Van Banda Aceh tot Jayapura met Cees Piket (83)

van Banda Aceh tot Jayapura

Cees Piket (83)  is een man met reiservaring, en lang verhaal kort: hij was reisbegeleider, hij volgde mijn cursus en nu is hij de auteur van Indonesië. Van Banda Aceh tot Jayapura. Hij kan wel tien boeken over zijn reizen schrijven, maar hier blijft het bij. (Vooralsnog)

Onthulling

Eerste onthulling: in het echt verliep de reis anders dan in het boek staat. Voor het boek was een aanpassing nodig: “Onze reizen gingen kriskras door Indonesië. Dan zaten we op Sumatra, dan weer op Sulawesie. Die volgorde heb ik in het boek aangepast. dus eerst  heb ik alles van Sumatra opgeschreven.”
Tweede onthulling: Cees wist niet dat hij zoveel wist. “Ik ging zitten en begon te schrijven en het kwam allemaal terug. Al die details. Welk jaar en welke dag en wat er  wanneer gebeurde. De ene herinenring haalt de andere op.
Cees was een van de gelukkigen die via een verloting van het maandblad Moesson een gratis deelname won. Dat had hij niet verwacht. “Nu moet ik het wel schrijven,” dacht hij. Want het zal het ene moment in zijn hoofd, terwijl hij het andere moment bepaald de lol er niet van inzag.

Hoe beginnen

Dus ja, hoe begin je zoiets?  Dat het over Indië/Indonesië zou gaan, wist hij zeker.
“Ik zit vanaf  mijn twaalfde jaar in het Indische circuit. Eerst op de middelbare school in Den Haag, en later omdat ik ook boeken ging verzamelen. En mijn vrouw is Indisch. Wij hebben samen als backpackers veel reizen gemaakt door Indonesië, Thailand, Maleisië, noem maar op. Dan ontmoet je anderen die waardevolle advies geven waar je moet zijn. Dat was nog de tijd van Lonely Planet.”

Reisleider

In het boek staan ook de ervaringen van Cees als reisleider. Veel anekdotes (rekening houdend met privacy) die het leesbaar en vaak geestig maken. Hij is het type doortastende leider, waar ze in Indonesie van kunnen schrikken. Voorbeeld? Wanneer een van ‘zijn’ reizigers een pijnlijke arm heeft, neemt hij de patient mee naar het ziekenhuis in Medan.

Bij de kamer van de dokter brandde een rood licht en een wachtkamer vol patiënten bleef lijdzaam wachten. Ik heb de deur geopend en er bleek niemand aanwezig. De gids was door mijn directe manier van handelen kennelijk zo van slag, dat ze alleen maar kon uitroepen “aduh Cees, ik bewusteloos van jou “. Ten slotte werden we naar het privéadres van de arts verwezen ergens in de wijk Polonia. De huis nummering in Nederland gaat in z’n algemeenheid als volgt. De even nummers aan de ene en de oneven nummers aan de ander kant van de straat.
In Indonesië werkt dat helaas niet zo, wat een gezoek van jewelste tot gevolg had. We kregen van de arts te horen, dat de foto geen breuk had uit gewezen en nadat hij het honorarium achteloos in zijn bureaulade had geveegd stonden we weer onverrichter zake op straat. Naderhand heb ik in Nederland nog meegekregen, dat er een scheurtje in het bot was geconstateerd en dat veroorzaakte de pijn.

 

Kinderen en kleinkinderen

Kan gebeuren, en het gebeurt.  Zo vertelt hij ook over inkopen doen, veteranenreizen en soms moeten laten zien wie er de baas is.
“Ik ben er bijna een jaar mee bezig geweest. Ik dacht, ik maak er een document van om aan de kinderen en kleinkinderen te geven. Dan laat ik het ook drukken omdat er zoveel werk in zit. Dat heb ik bij Probook laten doen. De buurman kreeg er lucht van dus toen was ik er meteen vier kwijt. Op de koempoelan in Zwolle hadden ze ook belangstelling. Bij elkaar ben ik er zo’n vijftig kwijt.”

