Spreekuur Levensverhaal schrijven: problemen zijn er om opgelost te worden

Hoera, er komt weer een workshop. Eentje waar u iets aan heeft, zeker als u aan een levensverhaal werkt of dat van plan bent.

Schrijven gaat immers niet altijd vanzelf.
Er kunnen vragen ontstaan. Of problemen. Of u loopt vast. Dat is gevaarlijk want als zoiets duurt, laat u het levensverhaal misschien liggen. 

Zonde als het er niet meer van komt

U heeft gewoon even wat hulp nodig, en dat krijgt u in het spreekuur. Leuk om  te weten: het  spreekuur is helemaal gratis.

Wat voor vragen zijn dat?

  • Ik weet niet hoe ik moet beginnen, wat nu?
  • Ik ben vastgelopen, wat moet ik doen?
  • Ik heb geen structuur en hoe kom ik daar nou aan?
  • ik weet niet of het interessant is wat ik schrijf, hoe ontdek ik dat?
  • ik ben niet zo goed met de computer, hoe moet dat nou?
  • ik heb eigenlijk geen tijd hoe doet iedereen dat toch?
  • ik kan niet over moeilijke onderwerpen schrijven, wat nu?
  • ik heb veel te veel om over te schrijven, hoe moet ik kiezen?

In de workshop los ik deze en andere problemen snel en gemakkelijk voor u op. Hoe kan dat?
Dat kan omdat ik vrijwel alle problemen van het schrijven zelf heb meegemaakt en opgelost. Tot dusver heb ik zo’n dertig boeken geschreven, inclusief een proefschrift, en in elk boek had ik wel een of meerdere dingen die ik moest oplossen.
En dat lukte.

Straks gaat u (weer) met plezier schrijven

Nog meer vragen

  • Moet ik in de ik-vorm schrijven?
  • Moet ik in de verleden tijd schrijven?
  • Mag ik over mijn familie schrijven?
  • Moet ik… eh….

Stuur uw vraag in
Via het onderstaande formuliertje kunt u uw vraag insturen. Die behandel ik dan tijdens de workshop. Dat doe ik anoniem, dus uw naam noem ik niet. Waar u mee zit, daar kunnen anderen ook wat van leren.

[si-contact-form form=’7′]

Aan de slag

De workshop is voor iedereen die graag een levensverhaal wil schrijven maar niet weet hoe te beginnen, en voor iedereen die ermee bezig is maar tegen vragen en problemen aanloopt.
Dan kan ik u helpen.
Na de worskhop gaat u (weer) aan de slag, want dan zijn er oplossingen.

Waarom deze workshop?
Nou, eenvoudig. Ik hoor nogal eens dat iemand met veel plezier aan het schriijven begon (goed nieuws) en dan na verloop van tijd komt de klad erin en dan houdt het schrijven op. Dus dan komt er niks meer van. En ik weet dat zoiets van binnen toch pijn doet. Want ja, vaak wachten de kinderen of kleinkinderen op het verhaal en die blijven dan met lege handen. Of u beseft: als ik het verhaal van mijn ouders niet opschrijf, dan doet niemand het en dat kan eigenlijk niet.
Daarom dus. De gratis workshop, met oplossingen uit de praktijk. Ik help u graag.

Gratis Checklist Aan De Slag

Wilt u aan  de slag? Dat moedig ik aan. Voor u heb ik  een cadeautje:  klik hier en download de Checklist Aan De Slag

Hierin vindt u vier tips, die hopelijk een klein duwtje in de rug zijn. Zo komt u sneller vooruit.

Natuurlijk heb ik nog meer tips en adviezen die praktisch zijn.  In de workshop komen er straks veel voorbij. Zorg dus dat u erbij bent.

Opgeven voor de workshop
De workshop Spreekuur levensverhaal schrijven geef ik drie keer, elke keer is ongeveer hetzelfde. U kunt zich inschrijven via onderstaand formulier, dan krijgt u een bevestiging.
zondagavond 2 mei
maandagochtend 3 mei
maandagavond 3 mei

(er is beperkt plaats, dus geef u op tijd op)

Veel gestelde vragen

Hoe gaat dat, zo’n workshop? Ik heb er geen ervaring mee.

Het gaat zo. Eerst geeft u zich op en dan krijgt u mail als bevestiging. Voor de workshop begint, klikt u op een knop in de mail. Dan ziet u mij voor de camera van mijn laptop. U bent zelf niet in beeld. Ik praat en stel vragen. Anderen zien u niet. Eigenlijk is het enige wat u hoeft te doen straks op een knop te klikken.

Ik wil niet in beeld.

Dat snap ik. En ik gebruik geen Zoom, maar  speciale webinar-software. U komt dus niet in beeld.

Ik heb een persoonlijk vraag, kan ik die ook insturen?

Jazeker, hierboven ziet u het formulier. Ik ben de enige die het leest en ik noem uw naam straks niet in de workshop. 

Is de workshop iets voor mij?

Als u dit leest, zou ik zeggen van wel. Want ofwel u denkt erover een levensverhaal te schrijven ofwel u bent ermee bezig. En dan kunnen praktische tips u helpen er plezier in te houden of weer in terug te krijgen.

Wat weet u nog van de toko? (praktisch)

toko

Op deze foto zijn de resten te zien van Chinese toko’s. Ik vond het beeld in de Sumatra post, begin april 1931.

Dit was het bijschrift: Brand te Batavia. Juist toen het liep naar lebaran poesa – het klein feest na de vasten – in den tijd dus, dat de meeste toko’s gewoonlijk goed voorzien zijn van allerlei galanterie-artikelen, mooie kains enz. brak er brand uit op Pasar Senen, een winkelbuurt in Batavia, waardoor een zestal Chineesche toko’s geheel in de asch werd gelegd.

Door de tijd waarin wij leven ben ik gevoelig voor berichten over winkels, dus hier bleef mijn oog aan hangen.
Wat een kain is, weet ik.
Galanterie-artikelen moest ik even opzoeken, en ik leerder: snuisterijen. Dus kleine leuke artikelen, van die hebbedingetjes die je maar even hoeft te zien en dan voel je: ik.koop.het.nu.
Kon ik maar naar een toko.
Ik heb zo’n behoefte aan galanterie-artikelen.

Indrukken

Ik weet dat er mensen zijn die in het oude Indië in een mooie of indrukwekkende toko zijn geweest en met indrukkwekkend bedoel ik: de toko heeft indrukken nagelaten.
Die indrukken kunt u opschrijven op een gemakkelijke manier, als een deel van uw levensverhaal.

Hoe doet u dat?
Als volgt.

Schrijfoefening

Eerst ogen dicht en dan voorstellen: hoe was het ook alweer?
En dan begint u bij het begin dat u nog weet: hoe de toko eruit zag.
Dan naar binnen: wat ziet u, wat hoort u, wat ruikt u?
Daarna loopt u door de toko en u beschrijft alles wat u waarneemt. Het is een soort rondleiding, waarbij u ook uitlegt wat-wat is. Het idee is, dat ik of een ander uw herinneringen lees en daarna het gevoel heb, dat ik ook in de toko ben geweest.
Of misschien denk ik: o, daar kan ik nu zo de weg vinden, en ik weet waar de castorolie staat.
Het is een kleine praktische schrijfoefening, waarmee u ontdekt dat u meer weet dan u dacht, en ook, hoeveel plezier anderen aan uw herinnering kunnen beleven.

