indische verhalen

Schrijftip: Waar moet ik over schrijven? (video)

“Waar moet ik over schrijven?” Die vraag hoor ik nogal eens en ik begrijp de achtergrond ervan. Want elke week verschijnen er nu boeken over Indië. Alles lijkt al gezegd. Alles lijkt al beschreven. Dus ja, wat moet u daar nog aan toevoegen…

Dat zijn sombere gedachten. Ik kan ze verhelpen. Want inderdaad, de stapel boeken over Indië groeit, het is een onderwerp dat kennelijk in de mode is. Maar er ontbreekt iets. Dat is uw persoonlijke ervaring. Uw herinneringen aan leven met ouders die de oorlog hadden meegenomen. Uw visie op vroegere generaties.

Wat me opvalt: het zijn vooral degenen met een goed verhaal die aarzelen. Dus dan moedig ik extra hard aan om dat op te schrijven.

Ervaring

Als ik aan een boek werk, zoals nu aan het levensverhaal van de Atjeh-generaal Frits van Daalen, dan vraag ik me vaak af, hoe het dagelijks leven hier of daar was. Waar hij woonde. Hoe een doorsnee dag verliep. Het eten.
Dan heb ik even niks aan de grote historische overzichten.
Dan zoek ik naar persoonlijk verhalen, in de hoop dat ze er zijn.
Waar verlang ik dan naar, en met mij ikweetniethoeveel andere mensen?

Video

In deze video:

  •  waarom persoonlijke verhalen belangrijk zijn
  •  een opmerking over toko’s in Batavia
  •  de realistische bemoediging waardoor u hopelijk moed vat

Zet de stap
Heeft u dat ook? En zit er wel een verhaal in uw pen? Praat met mij. Maak een afspraak via mijn digitale kalender: klik hier en kijk hoe dat gaat. (opent in een nieuw venster)


Wanneer er een nieuw artikel verschijnt, mail ik een berichtje aan degenen die zich hebben ingeschreven. Dan hoeft u niet te zoeken. Inschrijven kan door op het plaatje te klikken. Dan krijgt u meteen een ebook cadeau: Hoe begin ik? 5 gouden tips waarmee het altijd lukt

gratis ebook

Schrijftip: Schrijf je Bandoeng of Bandung? (video)

Bandoeng of Bandung? Eh… Woorden liggen gevoelig, we lezen het overal. In onze tijd ligt alles onder een vergrootglas en iedereen heeft lange tenen.  Reden te meer om aandacht te besteden aan het gebruik van termen en plaatsnamen.

Ingewikkeld hoeft dat niet te zijn. U neemt een besluit over welke termen u wanneer hanteert en dat doet u consequent. Dat laatste is het belangrijkste.

Ervaring

Omdat ik steeds weer een boek over de oude Indische tijd schrijf, heb ik te maken met de oude spelling en benamingen. Tjimahi is voor mij Tjimahi, al kom ik dat tegenwoordig in verschillende spellingen tegen. Ik vind, we moeten de oude tijd respecteren, ook al denken we nu misschien anders. Dat geldt ook voor plaatsnamen, voor termen en ook voor uitspraken. In de inleiding van elk boek zet ik deze opvatting uiteen. Daarin ben ik bepaald de enige niet.

Video

In deze video:

  • de keuzes die onze tijd ons oplegt
  •  een gemakkelijke oplossing die u zo kunt toepassen
  • waarom consequent zijn mooie resultaten oplevert

Heeft u een vraag, wilt u eens overleggen, boek dan een gratis advies-gesprek via mijn digitale kalender. Klik hier en kijk hoe dat gaat.


Wanneer er een nieuw artikel verschijnt, mail ik een berichtje aan degenen die zich hebben ingeschreven. Dan hoeft u niet te zoeken. Inschrijven kan door op het plaatje te klikken. Dan krijgt u meteen een ebook cadeau: Hoe begin ik? 5 gouden tips waarmee het altijd lukt

gratis ebook

Schrijftip: bang voor kritiek? (video)

Dit is een gevoelig onderwerp want u en ik vinden alletwee, kritiek daar moet je tegen kunnen. Maar kritiek kan ook hard aankomen, dat weten u en ik ook. En die wetenschap kan bang maken. Dat u denkt: waar begin ik aan, moet dat wel, misschien is het beter dat ik het familieverhaal helemaal niet opschrijf.

