Maar hoe komt een Hollands meisje nou zo in de ban van Indië?

Dat weet ik eigenlijk zelf niet goed.

Het begon tijdens mijn studie. Toen las ik Indische damesromans en ik was meteen verkocht. Ik begon een website het Damescompartiment Online en daarna kwam er de Leestrommel. Daar kunt u gratis die romans lezen. Intussen was ik ook al naar de Tong Tong Fair geweest, jaar na jaar. Steeds weer. En in 2008 ging ik op verzoek van de Stichting Halin naar Indonesië. Alles was zoals ik dacht, alleen de helderziende in de kampong was spannender dan ik me had kunnen voorstellen.

De helderziende was een oude Chinees die me voorspelde dat ik binnen het jaar zou trouwen.  In het vliegtuig terug ging een leuke man naast me zitten. "Dat gaat snel," dacht ik. Maar ik ben nog steeds niet getrouwd.

Ik werk vooral. 

Televisie heb ik ook al niet. Een auto? Nee, ik fiets. En anders neem ik de trein.

Dat eigengereide zie je wel vaker bij middelste kinderen. Bij mij thuis waren er drie meisjes, en we hadden allemaal het hoogste woord.  

Ik ben de enige die zo'n hang heeft naar het oude Indië.  Familie daar heb ik niet, nooit gehad ook. Kan zoiets een vorig leven zijn?

"Ik begin met te dagdromen over een boek. Hoe zou het zijn als... En dan ga ik aan de slag. "

Bij elkaar heb ik zo'n dertig boeken geschreven, op mijn website staan ze allemaal. Ik schreef onder andere over mevrouw Kloppenburg, over Pa van der Steur en over  Melati van Java. Zij was de eerste Indische schrijfster van bestsellers.  Mijn biografie van haar was ook mijn proefschrift.  Het is leuk om dr in de letteren te zijn. Belangrijker is dat Melati van Java uit het vergeetboek is. 

Want dat zag ik heel goed met mijn Hollandse ogen: er is bitter weinig aandacht voor Indië in de geschiedenis.  Dat steekt me. En dan voel ik me rebels.  Dat is het middelste-kind-gevoel. Die kinderen gaan dan wat doen. 

Nu werk ik aan de biografie van J.B. van Heutsz (1851-1924), ooit gouverneur-generaal van Nederlands-Indië. Hij is de meest omstreden militair uit de Nederlandse geschiedenis, dat vind ik interessant. Het boek komt in 2020, het voelt als overmorgen. Hier en daar praat ik over Van Heutsz, er zijn nog veel mensen die via via iets weten.

Op de Tong Tong Fair heb ik een eigen talkshow: in De Eerste Generatie Show spreek ik met ouderen die Indië nog gekend hebben. Mijn gesprek met Paatje Phefferkorn (TongTong Fair 2017) was een sensatie, wat een man. Hij is 95 jaar.

Mijn leven staat dus in het teken van boeken maken.  Een gezin heb ik niet.

Of nou ja, ik woon samen met mijn volslanke roodwitte karer Bert. Voluit heet hij Adelbert Cornelis (naar mijn grootvader) maar hij vindt het goed als ik gewoon Bertje zeg. We zijn veel samen. Ik zit dan in de pyjama te tikken en Bert slaapt naast me op zijn kussen. Soms geeft hij een snurk. Dan zeg ik "Gezellig hè, Bertje?"

Dus u ziet, mijn leven is simpel. Het gaat over poezen en Van Heutsz en over Indië en over boeken.

En ook over andere mensen  leren hoe je boeken schrijft. Ik heb het ook geleerd.