Elke toko was anders, groot, klein, met een verschillend assortiment, maar met terugwerkende kracht vanuit het heden zijn ze allemaal interessant.

Wanneer er een nieuw artikel verschijnt, mail ik een berichtje aan degenen die zich hebben ingeschreven. Dan hoeft u niet te zoeken. Inschrijven kan door op het plaatje te klikken.  Dan krijgt u meteen een ebook cadeau: Drie tips om herinneringen door te geven.


levensverhaal

Wie zat er in de zaal toen Dicky de Hoog sprak?

Hoog

Bij de verkiezingen dacht ik aan die ene Indische beroemde politicus uit de jaren 1930: Dicky de Hoog, de geliefde voorzitter het het Indo-Europees Verbond (IEV).

Wie kent hem nog?

Die vraag zal ik anders stellen: wie heeft van zijn of haar ouders iets over hem gehoord?
Want Dicky de Hoog stierf in 1939.
Dat is helemaal niet zo lang geleden. Ik bedoel, het zijn de Middeleeuwen niet.
Misschien hebben uw ouders hem persoonlijk gekend. Of ze zijn bij een redevoering van hem geweest. Hij moet meeslepend zijn geweest en ’t ging altijd ergens over. Geen haatdragend debatvoerder, zoals we de afgelopen tijd veel zagen. Hij had hart voor zijn zaak: de emancipatie van de Indische bevolkingsgroep.
En naar wat ik lees, hield iedereen van hem.

Er is nog geen grote biografie van hem, geloof ik.

Toespraken

De Hoog werkte zich zowat dood voor zijn IEV en die betrokkenheid kwam ook voort uit het zelf Indisch zijn. Met zijn intelligentie, charme en ook zijn talent om meeslepende en sterke toespraken te houden groeide het IEV.
Hij trok volle zalen.
Wiens ouders of misschien grootouders zaten toen in de zaal?

Indië is een, twee generaties geleden, zowat onder handbereik, als we de herinneringen koesteren en opschrijven.

Hieronder wat de Deli Courant publiceerde op 1 maart 1939:

De Deli Courant

Het feit, dat het vreemd klinkt van „den heer F. H. De Hoog” te spreken, wijst er al op: hoe populair en gezien hij was, hoe allen hem beschouwden als een vaderlijken vriend, hoezeer hij hier in het hart van talloozen leefde, en voort zal blijven leven ook nu hij helaas veel te vroeg, is heengegaan.
Het overlijden van De Hoog brengt diepen rouw in de kringen van het IndoEuropeesch Verbond, maar ook rouw en droefenis in de kringen van hen die, niet tot dat Verbond behoorend, hem hebben gekend of gevolgd in zijn werk.

De geheele Indische gemeenschap verliest in hem een figuur van meer dan gewone beteekenis: een man, die zonder ophouden niet alleen voor de belangen van de groep, die hij leidde en vertegenwoordigde, gevochten heeft, maar tegelijkertijd en met alle toewijding voor de imperieele zaak. Hij had de éénheid Holland-Indië lief. Men moest hem daarover hooren spreken: met zijn enthousiasme, zijn plannen, zijn ideeën, zijn teleurstellingen ook als hij meende of voelde, dat er bij velen in Holland nog zoo weinig belangstelling voor de Indische vraagstukken leefde, of zoo weinig kennis omtrent de moeilijke problemen van dit land, waarvan hij een der moeilijkste op zijn schouders geladen had. Dat moeilijke probleem: het vraagstuk der positie van den Indo-Europeaan, sociaal en oeconomisch, is er in de laatste jaren niet gemakkelijker op geworden. De indianisatie spitste het toe, de oeconomische crisis verdiepte en ver-ergerde het delicate der situatie van deze zaak.

Zoo werd de strijd van De Hoog in den loop der laatste jaren eerder zwaarder dan eenvoudiger. Hij, die nagenoeg zijn geheele leven reeds hard voor de belangen van den Indo-Europeaan had gearbeid, zonder ophouden, met voorbeeldeloozen inspireerenden ijver, en die dan ook met trots op de resultaten van dat werk mocht terugzien, moest b l ij v e n d op de bres staan. De tijden gunden hem geen rust. En hij was niet de man om uit z i c h-z è l f te gaan rusten, tevreden over wat hij toch reeds had bereikt, den verderen strijd aan anderen overlatend. Zoo is hij nu: „in ’t harrenas gestorven”.

Zijn nalatenschap is een werk van onschatbare beteekenis voor het imperium. Hij heeft de Indo-Europeesche gemeenschap sociaal en oeconomisch op een aanzienlijk hooger peil gebracht en daarmede het Nederlandsch gezag een nieuwen, krachtigen stut van onschatbare waarde gegeven. Hij wierp een dam op, waar een deel dier gemeenschap naar den kampong dreigde af te vloeien. Hij vocht voor hun recht op een behoorlijk levenspeil in ambten en bedrijven; hij was de groote man voor den kleinen man.
De groote man: die n i e t alleen vocht met zijn klaar, scherp verstand, dat de problemen in hun kern wist te vatten, maar ook met zijn gansche gemoed, met zijn geheele hart.

Het heengaan van Dick De Hoog is voor het I.E.V. een onherstelbaar verlies. De open plaats valt nooit te vervullen. Want deze plaats was niet slechts die van een flink voorzitter, van een goed leider, van een knap socioloog of politicus, wie dan ook. Dick De Hoog was méér dan dat: een vader voor de schare, wier belangen hij kende en begreep als niemand anders, en voor wie hij door het vuur ging, zooals alleen een vader dat voor zijn kinderen doet. Het resultaat van zijn werk blijft, ook nu hij is heengegaan, van zijn daden getuigen. Hij heeft zichzelf een onvergankelijk sociaal monument opgericht in de Indische maatschappij: een monument van groote, imperieele waarde.
Maar het schoonste monument te zijner nagedachtenis staat in het hart van ieder, die hem gekend heeft: de nimmer verbleekende nagedachtenis aan een nobel, eerlijk, offervaardig strijder, die zijn gansche leven de gemeenschap heeft gediend; een ridder zonder vrees of blaam; een me nsch in de edelste beteekenis van het woord. Hij ruste in vrede.


levensverhaal

Wanneer er een nieuw artikel verschijnt, mail ik een berichtje aan degenen die zich hebben ingeschreven. Dan hoeft u niet te zoeken. Inschrijven kan door op het plaatje te klikken. Dan krijgt u meteen een ebook cadeau: Drie tips om herinneringen door te geven.

Hoe vind ik mijn ouders terug in de Indische kranten? (praktisch)

De archieven zijn dicht, maar de websites zijn open. Heeft u al eens in Delpher.nl gezocht? Daar zijn miljoenen pagina’s uit oude Indische kranten gratis te bekijken.

Het valt me op, dat ik de laatste tijd vragen krijg over waar je informatie over vroeger kunt vinden en hoe zoiets gaat. Dat snap ik. Het Nationaal archief is geweldig, ze hebben dozen vol informatie uit en over Indië maar ja, als je niet precies weet hoe zoiets werkt, dan het het best een drempel om erheen te gaan.
Als de deuren weer opengaan, maak ik er een video over.