Een mens moet zich niet laten leiden door angst. Verlangen is een betere gids. Alleen, hoe dan om te gaan met angst voor kritiek?

Ervaring

Bij mijn eerste boek was ik nergens op bedacht. Ik was blij dat het er was en dacht dat iedereen dat zou zijn.  Maar al op de boekpresentatie maakte iemand een opmerking, en innerlijk kromp ik in elkaar. Juist iemand die altijd zo aardig was. Dus bij het boek erna voelde ik me onzeker. Later dacht ik, dat went wel. Maar nee, bij elk boek waar ik aan begon voelde ik van binnen dat bangige weer. Dus ik begon te zoeken naar oplossingen. Schrijven is ook omgaan met mezelf.

Video

In deze video:

  •  hoe kritiek kan aankomen, we blijven allemaal mens met gev0el
  •  waarom u het beste een Tefal-pannetje kunt worden
  •  wat helpt om rustiger te zijn en blijven

Heeft u een vraag, maak dan een afspraak voor telefonisch overleg via mijn digitale kalender: klik hier en kijk hoe dat gaat. (opent in een nieuw venster)


Wanneer er een nieuw artikel verschijnt, mail ik een berichtje aan degenen die zich hebben ingeschreven. Dan hoeft u niet te zoeken. Inschrijven kan door op het plaatje te klikken. Dan krijgt u meteen een ebook cadeau: Hoe begin ik? 5 gouden tips waarmee het altijd lukt

gratis ebook

Schrijftip: hoe kan ik leuker schrijven? (video)

U kijkt naar uw tekst en het gevoel komt meteen binnen: dit is niet leuk om te lezen. De feiten staan er, de jaartallen zijn in orde, maar het lijkt eerder een rapport of een opstel dan een verhaal dat leuk is om te lezen.

Leuk, moet dat? Ja, een beetje wel. Plezier hebben in schrijven is belangrijk, dat houdt u gaande. En plezier in het lezen is ook belangrijk, want of u nu schrijft voor heel Nederland of voor de familie, u wil niet dat uw werk ongelezen blijft. In de video vindt u tips om dat plezier terug te vinden.

Oefenen

Wat ik ook schrijf, of het een column is of een biografie, de opdracht aan mezelf is het plezier te vinden en vast te houden. Soms vergeet ik het. Dan zie ik het meteen. Wat ik schrijf, is dan  saaier. Er hoeft niet meteen humor in of flauwe grappen, dat bedoel ik niet. Wel dat een tekst gericht moet zijn op lezers, en die mogen er best genoegen aan beleven, net als u wanneer u schrijft.

Video

In deze video:

  • waarom u uw werk in stukjes moet hakken
  • wat krrr krrr krrr met uw tekst kan doen
  • wat u krijgt als u blijft oefenen

Zet de stap
Heeft u dat ook? En zit er wel een verhaal in uw pen? Praat met mij. Maak een afspraak via mijn digitale kalender: klik hier en kijk hoe dat gaat. (opent in een nieuw venster)


Wanneer er een nieuw artikel verschijnt, mail ik een berichtje aan degenen die zich hebben ingeschreven. Dan hoeft u niet te zoeken. Inschrijven kan door op het plaatje te klikken. Dan krijgt u meteen een ebook cadeau: Hoe begin ik? 5 gouden tips waarmee het altijd lukt

gratis ebook

Schrijftip: hoe kom ik aan structuur? (video)

Aan een verhaal werken kan overweldigend zijn. Al die informatie, die jaartallen, die namen, die… het is veel en toch wilt u niet schrappen. De oplossing is: structuur. Daarmee wordt uw verhaal overzichtelijk, voor uzelf en voor uw lezers. Het maakt niet uit of u werkt aan een verhaal over uw eigen leven of dat van de familie: zonder structuur heeft u een emmer vol feiten waar niemand iets mee kan. Uw verhaal is meer waard.

Oplossing

Wanneer ik aan een nieuw boek begin, neem ik een schoon vel papier en een pen, en dan ga ik een structuur bedenken. Dat wil zeggen, ik probeer of ik hoofdstukken kan opstellen. Tien stuks. Soms heb ik er 17 ( te veel), soms 3 (te weinig), maar wat ik dan wel heb is een begin. En daarmee kan ik verder. Dat is structuur ook: een hulp voor degene die wil schrijven. Het biedt duidelijkheid en richting en daar heb ik houvast aan.

