even later komt het hoofd van Miel proestend boven water.
Miel kan het niet langer uithouden! En zijn baboe roept meteen: “Adoeh … jij Miel. Dáár ben jij ja !
Adoeh jij nakal ja, Ayo… eruit, ayo tjepet !!” Miel klimt uit het kanaal. Hij durft niets te zeggen.
De baboe gaf Miel nog een flink standje. En toen ging Miel, aan de hand van zijn strenge baboe naar huis.
Die Miel toch … Pap kon altijd heel smakelijk lachen, als hij dit verhaal aan ons vertelde, over het zwemmen
in het Banjirkanaal.

Op Java wordt veel gevliegerd. Met gewone vliegers. In allerlei vormen, vaak met staarten.
Maar ook kent men hier het vliegervechten. Het is een luchtgevecht tussen 2 vechtvliegers.
De vechtvlieger heeft geen staart. En je hebt speciaal vecht-vliegerstouw nodig.

Wat is vecht-vliegerstouw? Het is touw waarop een heel dun laagje glaspoeder is aangebracht. Dus behoorlijk scherp aan je handen. Vecht-vliegerstouw wordt altijd zelf gemaakt.
Hier het recept : Fijn gestampt glas vermengen met vloeibaar hars. En dat alles op je vliegertouw insmeren.
Dan alles goed drogen. Zo krijg je glasdraad of glastouw. Waarmee je het draad van een andere vlieger
kan doorsnijden. Succes !

Pap vertelt een verhaal over een vlieger gevecht.
Op een dag roept Johan naar ons: “Hè, Ed en Miel, jullie even luisteren ja. Morgenmiddag, jullie móéten mij helpen ja! Ik heb een Javaan uitgedaagd!”
“Oh ja? Ga je vechten?”, vroegen wij. “Nee, niet echt vechten natuurlijk! Maar ik ga vechten tegen zijn vlieger!
Van die Javaan.”

Johan legt uit.
“Jullie zijn mijn helpers ja! En jullie helpen mij ja! met het touw, okay ja ! Als ik ‘vier’ roep dan moeten jullie
gauw het touw losrollen van het blik. Want mijn vlieger moet een beetje verder omhoog. En als ik ‘rol’ roep,
dan moet jullie het touw gauw om het blik rollen. Want ik trek mijn vlieger weer naar beneden. Okay ja!”

gevechtsvlieger

Wij vonden Johan, die wat ouder was, best aardig. Af en toe was hij wel een beetje stoer en bazig naar ons.
En wij beloofden hem te zullen helpen. Met dat gevecht tegen die Javaan.
Maar wij zouden Johan deze keer een beetje pesten.

De volgende dag begon het vechten. Johan en de Javaanse jongen lieten hun vliegers op.
De wind stond heel gunstig. Al gauw schommelden hun vliegers hoog in de lucht.

Druk met vieren en rollen.
Johan gaat meteen in de aanval. Laat zijn vlieger naar beneden duiken. Op het touw van de Javaan.
Hij wil de Javaan snel verslaan. “Vier!” roept hij. Wij rollen het touw van het blik los.
Johan roept weer “Rol”, en hij trekt zijn vlieger naar beneden. Wij rollen het touw weer om het blik.
En dat spelletje van ‘vier en rol’ ging nog even door. Maar nog steeds geen goed resultaat voor Johan.

De Javaanse vlieger hing nog steeds strak in de lucht. De Javaan lacht een beetje naar ons…
Wij lachen terug natuurlijk… En Johan: “Wat staan jullie toch te lachen! Opletten ja!”

Wij kijken elkaar aan: “Ayo, zo meteen Ja?” Miel haalt een pakje te voorschijn. Er zit iets in verpakt.
En Johan roept weer: “Jullie nu goed opletten ja. Zo meteen ik pak hem! Goed vieren ja!”
En hij begint te schreeuwen : “Ayo vier! Ayo vier! Ayo vier, vier…vier….snel vieren, nog meer, nog meer,
ayo vlugger!!…. Niet zo langzaam toch!!”

Het pakje van Miel. Wij druk met vieren. En toen Miel maakt het pakje open.
Hij houdt dat spul ervan in het glastouw. En het gaat zo door naar de handen van Johan.
Die blijft maar roepen: “Ayo ayo dóórgaan dóórgaan….vier…snel…..snel. Vieren!!
Ayo vier snel, vlugger jullie … Ayoooo! Niet zo sloom jullie twee !!”

Wij ook dóórgaan met het glastouw in dat spul te houden. Johan blijft maar roepen: “Ayooo ayooo….
dóórgaan, dóórgaan vier… snel snel! Vieren…ayooo! Vier… vlug. Niet zo lángzaam toch!”

En toen plotseling schreeuwt Johan : “Adoeh, adoeh!, Wat is dat!” En Johan laat dan plotseling zijn handen
los van het touw. Met een vies gezicht schudt hij zijn handen. Hij schreeuwt “Verdraaid het stinkt!. Adoeh, bau !
Het ruikt naar poep!!” En hij ruikt weer aan zijn handen: “Adoeh hondenpoep!!”

Johan kijkt naar ons. Wij lachen ons rot. Toen Johan daar steeds maar aan zijn handen ruikt…hahahahaha.
Ook de Javaan had de grootste lol en lacht zich rot. De vlieger van Johan is al gevallen. Het gevecht wordt gestaakt.