Tip

Er zijn nog twee reisboeken over. De prijs is € 22,00 per stuk voor de drukkosten. De verzendkosten zijn € 6,15  .In totaal € 28,15 Belangstelling? Stuur me even een mailtje, dan zend ik dat door naar Cees. Als hij niet op reis is, reageert hij snel. Bij www.probook.nl zijn ook nog enkele exemplaren te bestellen.

Drie zusjes in Batavia en de hoop op een beter leven

zusjes Zusjes is zo’n lief woord, dat ik nooit gedacht had dat het zoveel moeilijkheden kon herbergen. In 2008 ontmoette ik Betty, Lenny en Thea Kalshoven. We spraken in Jakarta, de stad die voor de zusjes altijd Batavia blijft. Indische zusjes met een familieverhaal. Thea was als oudste wat bedachtzamer, de andere twee wat onstuimiger in hun manier van praten.

Op de foto ben ik druk aan het schrijven. Van ons gesprek zal een interview komen, en dat komt in het boek over de Stichting Halin. Ze zijn arm. Speciaal voor de ontmoeting dragen ze hun nette kleren. Ik zie wat slijtageplekken aan een kraag en denk: hoe lang al doen ze met deze kleren?

Ik kan me nu wel voor de kop slaan dat ik het gesprek niet heb opgenomen. Of gefilmd, dat was nog beter geweest.

Tip: wanneer het kan, neem een gesprek op. Of film het. Soms is er maar één kans.

De zusjes spreken met elkaar Nederlands, zo houden ze de taal bij. Nederlands blijven spreken in Indonesië is best moeilijk, je moet er je best voor doen. Keer op keer vertellen ze elkaar – en mij nu ook – hun familieverhaal: over hun grootvader Oscar Ellinger die fabrieken en grond bezat in Oost-Java. Een vermogend man. Hij trouwde met Rasmani, zij kwam van Madoera. Een prinses. Hun dochter werd de moeder van de zusjes. Zij trouwde met een Hollander. Dat was de vader van de zusjes. Hij is er niet meer.

Zo lopen de familielijnen. En dat betekent, dat Betty, Lenny en Thea na het overlijden van hun vader de erfgenamen zijn van opa Oscar. Dat is een gedachte vol troost. Met geld kunnen ze elk hun huis laten opknappen, bijvoorbeeld. Het gaat niet om luxe. Hoewel een dak dat niet lekt, ook een vorm van luxe is.

Er is alleen dat ene probleem: de bewijzen dat ze erfgenaam zijn.

Niemand heeft genoeg opgeschreven. Ze kunnen niets bewijzen. En geen bewijs betekent: geen geld. Dus leven de zusjes in hoop. En met de toelage van de Stichting Halin. Ze hebben kinderen, maar ja: die hebben ook een eigen leven. En die zijn ook meer Indonesisch, dus ze weten niet veel meer van vroeger. Misschien liggen de papieren in Holland, zeggen ze, maar kom daar eens achter. En dan heb je nog de procedures.

Wat doe je eraan?

Lenny: “We moeten bewijs hebben. Dat is er niet meer door de oorlog. Er zijn getuigen die verklaren dat wij de gerechtigden zijn, omdat wij de nazaten van de oorspronkelijke eigenaar zijn. Getuigen als  de chauffeur van Opa. Eigenlijk is dat genoeg maar in Indonesië is dat niet zo. Hier heb je voor bewijzen geld nodig.”

En precies daaraan hebben ze tekort. Gelukkig krijgen ze steun van de Stichting Halin. Dan nog is het puzzelen om uit te komen. En de kinderen? Betty woont alleen: “Ik wil geen last zijn voor de kinderen, ik vraag nooit iets aan mijn kinderen. Ze moeten zelf een leven opbouwen en voor hun kinderen zorgen.”