Video

In deze video:

  •  waarom structuur belangrijk is
  •  het belang van hoofdstukken maken
  •  het doel: duidelijkheid bieden

Zet de stap
Heeft u dat ook? En zit er wel een verhaal in uw pen? Praat met mij. Maak een afspraak via mijn digitale kalender: klik hier en kijk hoe dat gaat. (opent in een nieuw venster)


Wanneer er een nieuw artikel verschijnt, mail ik een berichtje aan degenen die zich hebben ingeschreven. Dan hoeft u niet te zoeken. Inschrijven kan door op het plaatje te klikken. Dan krijgt u meteen een ebook cadeau: Hoe begin ik? 5 gouden tips waarmee het altijd lukt

gratis ebook

Schrijftip: wat als de familie “nee” zegt? (video)

Het kan van de ene op de andere dag gebeuren, meestal wanneer u zich net lekker voelt en uw verhaal goed op gang komt. Via via, of opeens aan de telefoon, hoort u dat de familie het helemaal niet leuk vindt dat u aan het schrijven bent gegaan. Want wat gaat u allemaal opschrijven? Gaat u de vuile was buiten hangen? Waarom moet iedereen dat weten?

Zo opeens-plotseling een “nee” horen is ontmoedigend. Het kan al het schrijfplezier doen verdwijnen. Want ja, waarom doet u het eigenlijk. Dat gevoel. Ik snap het, maar ik zeg ook: blijf er niet in hangen. Zoek een uitweg om de relaties met de familie te behouden en uw eigen stem te laten horen. Dat kan. In de video geef ik een manier.

Ervaring

Als biograaf heb ik heel wat keren in een spanningsveld gezeten. Dan zei de ene tak nazaten: “Als je met die andere tak praat, dan praten wij niet met jou.” En die andere tak zei dat ook over die ene tak. Dan zit je klem. Het overkomt ook andere biografen, eigenlijk kan het iedereen gebeuren die een levensverhaal schrijft. Ik wil maar zeggen, u bent de enige niet die dat overkomt, dus hou goede moed op een positieve afloop. De meesten van ons vinden ook een oplossing.

Video

In deze video:

  •  kies voor de lange termijn in plaats van de confrontatie
  •  het belang van de oudste dan wel de verstandigste in de familie
  •  u kunt hoe dan ook blijven schrijven

Heeft u een vraag, wilt u eens nader overleggen, weet u niet hoe u moet beginnen,  plan dan een gratis overleg-gesprek in via mijn ditgitale kalender. Klik hier en kijk hoe dat gaat. (opent in een nieuw venster)


Wanneer er een nieuw artikel verschijnt, mail ik een berichtje aan degenen die zich hebben ingeschreven. Dan hoeft u niet te zoeken. Inschrijven kan door op het plaatje te klikken. Dan krijgt u meteen een ebook cadeau: Hoe begin ik? 5 gouden tips waarmee het altijd lukt

gratis ebook

Schrijftip: moet ik alles uitleggen? (video)

We weten nooit wat een ander weet. Of niet weet. U kunt denken: iedereen weet toch dat het anders was op Java dan op Sumatra. En dan hoort u weer wat dat geheel Indië op dezelfde hoop veegt. Of alles daar de hele tijd hetzelfde was.
Wanneer u gaat schrijven, gaat u dus ook uitleggen. Niet alles. Wel veel. Dat is een proces, hoor, om dat te begrenzen. Ik ervaar het zelf weer, nu ik aan de biografie van Van Daalen werk. Dan moet ik bepalen: wat van Atjeh leg ik uit, en wat niet.
Maar ik heb een methode.
Die deel ik met u in de video.

Video

In deze video:

  • het belang van historische kennis
  • hoe u precies genoeg uitlegt
  • het neefje van 15

Praat met mij
Heeft u een vraag, wilt u eens overleggen, maak dan een afspraak voor telefonisch overleg via mijn digitale kalender: klik hier en kijk hoe dat gaat. (opent in een nieuw venster)


Wanneer er een nieuw artikel verschijnt, mail ik een berichtje aan degenen die zich hebben ingeschreven. Dan hoeft u niet te zoeken. Inschrijven kan door op het plaatje te klikken. Dan krijgt u meteen een ebook cadeau: Hoe begin ik? 5 gouden tips waarmee het altijd lukt

gratis ebook

Lodewijk Molier: “Kleinkind van de Oost”

Lodewijk Molier: “Kleinkind van de Oost”, stond er bij het verhaal dat in mijn mailbus kwam. Ik lezen en toen weer. Want alles stond er goed in en toch moest ik er flink van nadenken. Een Indische stem die niet altijd Indisch wilde zijn en dan zegt, dit verhaal in Buitenzorg te schrijven. Echt gebeurd, en voor velen herkenbaar vermoed ik.