Deze keer vertel ik iets over Delpher.nl. Op deze website staan allerlei oude Indische kranten, zoals

  • De Sumatra Post
  • Het Bataviaasch Nieuwsblad
  • De Java-Bode

Het mooie is, u kunt ze allemaal gratis lezen. Maar ook kunt u informatie zoeken, uit Delpher halen en op uw eigen computer bewaren. Ik heb een stappenplan gemaakt dat hieronder staat. U kunt het gebruiken om in de Indische kranten uw ouders terug te vinden of iemand of iets anders. Dit is de zoekbasis (het kan ingewikkelder), waarmee u verder komt.

Zoekvraag: “Mijn familie heet De Clerq Zubli. Wat kan ik in Delpher vinden?”

Met deze vraag ga ik naar de website: www.delpher.nl:

Kijk naar het plaatje en zet dan stap 1

Stap 1: vul uw zoekterm in

U ziet drie vensters: links ‘doorzoek alles; rechts zoeken en in het midden een venster waar u uw zoekterm kunt intikken.
Zet de zoekterm tussen aanhalingstekens, dan gaat Delpher zoeken met de hele zoekterm.
Doen: klik rechts op zoeken.

Kijk naar het plaatje en zet stap 2

Stap 2: alle resultaten verfijnen

U ziet hier veel resultaten en dit dus bij een niet zo vaak voorkomende naam. Toen ik mijn boek over Pa van der Steur schreef, heb ik heel Delpher doorgenomen op trefwoord Steur. Ik kreeg heel veel resultaten, ook veel advertenties van visboeren die steur verkochten, dus hier was ik weken zoet mee. Maar daarna wist ik ook heel veel.
Doen: klik op krantenartikelen

Kijk naar het plaatje en zet stap 3

Stap 3: de krantenartikelen bekijken

U ziet: alle zoekresultaten. Bent u nieuwsgierig aangelegd, dan gaat u alles bekijken. Maar u kunt gemakkelijk de zoekresultaten verkleinen. Dat doet u door een van de hokjes aan linkerkant aan te klikken. Probeer het eens. Door hetzelfde hokje nog een keer aan te klikken, verwijdert u de begrenzing en dan heeft u weer alle zoekresultaten.

Kijk naar het plaatje en zet stap 4

Stap 4: sorteer op

Wilt u het oudste eerst of het recente eerst zien? Dat bepaalt u met het vakje ‘sorteer op’.
Doen: klik op het groene vakje naast 0-9 om de variatie te kiezen
0-9= het nieuwste komst eerst
9-0 = het oudste komt eerst

Kijk naar het plaatje en zet stap 5

Stap 5: resulutaten bekijken

Ik klik de eerste titel aan: dus de groene tekst. Dan komt er een nieuw venster. En kijk, daar staat iets over de Clerq Zubli. Precies wat ik zocht.

Bewaren

Hoe ga ik het bewaren op mijn eigen computer?
Daar zijn een paar manieren voor, maar ik neem altijd de gemakkelijkste. Ziet u aan de rechterkant dat rijtje iconen?

Als u 1 klikt op downloaden (icoon met pijltje omlaag, in de cirkel),
dan krijgt u een nieuw scherm:

  •  klik op jpg als u een plaatje wilt
  •  klik op txt als u denkt ik wil dit artikel bewaren. Het nadeel: het komt niet altijd goed leesbaar over, bewaar dus de url van de pagina.
  •  klik op pdf als u de pagina helemaal wilt bewaren. Grote kans dat dan de hele krant in uw computer komt.

“Waar is het in mijn computer?”
Goede vraag.
Grote kans dat het in de map downloads zit. Zoniet, dan is het zoeken, vrees ik.

Hierna klikt u op: Terug naar resultaten, dat staat linksboven:

En dan bent u terug op de lijst, waarna u begint met stap 1 om het tweede resultaat te zien. In het begin is het even proberen en priegelen maar hoe vaker u dit doet, hoe handiger u erin wordt. Dan haalt u in een mum van tijd voorouders uit Delpher, en u heeft er plezier in ook.

Wanneer er een nieuw artikel verschijnt, mail ik een berichtje aan degenen die zich hebben ingeschreven. Dan hoeft u niet te zoeken. Inschrijven kan hier door op het plaatje te klikken. Dan krijgt u meteen een ebook cadeau: Drie tips om herinneringen door te geven.

levensverhaal

Hoe ik aan dit steentje uit Semarang kwam (video)

Op een gelukkige dag in mijn leven ontmoette ik Oom Fred, een kleinzoon van mevrouw Kloppenburg-Versteegh. Hij leek op haar, dus ik was meteen aan hem gehecht. Zo gaat dat, als je een levensverhaal over iemand schrijft.

Oom Fred was destijds bij zijn grootmoeder thuis geweest, dus in het grote huis aan de Bodjongweg in Semarang. Hij wist het nog. Hoe het er rook. Het geluid van de stappen op de tegels. Welke kamer waar was. Misschien vond hij het raar dat ik het zo graag wilde weten en ik eigenlijk ook wel, want voor mijn boek over mevrouw Kloppenburg was een beetje informatie al genoeg geweest.

Waarom ik bleef vragen, begreep ik pas later.

Soms doe je iets en je weet niet precies waarom of hoe, en dan later opeens heb je er veel aan.

Dus ik hoorde Oom Fred eindeloos uit. En hij bleef vertellen.

Toen mijn boek over mevrouw Kloppenburg verscheen, overhandigde ik aan hem het eerste exemplaar.

Jaren later was ik in Indonesië en ik kwam ook in Semarang.

(tekst loopt door onder video)

https://youtu.be/WKpo3MZKHww

Is dat niet vreemd? Opeens weet je waarom iets veel eerder gebeurde. En voordat u het vraagt: het huis heb ik niet gekocht, het was ver boven mijb budget, wegens dat het op een goede locatie stond.
De verleiding voelde ik wel.

De laatste tijd denk ik meer dan anders aan mevrouw Kloppenburg.
Aan haar leven.
Hoe ze was.

Van Oom Fred heb ik al jaren niets gehoord en hij kon uitstekend mailen, dus ik vermoed dat hij naar de hemel is vertrokken. Maar wat hij me in leven vertelde, heb ik onthouden.
Voor hem was het een herinnering, zoals hij er zoveel had.
Voor mij was het belangrijk, voor het boek en ook om later, in Semarang, dichter bij het verleden te kunnen komen.

Zo helpen we elk op een eigen manier om Indië te bewaren.

Heeft u ook herinneringen waarvan u weet: die zijn belangrijk voor een volgende generatie?

Wanneer er een nieuw artikel verschijnt, mail ik een berichtje aan degenen die zich hebben ingeschreven. Dan hoeft u niet te zoeken. Inschrijven kan door op het plaatje te klikken. Dan krijgt u meteen een ebook cadeau: Drie tips om herinneringen door te geven.


levensverhaal

Rudy Hartung: over koenir en mbah Paisah

koenir

Koenir of koenjit (Curcuma domestica). Wat is dat koenir? In het boek over Indische planten, vruchten, enz van mevrouw J. Kloppenburg-Versteegh, staat er over koenir het volgende. “Deze plant komt over geheel Java wildgroeiend voor, vooral in djati-bosschen en is een van de meest bekende temoe soorten, dat zijn planten die om de wortel gezocht zijn. De Javaan noemt haar koenir of temoe koening. In de Maleische streken zegt men koenjit. Men kan deze plant gemakkelijk zelf op het erf kweken. Het beste gelukt dit in lossen grond. Als de aarde goed wordt omgespit krijgt men overvloedig knollen. Deze knollen worden gestampt of geraspt en leveren zo de kerrie, die dient om spijzen te kruiden en geel te kleuren. Men kiest daarvoor bij voorkeur de kleine zijknollen, terwijl de hoofd- of moederknol als medicijn wordt aangewend, vooral wanneer deze overjarig is.“

Aromatisch

Verder schrijft mevrouw Kloppenburg-Versteegh: “Deze hoofdknol of empoe, zoals de Javaan zegt, moet op de doorsnee oranjekleurig zijn en bevat veel olie. De knol moet versch worden gebruikt, want gedroogd heeft het althans als ontsmettingsmiddel weinig waarde meer. Op Sumatra eet men de bladeren, die zeer aromatisch zijn, als groente.”