Ja en toen moesten wij natuurlijk bekennen dat wij een hondendrol in het papier hadden verpakt.
En dat met het vieren, het glastouw door die hondendrol ging. Johan, zijn gezicht wordt eerst rood,
ook een beetje boos, maar moest toen ook met ons meelachen! Johan roept: “Ayo…zwemmen!”
En Johan rent naar het banjirkanaal. Hij houdt zijn handen voor hem uit. Wij hollen achter hem aan.
En de Javaan ook. Even later zwommen wij, samen met de Javaan, lekker in het Banjirkanaal.
Wij hebben nog vaak Johan gepest.

Voetbal

Broer Peter vertelt over pap en Go Ahead. Pap is in hart en nieren, altijd een sportman geweest.
In zijn jonge jaren was hij vreselijk goed met voetballen. In Semarang heeft hij altijd voor GO AHEAD gespeeld.
Voor vele jaren in het eerste elftal. Mam heeft vaak op de tribune gezeten. En riep altijd fanatiek naar pap:
“Ayo Ed snel snel!!” Pap werd altijd opgesteld in het Bondselftal van Semarang.
“Ik passeer ze allemaal”, hoor ik pap nog vertellen. Zie het krantenbericht en foto op de volgende bladzijde,
over pap opgesteld in het eerste elftal.

voetbal

Het Bondselftal dat tegen Bep Bakhuis speelde. Op de foto staat pap 2e van links.
En Koos Michels 4e van links
Natuurlijk was pap heel trots toen hij in het Nederlands Indisch Elftal werd opgesteld
en tegen de legendarische Bep Bakhuis heeft moeten spelen. Volgens mij hebben ze wel verloren.
Maar goed, je kunt niet altijd winnen.

Met heel veel dank aan Eric Michels, ook een Semaranger van mijn generatie, die mij de foto van
het Bondselftal toestuurde. Zijn vader Koos Michels, staat 4e van links, ook een ‘Semaranger’,
was keeper bij MOT, de andere voetbalclub uit Semarang. Zijn vader was een geweldige keeper!
En een echte sportman. Zo vertelt Eric Michels over zijn vader.

Pap werd de pingelaar genoemd. De techniek waarmee je de bal, met schijnbewegingen, langs
je tegenstander probeert te tikken. De bal liet hij niet los. Hij was verliefd op de bal!
Zo zou je het kunnen het omschijven. En hij passeerde veel tegenstanders.
En mam fanatiek naar pap: “ Ayooo… ayooo Ed… ayooo Ed… ayooo Ed…ayooo!”
Zo vertelt broer Peter.

Pap was ook goed met tennissen. Met het verstrijken van zijn actieve voetbaljaren is pap met tennissen doorgegaan.
Ook met tennissen had hij succes. Hij had tennis les gehad van een Indonesische collega, die heel goed speelde.
Hij speelde met een Dunlop, zo’n oud model uit de jaren 1950. Helemaal van hout.
Na kantoortijd speelde hij op de club van de BPM. Zij hadden daar baanverlichting. Dat moet wel want
na zes uur ‘avonds is het hier al donker. Hij deed vaak mee met tennistournooien in Semarang.
Met nicht Ilse de Rooy heeft hij een mixed dubbel gespeeld in Bandungan. Als ik mij goed herinner,
hadden zij de 1e of 2e prijs gewonnen. Pap had een mooie en heel sierlijke slag bij tennissen.

Een beetje als van Federer. Alsof hij een ballet-danser was op de tennisbaan.
En ook op de tennisbaan was pap heel snel. Hij kon daarom veel dropshots halen.
Toen hij pas in Nederland was, heeft hij wel eens samen met neef Kees Gereke gespeeld,
die toen ook goed tenniste.

Pa en Ma

Pa en ma Heijting dansen op Petrus Boemel.
Petrus Boemel is een wals melodie, die pap vaak speelde toen mam en pap nog aan de Chopinlaan woonden. De ouders van Atty waren op bezoek bij mam en pap. Het was erg gezellig. Mam had natuurlijk heerlijk Indisch gekookt. Wij hebben gesmuld.
Even later werd het nog gezelliger toen pap achter zijn hammondorgel ging zitten.
En ja natuurlijk. Al snel kwam pap met ‘zijn Petrus Boemel’ aanzetten.
Ma en pa Heijting, beiden verwoede dansers, konden niet stil blijven zitten.
“Kom op Greet!” riep pa Heijting.
En even later maakten zij een zwierige wals door de kamer.
Op Petrus Boemel! Een onvergetelijke leuke herinnering!

Verlovingsfoto mam en pap (1936)

 

Ik sluit mijn verhaal af met beelden van andere heel sportieve Hartung’s: het zijn broer Peter en zus Carla. Beiden staan in Apeldoorn bekend over hun sportiviteit en over hun tennisprestaties.
Peter, die vroeger op hoog niveau tennis heeft gespeeld, werd vroeger door pap gecoached.

Peter en Carla zijn beiden nu senioren en spelen competitie in Apeldoorn.
Carla zowat elk jaar kampioen met haar team!! Nu pas weer met mei 2019.
En haar team staat zelfs op een iets hoger nivo dan het team van Peter!!
En tegen Peter!! Jouw team zal toch wel wat meer aan jullie conditie moeten doen!! Van harte gefeliciteerd Carla!
En jullie alle twee, nog vele sportieve tennis jaren toegewenst!

 

 

 

 

 


Wanneer er een nieuw artikel verschijnt, mail ik een berichtje aan degenen die zich hebben ingeschreven. Dan hoeft u niet te zoeken. Inschrijven kan door op het plaatje te klikken. Dan krijgt u meteen een ebook cadeau: Drie tips om herinneringen door te geven.

Rudy Hartung over Oma Clara uit Semarang

Geef een reactie