Indische lichaamsbouw

In romans en verhalen van schrijvers zoals Hans Vervoort vind je een keur van gevoelens, gedachten en levenssituaties beschreven.

Zo is het hoofdstuk waar hij in Kind van de Oost schrijft over jeugdvriend Peter voor mij aangrijpend. Bij voorbeeld het fragment waar Peter moet aanhoren hoe de moeder van het gezin waar hij is ondergebracht met een vriendin het over zijn “geen ouders meer hebben” en “lelijke uiterlijk” heeft. Het roept de herinnering op dat ik met een buurvrouw en haar zoontje mee naar het strand mocht omdat mijn moeder dat niet kon.

Waar ik bij zat werd in een samenspraak met haar vriendin in onbedekte termen gedelibereerd over de omstandigheid als gehandicapte een kind te hebben. Vervolgens vroeg de vriendin met een minzame glimlach hoe oud ik was om daarna de vergelijking te maken tussen mijn tengere, Indische lichaamsbouw en die van haar zoontje dat twee jaar jonger veel groter en forser was.
Net als bij Kees in de roman van boven genoemde auteur was me op het hart gedrukt vooral te “bedanken voor alles” nadat, me realiserend, mijn moeder door hen figuurlijk en ik letterlijk, te licht bevonden was.

Passing

kleinkind

Mijn Javaanse voormoeder Mardinah (1830-1877) en haar gezin.

Doordat mijn in 1913 geboren moeder een lichte huid en blauwe ogen had, waar ze niet mee kon zien, maar wel voor “Hollands” mee kon doorgaan, was het Indische nauwelijks aan haar af te zien. In de rassenverhoudingen in de USA noemt men dit “passing”. Dat gold niet voor haar tien jaar jongere broer, de zingende zich op de gitaar begeleidende en door mij bewonderde ome Leen, die van een onderwijzer op de lagere school te horen had gekregen dat hij “gemene” want Indische ogen had. Over mij als peuter had de in Tandjoeng Pandan geboren oom Carel, die volgens mijn moeder een “Indischman” was, gezegd “precies een Ambonneesje”. Geen Hollands kind en ook geen “passing” dus.

  • Niettegenstaande het feit dat mijn oma al in 1897 per zeilschip naar Nederland vertrok ben ik in mijn jeugd toch opgezadeld met verhalen over het “met de handschoen getrouwd zijn”,
  • dat mijn oma’s nenek Javaans was en Mardinah heette,
  • dat tante Lien een dag en een nacht “kwijt” was omdat de baboe haar mee naar de kampong genomen had.
  • Enzovoort.

Rijstepikkers

Allemaal informatie over een vreemde wereld waardoor ik mij wel bijzonder voelde maar waarmee ik in mijn socialisatieproces in de omgang met Hollandse kinderen in de buurt en op school, weinig kon.
Nadat er nieuwe kinderen op school kwamen, ik te horen kreeg dat dat rijstepikkers waren en mij gezegd werd dat ik daar ook bij hoorde, groeide in mij het verlangen dat een knap vroeg ontwikkeld bruin Indisch meisje met borstjes, Didi Hetiari geheten en pas uit Indonesië in de klas gekomen, mij zou uitnodigen voor haar verjaardag.
Ze had het over Indisch eten, waar van ik door de verhalen over mijn oma had vernomen dat het lekker moest zijn, maar dat wij het thuis niet aten en ik het graag wilde proeven. Na hun komst naar Nederland in 1898 waren mijn oma, haar broer en zus nog wel bij elkaar gekomen om Indisch te koken maar dat was na huwelijken met Hollandse partners verwaterd. Als ik mijn moeder er over vroeg, antwoordde ze, enigszins geschrokken, dat oma wel eens rijst, gesudderd rundvlees en groente kookte. Nassi putih, Java smoor en een sajoer dus.
Om op Didi’s verjaardag terug te komen, ik werd niet uitgenodigd maar mijn klasgenootjes de blonde en blauwogige tweeling Kees en Freddy wel!  Een grote teleurstelling. Toen ik de tweeling naar het verjaardagsfeest en het eten vroeg, werd daar lauw op gereageerd. Het had weinig indruk op ze gemaakt.
Mijn hoop om door Didi op positieve wijze in mijn Indische achtergrond bevestigd te worden en mijn prille gevoelens voor haar beantwoord te zien was in de kiem gesmoord. Achteraf begrijp ik het wel, voor Didi was aansluiting bij, identificatie met en acceptatie door de dominante bevolkingsgoep belangrijker voor haar assimilerings- en socialisatieproces in het prachtland Holland dan de omgang met mij.