Mbah Paisah

Dit verhaal over koenir gaat ook over mbah Paisah. Zij is een wat oudere vrouw (76 jaar) die vlak bij ons in een andere desa woont. Mbah Paisah is voor ons de “leverancier” van koenir- sap. Elke week komt zij ons 3 flessen koenir-sap brengen. Een zelf gemaakte, geconcenteerde koenir- sap. Dus niet zo dun zoals door vele andere djamu verkoopsters wordt verkocht. Al vroeg in de ochtend raspt zij op de paroet een paar van deze koenir wortels. De geraspte koenir wordt met wat water vermengd. En dan kneedt zij met haar vingers al die heel kleine stukjes koenir in het water. Het wordt een geconcentreerde koenir-sap. Daarna wordt het gekookt. En na afkoelen is het klaar om in een paar flessen te gieten. Mbah Paisah houdt daarna een gele hand over. “Maar na een paar dagen of zo, is het weer weg ” zegt mbah Paisah.

Voor ons huis ligt de desa van mbah Paisah, verscholen in de bossen.

k ga nu naar haar desa. Want er is iets met mbah Paisah gebeurd. Ik neem jullie mee om met haar kennis te maken. De desa waar zij woont is in de bossen gelegen, tegenover ons huis. Wij gaan door een dal vol met sawah’s. Het is de kortste weg voor die desa. Mbah Paisah loopt ook altijd door dit dal naar ons toe, met de 3 flessen koenirsap. Par en Hanif, gaan met mij mee. Wij lopen de helling af naar beneden. Het is een heel smal pad. En dan gaat het verder over al die smalle dijkjes langs de sawah’s. Met grote kans op uitglijden. Ik doe het voorzichtig aan. Maar toch gebeurde het, dat ik uitgleed. Op zo’n glad stukje smalle dijk. En ik mijn evenwicht verloor. En op drassige gras kwam te vallen. Ik blijf nog even zitten om bij te komen. En dan verder.

De sloot

Wij komen bij een sloot aan. Het is niet zo’n heel brede sloot. Het vormt de grens van de desa met de sawah’s. Wij moeten over een smalle bamboebrug. Zo voorzichtig als mogelijk loop ik over die bamboebrug. Ik wil niet in die sloot vallen. Want dat is mbah Paisah pas overkomen. Dat zij van deze brug in die sloot is gevallen. Met drie flessen koenir sap, die zij naar ons wou brengen. Zij heeft toen voor zo’n paar minuten in het water gelegen. Met haar gezicht in het water. Het is geen diepe sloot. Met regentijd is het zo’n 20 cm diep. Toen zij wakker werd is zij uit de sloot gekropen. En is naar huis terug gegaan. Zij was natuurlijk drijfnat. Zij heeft gauw gebaad, van kleren gewisseld.

Een tijdje later, toen haar dochter thuis kwam heeft mbah Paisah haar dochter wat uitgelegd. Wat haar was overkomen en dat zij in die sloot was gevallen. Haar dochter was natuurlijk geschrokken. En mbah Paisah moest thuisblijven. Haar dochter heeft toen de flessen koenir sap bij ons gebracht. En ons uitgelegd wat mbah Paisah was overkomen. Daarom dat ik mbah Paisah nu ga bezoeken. Via een pad omhoog en door wat bos, komen wij in de desa van mbah Paisah. Een groepje kinderen is aan het spelen. Ik vertel dat wij mbah Paisah willen bezoeken. En of zij ons er naar toe willen brengen. “Ya om” zegt het oudste meisje. En de kinderen brengen ons naar mbah Paisah. Je hoort ze wat kletsen. Over mij. Waarom ik naar mbah Paisah moet. Wij komen bij het huis van mbah Paisah. Zij staat ons al op te wachten. Voor haar huis samen met een buurvrouw.

Mbah Paisah rechts op de foto met een buurvrouw.
Wij gaan naar binnen en mbah Paisah gaat naar de keuken om wat lekkers te halen.
Het groepje kinderen blijft in de buurt. Zij gaan gezellig zitten. Bij de deur van de huiskamer.
Zij luisteren mee. Maken natuurlijk wat grapjes onder elkaar. Ik vroeg of zij ons straks ook weer konden begeleiden. Niet meer door de sawah’s. Maar langs de kali en zo naar de gewone weg.

Mbah Paisah vertelt. Het was een beetje glad op die brug. En dat zij daarom was uit gegleden. En dat zij even in die sloot had gelegen. Met haar gezicht in het water. En toen na een poosje wakker werd. Met de tas nog in haar hand, waarin de drie flessen koenir. En de flessen waren niet gebroken. En dat zij toen heel voorzichtig uit de sloot is gekropen. Zij was nog wat duizelig. En toen naar huis terug gegaan. Er was toen niemand thuis. Eerst wou zij maar niets aan haar dochter vertellen. Maar natuurlijk kwam haar dochter er wel achter. Dat er iets met haar was gebeurd. Al die natte kleren natuurlijk. Maar verder had zij niets meer overgehouden van die val in de sloot. Zo vertelt zij met een vrolijk en lachend gezicht. Wat haar was overkomen. Alsof er niets ernstigs was gebeurd. Mbah Paisah zo’n aardige en lieve Javaanse vrouw. Een kordate vrouw. Wij drinken onze thee, snoepen nog wat van lekkere koekjes uit de stopflessen, die op de tafel stonden, en namen toen afscheid van mbah Paisah.

Kinderen

Het groepje buurkinderen loopt weer voor ons uit. Al kletsend en lachend gaat het naar de rivier. Want ik wou een andere route naar huis. Weer een week later heeft mbah Paisah, zoals gewoonlijk, zelf de drie flessen koenir bij ons gebracht. En vertelt het verhaal ook aan Warni en Yati. Zij moesten allemaal wel lachen hoe mbah Paisah het vertelde. En mbah Paisah vertelt erbij dat zij voortaan niet meer op die brug mag lopen. Maar dat zij gewoon door het water, naar de overkant moet lopen. Dat is veiliger. En… het is ook voor mij een goed advies.

Een familiegeheim: de kleindochter van mevrouw Kloppenburg

“Mijn vader was een bon vivant,” zei de oude mevrouw. “En de oudste zoon. Zijn moeder zag veel door de vingers. Maar ik was anders.” Toen zweeg ze.

Ik voelde een koude wind over mijn rug waaien.
Ging dit echt over… was dit…

 

Het geheim

Ja. Dit was een familiegeheim.
Deze oude mevrouw was de kleindochter van de beroemde en alom beminde Indische kruidengeneeskundige mevrouw J. Kloppenburg-Versteegh. Na jaren zette ze vraagtekens bij het aura van zorgzaamheid dat om mevrouw Kloppenburg hing.
Ik kende haar uit de verhalen als een liefdevolle persoon, die altijd klaar stond voor haar medemens. Maar ik had ook al iets gehoord over een andere kant.

Dwingen

Zorgzaamheid kan iets dwingends hebben.
Van “voor je eigen bestwil” bestaan verschillende varianten, ook door en voor volwassenen.

Albert

De oude mevrouw vertelde dat mevrouw Kloppenburg graag alles bepaalde. Dat wist ik al een beetje via de geschiedenis van een andere zoon, Albert. Hij werd verliefd op een meisje en zijn moeder stak een stokje voor de verkering. Albert bleef de rest van zijn leven vrijgezel, kassian.

Al vergeten

Maar bij deze oude mevrouw ging de dwingende zorg verder. Toen ze niet de weg insloeg die haar grootmoeder voor haar aanwees, werd ze geleideijk uit de familie verwijderd. “Niet over haar praten” veranderde in anderhalve generatie in “niet meer weten dat ze er is.” En toen leek het net of de oude mevrouw nooit bestaan had.

Zo gaat dat met familiegeheimen.
Ze sluipen er geleidelijk in.
Eerste fase: Iets of iemand wordt een geheim.
Tweede fase: Over zwijgen.
Derde fase: Al vergeten.

Omgaan met familiegeheimen

Elke fase heeft een eigen gevoeligheid. Die bestaat uit de emoties van degenen die baat hebben bij het geheim en van degenen die erdoor pijn lijden. Wat er hier gebeurde? Ik informeerde een ander oud familielid en hij nam contact op met de oude mevrouw, om namens iedereen voor de geleden pijn excuus vragen. Hij had niks gedaan, maar zijn hart was groot genoeg om dit te kunnen doen.

Workshop familiegeschiedenis

Erken de emoties, daar begint het omgaan met een familiegeheim mee. Voorzichtig aan. Ik vertel er meer over in mijn workshop ‘De 3 manieren om uw familiegeschiedenis op te schrijven’. Daarna weet u wat u aanmoet met een familiegeheim. En zit zoiets niet in uw familie? Dan bent u misschien nog niet op de hoogte.

Workshop

Workshop:

zondagavond 7 maart 20.00 uur
maandagochtend 8 maart 10.00 uur
maandagavond 8 maart 20.00 uur

Update: de workshops zijn geweest, dus inschrijven gaat niet meer.

Leo Hoestlandt: over de warga negara’s

HALIN

Wikimedia Commons / Fotocollectie Anefo: De SS Almanzora met 1900 gerepatrieerden uit Indie aan boord in de haven van Amsterdam, 3 januari 1946

 

Leo Hoestland mailde me over zijn ervaringen in de late jaren 1940 in Indonesië. Ja, dat was een beladen tijd. En daar schrijft Leo ook over. Hij zegt het precies zoals hij het heeft ervaren. Here goes.

 

Souvereiniteitsoverdracht

Het moet tijdens één van de laatste dagen van het jaar 1949 geweest zijn, dat ik na het ontwaken werd overmand door een vreemd gevoel: een onbestendig gevoel: een mengelmoes van droefheid, boosheid en onbegrip. Nadat ik me had gewassen – buiten – bij het kraantje ging ik naar de voorkamer, die vanwege de huizennood, werd benut als slaapkamer van mijn ouders, eetkamer en deels visitiekamer.
De radio stond aan want zo direct zouden de nieuwsberichten komen.
Tot mijn grote verbazing (ook wat boosheid) klonk niet het ‘Wilhelmus’ maar het ‘Indonesia Raya’. De omroeper lichtte toe, dat de Ronde Tafel Confrentie (R.T.C.) op 27 december 1949 was afgesloten met algehele souvereiniteitsoverdracht door H.M. koningin Juliana aan de Volks Republiek Indonesië.

Vanwege het tijdsverschil kwam dat bericht op een later tijdstip in de Indonesische media. Haastig werd er een triomphtour voor president Soekarno door de stad Jakarta in een open-limousine georganiseerd. Het hele gebeuren heb ik met eigen ogen kunnen aanschouwen, want die tour ging voor een deel langs de brede Gunung-Sari, waar ik niet ver vandaan woonde.

Ja hoor!! Daar stond hij in een grote Amerikaanse open-slee zijn juichend volk toe te zwaaien, op weg naar het Paleis van de Gouverneur voor de overdrachtsplechtigheden!
Nooit eerder heb ik zo’n grote mensenmassa gezien.
“Nu komt het!” dacht ik,” nog even en dan komt het gedonder in de colonne.”

Het gedonder

Dat gedonder begon met het uitdelen van plaagstootjes en dat waren er nog al wat.

  • om te beginnen stond in alle overheidsgebouwen een mededeling dat het niet  was toegestaan om Nederlands te spreken;
  • alle buitenlanders (ook INDO’s, die daar geboren en getogen waren) moesten een legitimatie, afgegeven door een wijkhoofd, bij zich hebben (Een geel papiertje)
  •  banksaldi en contante gelden waren door de sanering maar 1/3 waard, en voor 2/3 kreeg men obligaties,
  •  bioscoop kijken was ook niet meer leuk omdat het doek voor het grootste gedeelte werd bedekt door de ondertitelingen in de Bahasa Indonesia,en Nederlands,
  • verkeersovertredingen moesten direct ter plekke worden afgrekend, anders wachtte je een eindeloos durende rechtszaak
  •  ook dat was niet voldoende, want na enige tijd waren die gele papiertjes van het wijkhoofd niet meer voldoende en moesten toen vervangen worden door een soort visum van een wat hogere instantie,
  •  verder was het verplicht om een Nederlands-paspoort te tonen, als daarom werd gevraagd.

Zo werd gewone dagelijkse leven waar men aan was gewend omgeturnd tot iets vreemds, want iedere keer moest je bij jezelf nagaan, kan/magdit nog wel, of moet je eerst een vergunning vragen. Dat alles in die mate dat je er gek van kon worden.
Verder liepen allerlei vormen van belastingen/bijdragen zo hoog op, dat al snel schulden aan de diverse toko’s tot grote hoogten kwamen. Langzaam maar zeker trad de armoede in. Ook de hoge doktersrekeningen moesten worden betaald.