Indische erfenis

Het was eigenlijk zo beschouwd een positieve bevestiging van mijn Indisch zijn langs negatieve weg. Wat tien jaar later voor immigranten kinderen heel normaal zou zijn, lessen te krijgen onder schooltijd in eigen taal, volk, cultuur, geschiedenis en bevestiging in hun etnische identiteit, met Nederlands belastinggeld gefinancierd, mede opgebracht door mijn Zeeuwse vader die ploegendiensten draaide in een melkfabriek, was voor kinderen met mijn achtergrond  niet weggelegd. Die achtergrond, identiteit en geschiedenis was blijkbaar in de veranderde geo-politieke situatie van nul en generlei waarde.

Mede door de afwijzing van Didi die er toe leidde dat ik mijn Indische erfenis als ballast zag en ging verdringen had ik later geen oog voor beeldschone Indische meisjes uit de buurt, op de middelbare school en een examenfeestje die wel belangstelling voor mij bleken te hebben.
Een grote vergissing die na een ongelukkige eerste verliefdheid uitliep op een ongelukkige eerste liefde met een Hollands meisje van het christelijk lyceum Delft waar ik beland was en waarvan  de oudere broer mij in een vroeg stadium als Indisch en ongeschikt ontmaskerd had.

Minderheidsgroep

Een sociale wetenschapster met dezelfde achtergrond schreef dat Indische mensen ondanks alle pasar malams en kumpulans niet op elkaar gericht en in elkaar seksueel geinteresseerd zijn. Misschien is dat wel zo.
Niet tot een homogene minderheidsgroep behoren met een bestaand thuisland waarop terug gevallen kan worden brengt dit met zich mee.
Vooral als het land van oorsprong, Nederlands-Indië, niet meer bestaat en de genocide die tijdens de bersiap op ze gepleegd is in het gunstigste geval wordt verzwegen en in het  ongunstigste geval wordt ontkend.
Bij minderheidsgroepen met een achtergrond in het Ottomaanse rijk en de Levant inclusief omstreken die wel een thuisland hebben komt dit niet voor. Ze trouwen met elkaar, laten bij gebrek aan in het geloof orthodoxe partners die naar Nederland komen, hebben ambivalentie ten opzichte van de cultuur van het emigratieland en tot voor kort subsidiering van hun culturele centra.

Naar ik later vernam was het Hollandse credo voor Indische Nederlanders, die hun geboorteland moesten verlaten, vanaf hun aankomst direct gedwongen spreiding, ongevraagd de eigen culuur diskwalificerende voedingsadviezen krijgen, wat er op neer kwam dat men minder rijst en meer aardappelen diende te gaan gaan eten, en zonder subsidie alle inburgerings en huisvestingskosten zelf betalen.
Gecomplementeerd met controle en toetsing door lelieblanke maatschappelijk werksters om vast te stellen of men al voldoende geschikt en geassimileerd was, “is er genoeg afgestoft?” om het pension te mogen verlaten en in aanmerking te komen voor zelfstandige huisvesting.

Eigenwaarde

Het is bewonderenswaardig, dat Nederlanders in wat voor gradatie dan ook een Indische achtergrond hebbend en zich er van bewust wordend dat de etnische groep waar toe zij behoren door de Hollandse bureaucratie achtergesteld en gekleineerd is, toch een positief gevoel van eigenwaarde en vorming van een zelfconcept waarmee de wereld tegemoet getreden kon worden heeft kunnen ontwikkelen.
Alhoewel dat niet gemakkelijk moet zijn geweest.