Paspoort aanvragen

Leo Hoestlandt

Als enige restte de gang naar de Nederlandse mmbassade om steun aan te vragen, en dus niet met open armen werden ontvangen.
Het aanvragen van een Nederlands-paspoort was – vreemd genoeg – ook een lijdensweg. Mijn vader ondervond zoveel tegenwerking en dat nota bene, dat hij op zijn oude dag Landstormsoldaat moest worden en uit dien hoofde als krijgsgevangene een aantal jaren gevangen werd gehouden, alsook op transport de scheepsramp van de Junyo Maru persoonlijk heeft meegemaakt en overleefd. Omdat zijn vader (mijn opa) een Belg was kon’volgens die ambtenaar aan ons geen Nederlands paspoort worden afgegeven.
Mijn vader vloekte en schreeuwde alle Heiligen bij elkaar en sloeg met zijn vuist op het bureau. Toevallig liep op de gang een hoge ambtenaar die her kabaal moet hebben gehoord. Hij vroeg wat er aan de hand was. Nadat hij zijn medewerker en mijn vader had aangehoord moeten wij achter hem aanlopen naar zijn bureau. Hij graaide wat in zijn bureau-laden, gaf ons allemaal ieder een formulier, met de woorden:” Goed lezen, invullen en ondertekenen en met pasfoto hier inleveren, dan hebben jullie binnen twee weken je paspoort.”
Door al die wantoestanden werd in Nederland opgericht::Stichting Hulp aan Landgenoten in Indonesië (Stichting HALIN), die met collectes en allerlei acties fondsen ging werven om die arme landgenoten te steunen. HALIN had intussen goede contacten opgebouwd met o.a. nonnen en andere kloosterlingen. 1 x per jaar vinden aldaar uitbetalingen van de steun plaats. Bekwame bestuursleden van HALIN staan borg voor een goede gang van zaken. Het aantal steuntrekkers had veel  meer kunnen zijn, maar door een maatregel van president Soekarno ( de z.g. zwarte Sinterklaas), omdat die maatregel op 5 decenber 1957 werd afgekondigd, verkozen velen om de grote onbekende stap te wagen door als spijtoptant toch maar naar het onbekende en koude Holland te gaan, ook al omdat zij in die bewuste toespraak op 5 december door Soekarno staatsgevaarlijk werden verklaard.

Debarkatie

Ik heb ze gezien met eigen ogen bij de debarkatie in Amsterdam en/of Rotterdam. Geld om koffers te kopen hadden ze kennelijk niet, dus werden hun laatste persoonlijke bezittingen in een boentelan (= een vierhoekig doek of laken) gelegd om daarna de vier hoekpunten aan elkaar te knopen.

Ik heb dat alles met eigen ogen van nabij kunnen zien, omdat ik als ambtenaar van D.M.Z. ( ja, ja, ja ik werkte voor D.M.Z.) behulpzaam moest zijn bij de debarkatie.
Dat openen en weer sluiten van die boentelans kostte onnodig veel tijd, hetgeen de rijtijden van de bussen alleen langer maakte.
Gelukkig kon ik daar een eind aanmaken door een opmerking te maken tegen een hoge douane-functionaris, met wie ik in de loop van de tijd bevriend was geraakt,”Zeg, wat denkt die knul te vinden in die hoopjes rommel? Misschien een slof Lucky Strike – sigaretten van dat beetje boord-geld gekocht in Singapore?
En met 10 minuten was het verholpen.

Deze groep Warga-Negara’s heeft het geluk gehad nog op tijd in Holland te zijn aangekomen, en in leven te zijn gebleven.
Het was in het begin een beetje moeilijk om de wennen, maar gaandeweg hebben zij allemaal hun plekje gevonden, vooral ook door gezinsherenigingen.

Het zou de Republiek Indonesia sieren als zij het zou kunnen opbrengen om alle in Nederland nog in leven zijnde INDO’S en WN-ers een afscheidreis naar hun moederland als een soort “Vredespijp”  aan te bieden! Immers, velen van ons hadden – al dan niet overleden – een zelfde tjang.


Wanneer er een nieuw artikel verschijnt, mail ik een berichtje aan degenen die zich hebben ingeschreven. Dan hoeft u niet te zoeken. Inschrijven kan hier: Dan krijgt u meteen een ebook cadeau: Drie tips om herinneringen door te geven.

levensverhaal

 

 

De 3 manieren om uw familiegeschiedenis te schrijven

familieverhaal

“Mijn familieverhaal is ingewikkeld, hoor.” Als ik dat hoor, ga ik glimlachen van plezier. Want hoe ingewikkelder, hoe interessanter.

Ingewikkelde families

Indische families zijn kampioen ingewikkelde families. Want je hebt deze factoren:

  • het Indisch zijn, daar en hier
  • Indisch is per generatie anders: de een zegt “Ik ben 1/16 Indisch”, dan is er een oude oom die roept: “Indo, dat is In Nederland Door Omstandigheden!“ en het is alletwee waar
  • van de oudere generaties weet iedereen wie het lichtste kind thuis was en wat dat betekende
  • er circuleren feiten of suggesties: anak mas, peranakan, een kind dat een andere vader had (niet zeggen)
  • van de oudere generaties weet iedereen wie het lichtste kind thuis was en wat dat betekende
  • de oorlog verdeelde de familie, vaak ook het gezin: en die oorlog zit nog in de familie, maar dan anders, meer als een pakket geboden en verboden van dit-doen en niet-vragen, niemand zegt het, iedereen gehoorzaamt bijna vanzelf, maar van binnen zijn wel gevoelens, soms bouwen die jarenlang op en ja, wat dan
  • iedereen heeft weer een eigen stukje van de puzzel van het familieverhaal
  • iedereen heeft weer een eigen stukje van de puzzel van het familieverhaal
  • hoe ouder, hoe gevoeliger voor de familie en die gevoeligheid krijgen de jongere generaties mee, al weten ze niet altijd wat het is
  • soms is er familie in Indonesië, Nederland en Amerika
  • en dan die vragen van Hollandse mensen!

Hoe schrijf je zo’n ingewikkelde familiegeschiedenis op?

Hoe?

Als ik een euro had gekregen voor elke keer dat ik deze vraag hoorde, woonde ik nu in een huis in het oude deel van Semarang.

Maar geld is niet alles.

Gratis workshop

Begin maart geef ik een gratis workshop De 3 manieren om uw familiegeschiedenis te schrijven. Het is online, dus u hoeft nergens heen. Zoiets heet een webinar: online uitzenden. U ziet me dan voor de camera praten en uitleggen en ik heb ook een beeld-presentatie. U kunt dan ook vragen stellen.

Doet u mee?

  • Na de workshop weet u welke manier voor u het meest geschikt is.
  • Dus dan is het schrijven van een familiegeschiedenis minder werk
  • Plus, als u meedoet krijgt u van mij de dag erna een mail met daarin een hand out Hoe interview ik mijn familie? Zeven praktische tips.

Wat gebeurt er in de workshop:

Ik ga tips en advies geven. En ik leg uit hoe de 3 manieren terugkeren in boeken als Asta’s ogen, Daar werd wat groots verricht en mijn eigen biografie van de Indische schrijfster Lin Scholte U hoeft die boeken niet gelezen te hebben, hoor. Het zijn voorbeelden. En als u ze niet kent: leuk om te horen hoe anderen dat nou aanpakken, het schrijven van een familiegeschiedenis.

Voorbereiding voor u: nul. Ja, pen en papier bij de hand houden.
U kunt uit drie webinars kiezen, ze hebben dezelfde inhoud.

Dus, wilt u al u-weet-niet-hoe-lang de geschiedenis van uw familie opschrijven? Dit is uw kans.

Inschrijven gaat via dit formuliertje. U krijgt dan een bevestigingsmail.

Rudy Hartung: een eerbetoon, en over Oma Clara

oma Clara

Aan Indische mannen en vrouwen
Aan Indische jongens en meisjes
Aan Hollanders of andere Europeanen
Aan kinderen, van deze Hollanders en Europeanen
Aan de oma’s Tjangs
Aan de Njai’s
Aan de Indische stammoeders
Aan hen allemaal…
Die op een Kerkhof
Of ergens, op een onbekend plekje
Of ergens, op een plekje in een donker bos
Of ergens, in de diepte van de zee
Van het voormalig Nederlands Indië
Van Tempo Doeloe
Een laatste rustplaats hebben gevonden

Verhaal over het graf van mijn oma Clara (1883-1945)

Mijn bronnen over het leven van oma Clara, komen van mijn beide tantes: Tante Troel en tante Martha. De twee oudere zusters van pap. Tante Martha was weduwe. Tante Troel was ongetrouwd. Zij hebben vaak over hun vroeger leven in Semarang gesproken. En over oma Clara verteld. Vooral tante Troel kon heel geestig en leuk vertellen. Mijn oudere nicht Wanda, dochter van tante Martha, had ook haar herinneringen aan oma Clara. Wanda die ongehuwd was heeft in Nederland altijd bij/met tante Martha in huis gewoond. Moes, zo noemde Wanda haar moeder altijd. Ook haar broer Kees noemde tante Martha altijd “moes”. Het klonk altijd erg lief. Tot aan mijn vertrek naar Indonesië, heb ik met mijn familie van pap, in Amersfoort, altijd een bijzonder fijne band gehad. Hieronder een foto van tante Troel. Samen met een paar collega’s op het kantoor Prauwenveer in Semarang. En een foto van tante Troel met pap.

 

oma Clara

Oma Clara met haar ouders

oma Clara

Tante Troel met collega’s

 

oma Clara

Tante Troel met pap

 

Oma Clara is op 28 september 1883, in Semarang geboren. Oma Clara was enig kind van haar Javaanse moeder en haar Duitse vader met Urban als zijn achternaam. Dankzij verhalen, verteld door tante Martha en tante Troel, heb ik over oma Clara een bepaald beeld gevormd. Het beeld van een kordate vrouw. Die actief is geweest op humanitair gebied. Die in de Boeloe vrouwengevangenis van Semarang heeft gewerkt. Met allerlei bezigheden. Vooral afgestemd op sociale activiteiten samen met de gedetineerde vrouwen. Oma Clara was ook muzikaal. Tante Troel vertelde dat zij goed kon piano spelen. Ik heb één herinnering aan oma Clara. Een herinnering toen ik zo’n jaar of vier was. Het was tijdens de Japanse bezettingsjaren. Toen wij samen, hand in hand, van de pasar naar huis terugliepen. En dat ik met een klapper spaarpot in mijn hand naar huis terugliep. Een cadeau van oma Clara. Op de pasar gekocht.

oma clara

Oma Clara met haar ouders en haar drie kinderen. Met een bediende die achter tante Martha en tante Troel staat (Foto ca 1909)

 

Oma Clara is op Kerkhof Kobong begraven. Oma Clara was een buitenkamper. Zij overlijdt op 7 mei 1945. Oma Clara was suikerpatient. Gedurende die moeilijke jaren was er een tekort aan insuline ontstaan. Net als vele andere Indische Nederlanders uit Semarang, werd Oma Clara op het Christelijk Kerkhof Kobong begraven. Kort voor hun vertrek naar Nederland hebben tante Martha, tante Troel en ook mijn pap en mam, het graf van oma Clara voor het laatst bezocht. Het was hun allerlaatste afscheid van oma Clara. Voor mam en pap was dat afscheid met Augustus 1955.

Brieven

Plotseling aandacht voor oma Clara. Het is 1996. Ik was voor een lange vakantie naar Nederland gekomen. Pap moest in een verzorgingstehuis worden opgenomen. Er kwamen toen drie brieven van pap ter sprake. Het waren brieven van jaar 1976. Brieven die pap steeds had bewaard. Zus Carla laat mij de brieven lezen. Het gaat over de begraafplaats Kobong. Over het graf van oma Clara. Vroeger had ik nauwelijks iets over deze begraafplaats Kobong gehoord. Maar wist wel dat oma Clara op Kobong was begraven. Alleen, ik had mij erover nooit druk gemaakt. Maar door deze brieven had ik plotseling mijn volle aandacht voor oma Clara. Mijn andere oma Anna, van mam’s kant, is naar Nederland gekomen. Oma Anna ligt in Apeldoorn begraven. Op een Katholieke begraafplaats. De begraafplaats waar nu ook mijn mam en pap hun laatste rustplaats hebben gevonden.

Brieven over het graf van oma Clara. Het is 1976 toen Pap aan het Ministerie Buitenlandse Zaken een brief schreef. Hij schreef dat hij zich veel zorgen maakte over het graf van oma Clara in Semarang. Op het Kerkhof Kobong. Het was ook namens zijn beide zusters, tante Martha en tante Troel. Pap vroeg om informatie over de toestand van het Christelijk Kerkhof Kobong in Semarang. Het was naar aanleiding van een artikel in de Telegraaf over dit Kerkhof Kobong. En dat de begraafplaats Kobong zou worden ontruimd. Het Ministerie van BUZA reageert met een brief. En bevestigt dat er plannen zijn voor het overbrengen van de stoffelijke resten van deze begraafplaats Kobong. En dat nabestaanden tot maart 1977, in de gelegenheid worden gesteld, om actie te ondernemen. Verder in die brief, informatie over de procedure hoe te handelen voor nabestaanden. En over de onkosten voor nabestaanden, om de stoffelijke resten van het graf naar een nieuwe begraafplaats over te brengen.

 

De vervolgbrief

Maar kort daarop kwam een 2e vervolgbrief van Ministerie van BUZA. Met een héél ander verhaal.
Met een heel geruststellend bericht! Dat het graf van oma Clara, onder Nis Z. 196, niet zou worden ontruimd. En dat de Nis er verzorgd uitziet. En dat volgens de betrokken autoriteiten, het graf niet zal worden ontruimd. Het was informatie van de Consulair Correspondente in Semarang. Ongetwijfeld is die laatste brief een geruststelling geweest. Voor pap, tante Martha en tante Troel. Het graf van oma Clara zou niet worden ontruimd. Vandaar dat de familie geen verdere actie heeft ondernomen, om oma Clara te laten verhuizen.
Een gevoel van onrust. Het was alsof ik werd gedwongen, om die brieven te lezen. Brieven van 20 jaar geleden. Pap had de brieven steeds zorgvuldig bewaard. Tijdens het lezen overviel mij het gevoel, dat het geen toeval kon zijn. Dat deze brieven boven water zijn gekomen. Het had meteen mijn volle aandacht. Tegelijk ook een gevoel van onrust. Immers het waren brieven van zo’n 20 jaar geleden. En het graf van oma Clara zou misschien allang zijn ontruimd? Het was1996 toen ik die brieven las. Pap was een oude man van bijna 90 jaar. En inmiddels in een verpleeghuis opgenomen. Ik nam mij voor om het direct te onderzoeken, zodra ik weer terug in Indonesië zou zijn. Ik gaf mij zelf weinig kans. Ik dacht: “Kobong bestaat vast niet meer.” Ik besprak het met Carla. Zij begreep het goed en zegt “Ja, dat moet je zeker doen Ruud” De brieven gingen met mij mee. Ik woonde toen in het bergplaatsje Bandungan. Niet zo ver van Semarang.