Soedah of zoals de Nobelprijswinnaar V. S. Naipaul schreef : “the world is what it is”.

Lodewijk Molier, Buitenzorg, 30 april 2023

Schrijftips
Indisch zijn is niet voor iedereen vanzelfsprekend. Ook met een Javaanse grootmoeder kun je dus te licht bevonden worden. Wat betekent het? Elke generatie lijkt daar een eigen antwoord op te moeten vinden. Wie over de familie schrijft, moet dat antwoord ook vinden. Dan is de historische context belangrijk. Wilt u daar eens vrijblijvend over van gedachten wisselen met mij, dan kan dat. Maak een afspraak voor een telefoongesprek via mijn digitale kalender, klik hier en kijk hoe dat gaat.

 


Wanneer er een nieuw artikel verschijnt, mail ik een berichtje aan degenen die zich hebben ingeschreven. Dan hoeft u niet te zoeken. Inschrijven kan door op het plaatje te klikken. Dan krijgt u meteen een ebook cadeau: Hoe begin ik? 5 gouden tips waarmee het altijd lukt

gratis ebook

“…zooals alléén de orchidee die bieden kan.”

orchidee Een orchidee in een potje in een vensterbank. Tyisch Hollands. Het stemt me atijd wat droevig want deze aristocratische bloem verdient meer. Allure. Ruimte om te zijn wat een orchidee is en dat is schoonheid.

Aanbieding

In de supermarktfolder van afgelopen week zag ik een orchidee-aanbieding staan. Erboven stond: voordeelprijspakker. Dan de afbeelding. Vlinderorchidee, 9,95 euro. En nu opgelet mensen in Holland, het was inclusief keramieken pot.
Vaag bestond er een verband tussen de orchidee en Pasen in de folder. Want daarvoor waren andere voordeelprijspakkers aanwezig.

Ooit dacht ik dat je lang moest sparen om een orchidee te kunnen kopen. Wegens hun schoonheid en dat elke bloem weer anders was, dus zeldzaam en daardoor kostbaar.
Waarschijnlijk kwam die gedachte voort uit ten eerste spreken met ouderen over het kweken van orchideen in Indië en ten tweede het langdurig lezen in Indische kranten. Ik dook er weer in, op zoek naar liefde voor de orchidee.

Kostbaar

Begin 1931 bracht het Algemeen handelsblad voor Nederlandsch-Indië een opwindend modern bericht: ‘Orchideeën naar Europa per vliegmachine’.
Vliegen was toen bijzonder. Niks voor een tientje naar Rome. Het was een dure aangelegenheid en als je je bloemen met luchttransport verplaatste, betekende dat een forse investering. De krant bleek evenwel te haastig, want het ging hier vooralsnog om een idee.

  • In de nabijheid van Soekaboemi heeft de heer K. Schmidt eene orchideeën-kweekerij, welke goed rendeert en waaraan door den eigenaar buitengewoon veel zorg wordt besteed. Het is werkelijk een lust voor de oogen zijne prachtverzameling bijzonder zeldzame en kostbare kinderen Flora’s te mogen aanschouwen.
  • Nu heeft in den laatsten tijd de heer Schmidt uit Europa verschillende aanvragen tot levering van orchideeën gekregen en is bij hem het plan ontstaan de verzending per vliegmachine te doen geschieden.
  • Ter zake is [hij] reeds met de K.L.M. in onderhandeling getreden en is men thans nog doende te overwegen, welke verpakking het meest doelmatig is te achten, doch in elk geval is de kans groot, dat b i n n e n k o r t de eerste bezending Soekaboemische orchideeën per vliegmachine naar Europa zal gaan!

Daar staat het: zeldzaam en kostbaar.
Het bracht me terug naar die prachtige roman van de Indische schrijfster Melati van Java, getiteld: Orchidee (1905). Daarin arriveert Idée Sonerius, een meisje afkomstig van de Molukken, in Nederland om hier een academische studie te volgen. Wat je noemt een rolmodel, in de tijd dat vrouwen nog niet eens kiesrecht bezaten. Aletta Jacobs was in 1905 zo’n 25 jaar arts. Maar nog steeds waren academisch gevormde vrouwen een minderheid, en zeker, zoals het nu heet, vrouwen van kleur.
Het was dus wel rebels van Melati van Java om juist haar titelheldin te kwalificeren als een orchidee.