Naar Semarang

Zou oma Clara hebben gewacht? Samen met Par ben ik naar Semarang gegaan.
Naar het Kerkhof Kobong. En toen ik daar aankwam zag ik tot mijn grote opluchting dat het open was!
Kobong bestond nog! Het was gewoon open! Open voor bezoek! Maar wel bleek dat er géén nieuwe begravingen meer plaatsvonden. Zag ook dat er nog heel veel graven waren. Maar zou het graf van oma Clara er nog zijn? Op het kantoortje van het Kerkhof heb ik wat uitgelegd. Ik liet de brieven zien.
De brief met het nis nummer van het graf van oma Clara. Meteen werden boeken uit het archief gehaald. En na wat bladeren in één van die boeken, vond men de gegevens, over het graf van oma Clara.
En toen bleek dat het graf niet was ontruimd. Wat een geweldige opluchting ! Ik was er stil van. Het was ook zo spannend. Over die onzekerheid of haar graf nog bestond. Het was mijn eerste keer dat ik het graf van oma Clara bezocht. Ik werd naar de plek gebracht. Er waren geen grafstenen te zien, alleen paaltjes met een code. Het moet een eenvoudig graf zijn geweest.

Mijn “allereerste kennismaking” met oma Clara, ik sta voor het graf van oma Clara. Ik maak met oma Clara kennis. En begon met haar wat te praten. In gedachten natuurlijk. Heb haar de groeten gedaan van pap. En dat ik héél blij was dat ik nu voor haar graf stond. Had al zoveel over haar gehoord. Van tante Martha en tante Troel. En dat ik mij eigenlijk ook heel gelukkig voelde. Omdat zij allemaal weer met elkaar zijn verenigd. Oma Clara met tante Martha en met tante Troel. Ook met nicht Wanda en neef Kees. En ja ook met mam. Zij allemaal samen, daar ergens boven… in de hemel….met z’n allen. Ik leg oma Clara ook uit dat ik pas uit Nederland was gekomen. Ik vertelde wat over pap. Hoewel hij al heel oud was, je toch goed met hem kon praten. Maar hij had last met die ziekte van Parkinson. En had hij geen controle meer over het bewegen van zijn armen. Maar naar omstandigheden ging het goed met pap. En toen legde ik oma Clara uit wat verder de bedoeling was. Dat zij moest verhuizen. Naar een nieuwe rustplaats. Ook in Semarang. En dat zij zich geen zorgen hoefde te maken, want het moet een mooie begraafplaats zijn. En oma Clara ? Zij luisterde….

Veilig plekje

Terwijl ik daar voor het graf stond, gingen mijn gedachten, in een flits, even terug naar mijn laatste afscheid van pap. Het was kort geleden. Pap was net opgenomen in een verzorgingstehuis. Maar Pap was volkomen helder van geest. Hij begreep dat het voor ons beiden, onze allerlaatste ontmoeting was.
Ik had pap omhelsd. Mijn lieve pap. Mijn laatste ontmoeting met pap. Mijn laatste afscheid van pap.
Oma Clara heeft geluisterd. En zij was het er helemaal mee eens. Om te verhuizen naar een nieuw en veilig plekje. Een veilige begraafplaats, hoog gelegen op de heuvels van Zuid Semarang.

Het blijft een heel bijzonder moment uit mijn leven. Met mijn enig kind’s herinnering van vroeger aan haar. Over die klapper spaarpot, die ik van haar kreeg. Heb altijd ook het bijzonder fijn gevoel behouden over mijn lieve pap. Dat hij die drie brieven steeds heeft bewaard. Zou oma Clara al die tijd hebben gewacht?
Voorbereidingen van de verhuizing. Ik heb het grootste respect voor alle instanties van deze begraafplaats Kobong. Over hun zorgvuldigheid en discipline voor het bewaren van al die oude archieven van dit kerkhof. Maar ik kreeg wel het advies, om niet te lang te wachten met het overplaatsen. Want alle graven moesten worden ontruimd. Er bleken nog veel graven niet te zijn ontruimd. Want men wachtte nog steeds op familie en nabestaanden. Maar het plan tot volledige ontruiming stond vast. Het was duidelijke taal. Ik heb toen meteen opdracht gegeven voor overplaatsing van oma Clara. Ik heb haar naam laten omzetten naar Clara Hartung – Urban. Dus zonder de naam Zimmerman. Het is om praktische redenen. Voor de verdere administratieve afhandeling van de verhuizing was dat beter. Want ik ben een Hartung én een kleinzoon van oma Clara. Er moest nog wat geregeld worden. Met de administratieve afhandeling voor de nieuwe begraafplaats. Verder een steen bestellen met tekst, een grafzerk bestellen die niet zo groot hoefde te zijn. En nog wat meer. Maar alles liep lekker vlot.

oma clara

Kedung Mundu

Uw land

Oma Clara ‘verhuist’ naar Kedung Mundu. Het dal van Mundu bomen. En toen, een paar maanden later, met augustus 1996, ben ik op een vroege ochtend, samen met Par naar Semarang gegaan. Voor de overplaatsing van oma Clara. Naar de nieuwe begraafplaats. Wij waren getuigen bij de opgraving van de botjes van oma Clara. Ik heb haar schedel nog even vastgehouden. Heb mijn hand op ‘haar hoofd’ geplaatst. Een herinnering, die diep in mijn hart is bewaard. Haar stoffelijke resten werden toen keurig in een kleine begraafkist gelegd. De mensen van de opgraving, vertelden mij, dat oma Clara een tamelijk grote vrouw moet zijn geweest. Zij zagen het aan de lengte van enkele botten. Het is tot verhouding met Javaanse vrouwen die wat kortere botten hebben. En toen werd ‘oma Clara’, heel officieel, in een speciale dienstauto, met sirene en zwaailicht aan, naar haar nieuwe rustplaats gebracht. Een klein graf dat ik voor 30 jaar heb gepacht. Het is tot en met 2026.
Oma Clara en haar Nieuw Land. Op de grafsteen staat : GEEF MIJ UW LAND! AMEN Met die tekst is door de steenhouwer een kleine vergissing gemaakt. Ik had als tekst opgeschreven GEEF MIJ UW HAND! Maar de steenhouwer had er een LAND van gemaakt. Want die goede man dacht echt, dat ik mij met het woord HAND had vergist. Want voor hem, was het woord LAND duidelijk. HAND vond hij maar raar. Het had geen zin om uit te leggen dat het de tekst van een gedicht betrof : “Geef mij Uw Hand en kom dicht bij mij staan.” Maar ik had er vrede mee. Het is een goed passende tekst, voor oma Clara.
Zij heeft het nieuwe LAND gevonden.

oma clara
Nawoord

Kort nadat oma Clara was verhuisd, overlijdt pap, op 22 januari 1997. En zo was ook pap, weer met oma Clara samen. Samen met mijn mam, samen met tante Martha en tante Troel en Wanda en met Kees. En met veel andere familie. In het Nieuwe Land.

Opmerking: Inmiddels zijn alle stoffelijke resten van begraafplaats Kobong naar de nieuwe Christelijke begraafplaats Kedung Mundu overgeplaatst Ze liggen op een aparte plek van deze begraafplaats.
De Christelijke Begraafplaats Kobong van Semarang bestaat niet meer.


Wanneer er een nieuw artikel verschijnt, mail ik een berichtje aan degenen die zich hebben ingeschreven. Dan hoeft u niet te zoeken. Inschrijven kan door op het plaatje te klikken.  Dan krijgt u meteen een ebook cadeau: Drie tips om herinneringen door te geven.

levensverhaal

 

Ga naar de bovenkant