Hupje

In De Indische courant van maart 1931 las ik over een tentoonstelling in Malang. Mijn hart maakte een hupje. Wat een heerlijk tafereel werd hier geschetst:

  • In den bloemenhandel „Het Bloemenmagazijn” alhier werd gistermorgen een tentoonstelling van orchideeën geopend, de eerste, die wij op dit gebied meemaakten.
  • De expositie, die eenige tientallen planten telt, is alleszins een bezoek waard, en meer dan ooit zijn wij tot de overtuiging gekomen, dat de orchidee inderdaad aanspraak kan maken op den naam van de „aristrocrate” onder de bloemen.
  • Wij zagen op deze show een weelde van kleuren en vooral vormen, zooals alléén de orchidee die bieden kan. Het eerst werd onze aandacht getrokken door de Vanda Sanderiana, een variëteit, die wij nog nimmer te voren zagen, met zulke fraaie bloemen, dat deze ons aan fantasie-bloemen deden denken.
  • Dan was daar nog de elegante Dendrobium Veratrijonium; de schitterende paarse Catleya Labiata; de teer lila gekleurde Phalaenopsis Sumatrana en hoe deze andere dochters van Flora mogen heeten.
  • Speciaal willen wij echter de aandacht vestigen op enkele zéér bijzondere soorten en wel in de eerste plaats op de „Heilige Geest”-orchidee, genoemd naar het witte duifje met opengespreide vleugels, dat zich in den bodem van de bloemkelk bevindt. De proporties zijn keurig; zelfs het gele snaveltje ontbreekt niet.
  • Dan is daar ook nog het zoogenaamde „Venusschoentje”, waarvan de bloem den vorm van een keurig damesschoentje heeft.
  • Merkwaardig is ook een afwijking van deze orchidee-soort, den vorm van een Nederlandschen klomp vertoonend. Het was een goede gedachte van „Het Bloemenmagazijn”, deze schitterende collectie bijeen te brengen en ons in de gelegenheid te stellen, deze bloemen te bewonderen, die men anders hoogst zelden te zien krijgt. Wij kunnen een bezoek aan deze expositie ten zeerste aanbevelen.

Wat een namen, wat een soorten, wat een schoonheid moet dat al bij al geweest zijn. O, om slechts een uur over de tentoonstelling te mogen wandelen, te zien, te ruiken en te weten hoeveel meer een orchidee hoort te zijn dan een voordeelaanbieding in een supermarktfolder.

Schrijftips
Wanneer u familieleden in Indië had, dan weet u: in hun wereld bloeide de orchidee. Hielden ze van de bloemen, hadden ze misschien een eigen kasje als hobby? Denken over de orchidee in hun leven is een manier om u het leven van vroeger beter voor te kunnen stellen. Hoe meer dagelijks leven u begrijpt, hoe beter u erover kunt schrijven. Wilt u met mij telefonisch overleggen, dan bent u van harte welkom. Klik en kijk hier hoe u een afspraak maakt. (opent in een nieuwe webpagina)
gratis ebook

Waarom nostalgie recht van bestaan heeft

nostalgieNostalgie maakt me een beter mens. Zachter van binnen. Rustiger ook. In mijn mail belandde zomaar een digitale versie van een oud telefoonboek van Bandoeng. Ik las het pagina voor pagina en toen ik het uit had, begon ik opnieuw.

Nostalgie.

Het is iets met verlangen en iets met gemis, en het doet een beetje pijn daarom maar toch of juist is het zo belangrijk. Nostalgie houdt je hart open.

Maar ik weet ook dat nostalgie een slechte reputatie heeft. Wie moet zuchten bij het zien van familiefoto’s uit het oude Indië, krijgt schampere opmerkingen te horen met daarin iets van tempo doeloe. Dat is ook al een uitdrukking met een beroerde reputatie. Terwijl het gewoon de oude koloniale tijd is, tot misschien uiterlijk 1900.

Wat is het

Niemand verlangt naar de terugkeer van het koloniale systeem. Dat dit fout was, weten we. Dus daar gaat het niet om.
Waarom wel?

Naar mensen die je kent. Namen die je vertrouwd zijn. Anderen lezen ook telefoonboeken. Of oude almanakken, om blij te wijzen: kijk, de naam van mijn grootmoeder, mijn overgrootvader.
Het verlangen naar huizen, waarin de familie woonde, waarin je zelf geboren bent – en dan het verlangen nog een keer daar binnen te mogen komen, nog een keer door die kamers te kunnen lopen.
Zo vaak hoor ik verhalen van mensen die dat mochten, ook al wonen daar nu andere mensen, zoals Margaretha Ferguson dat zo mooi zei.
Het verlangen naar de geuren van Indië.
Naar alles.

Ja nee, dat was de koloniale maatschappij, dat weet ik ook wel. Maar het systeem is het ene en de mensen zijn het andere.
De mensen die er thuis waren, die het vanzelfsprekende konden ervaren van wonen in je geboorteland. Zij werden later de ‘eerste generatie’ genoemd, ook al is het eigenlijk beter om te zeggen: ‘de laatste generatie’, want zij zijn het die Indië nog met eigen ogen gezien hebben.

Volop nostalgie

Op Facebook zijn er groepen met duizenden leden: vol nostalgie, iedereen voelt hetzelfde bij oude Indische foto’s, en vraagt: kende je die en die, was je daar en daar, weet je nog zus en zo.
Verlangen en gemis, en dan ook de hoop iets van toen terug te vinden.
Maar de groepen doen dat niet openlijk.

Er zijn volop Indische clubs en verenigingen, ik ben geloof ik van vijf of zeven lid. Vooral ouderenclubs, die met gemak dansmiddagen voor honderden bezoekers houden. Dan hangt Indië in de lucht. Velen weten de weg nog in Soerabaja of Bandoeng. Kunnen ze zo uitleggen.
Maar ze schrijven geen opiniestukken of rapporten of ingezonden brieven als iemand weer eens Indisch en Indonesisch door elkaar haalt.

Er zijn volop negentigplussers die over Indië kunnen vertellen, of ze er gisteren nog waren. Verhalen, nou.
Maar ze zijn nauwelijks online, waardoor het lijkt of ze niet eens bestaan.

Ik bedoel te zeggen: nostalgie naar Indië is er volop in Nederland.

Alles lijkt nu te gaan over de dekolonisatie, over militair geweld, over rapporten en commissies, de hele tijd onderzoeken en conclusies en harde feiten en stevige interpretaties.
Nou heb ik ook weleens een mening. (kuch)
Daarom is nostalgie des te belangrijker.

Verlangen

Wat ik naar verlang met smart en ongeduld is dit:

  • over de Rode Brug in Soerabaja te lopen
  • Tandjok Priok zien en horen en ruiken, komen en gaan, kruiers, de energie van de haven
  • naar Tosari gaan, en dan de roddels horen (iedereen wist daar alles van elkaar)
  • een Chinese toko bezoeken, maakt niet uit waar, als ze maar Chinees spreken waar ik bij ben en ik de helft van wat ik er zie niet begrijp maar toch wil kopen
  •  een muurbloem zijn bij dansfuiven in hotel Homann in Bandoeng, de jazz moet er fantastisch zijn geweest, de mensen waren geweldig gekleed (als muurbloem zie je meer, vandaar, maar ik doe wel mee met de muziek, want mijn voeten gaan  zachtjes van tapperdie-tap-tap)
  •  op een voorgalerij zitten als het nacht is
  • tjemara’s zien
  •  mijn hand leggen op een waringin (als het toegestaan is)
  • eten bij Des Indes, in Batavia dus (het liefste Tipsy Cake)
  • roepen: “Spada” en dat er dan even later een vriendelijk gezicht naar me kijkt
  • wandelen op Peutjoet, de militaire begraafplaats van Atjeh
  • en vooral door een grote stad wandelen en zien: hier is het gewoon om Indisch te zijn, dat hoef je nooit uit te leggen

Nostalgie is het verlangen om met Indië blijvend verbonden te zijn. En dat verlangen heeft recht van bestaan.

Schrijftips

Waar verlangt u naar als u aan Indië denkt? En als u aan de familie denkt, durft u dan te speculeren waar zij naar verlangden of verlangen? Dat kan stof zijn voor een gesprek, voor een aanvulling in een verhaal over de familie. Wilt u daar eens met mij vrijblijvend over telefoneren, maak dan een afspraak in mijn digitale agenda, klik en kijk hier hoe dat gaat.

gratis ebook

Ga naar de bovenkant