Dromen

Het was voor mij een moeilijke middag. Ik voelde het belang van hun droom over dat geld. Dromen geeft hoop, en hoop doet leven.  Juist als het dagelijks bestaan moeilijk is, heb je iets nodig om naar uit te kijken. Iets dat alles goed maakt, of in ieder geval veel. En dat was voor deze drie zusjes de erfenis van hun grootvader.

Ik ken de archieven in Nederland een beetje. En ik ken de verhalen over corruptie.  Dus ik zei niets over mijn indruk van de onhaalbaarheid van het plan dat ze hadden. Ik stelde vragen, luisterde en knikte. Wat ik anders kon doen, weet ik nog altijd niet.

Oma Clara en de oude Boeloe-gevangenis

Boeloe-gevangenis

Rudy Hartung stuurde me een mooie herinnering aan het oude Indië. Zijn tante had hem verteld over zijn oma Clara, en zo kan het, dat Rudy nog weet wat er een paar generaties geleden in Semarang gebeurde. Hieronder zijn verhaal.


Aan de Boeloestraat ligt de Boeloe vrouwengevangenis.  Tante Troel heeft vaak hierover verteld.  Over mijn oma Clara die deze vrouwengevangenis regelmatig heeft bezocht. Het was voor de Japanse bezettingsjaren.

Je kunt je afvragen, waarom deed oma Clara dat? Gewoon, het waren bezoeken van liefdadigheid. Om samen met de vrouwelijke gedetineerden culturele en sociale activiteiten te doen. Zoals het samen zingen en wat te babbelen. Ook leerde zij de vrouwen het batikken en gingen zij samen gezellig batikken.

Een Javaanse vrouw vermoordt haar man
Van Tante Troel heb ik vaak het verhaal gehoord over een moordenares uit de Boeloe vrouwengevangenis. Een Javaanse vrouw die haar man had vermoord en het lijk voor enige tijd in een ton had bewaard. Maar de Javaanse vrouw wordt opgepakt. En de Javaanse vrouw wordt veroordeeld en in de Boeloe vrouwengevangenis opgesloten.
BoeloeEn dan maakt oma Clara kennis met deze Javaanse moordenares. En zij gaat samen met haar gezellig batikken. Samen zingen, samen babbelen of zo.
Op een dag vertelt die Javaanse vrouw aan oma Clara: zij heeft een probleem. Zij isbang om weer naar haar geboortedessa terug te keren na haar vrijlating. Was het uit verlegenheid? Of uit schaamte? Of uit angst?
Maar zij weet niet wat zij moet doen en waar zij naar toe moet als zij straks vrijkomt. Ik weet niet of de Javaanse vrouw kinderen had. Ik heb dat niet gehoord uit het verhaal van tante Troel.

Toen heeft oma Clara de Javaanse vrouw gevraagd of zij na vrijlating bij haar in huis wou werken.En dat is toen gebeurd. Na haar vrijlating wordt de Javaanse vrouw de kokkie bij oma Clara in huis aan de Boeloestraat. Zo ging het daar, het was vanzelfsprekend.

Kokkie hoort bij de familie

BoeloeOma Clara verhuist later naar haar ander huis, een huis in de buurt van de Gayamweg, en haar kokkie gaat ook mee. Zo ging het daar, het was vanzelfsprekend.

Mijn oma Clara overlijdt op 7 mei 1945. Het was zo tegen het eind van de Japanse bezettingsjaren. Maar kokkie bleef in het huis van oma Clara om voor tante Martha, tante Troel, Kees en Wanda te zorgen. Zij was een deel van de familie geworden. Zo ging het daar, het was vanzelfsprekend

Weer wat later, vlak na de oorlog zijn Tante Martha, Wanda en Kees voorgoed naar Nederland vertrokken en moesten voorgoed afscheid nemen van hun Javaanse kokkie.

Maar tante Troel moet nog in Semarang blijven en komt kokkie bij tante Troel in het huis aan de Andongweg op Tjandi Baru in Semarang. Zo ging het daar, het was vanzelfsprekend.

Zij zijn allemaal heengegaan

Mijn oma Clara
En haar lieve Javaanse kokkie
En mijn tante Martha en tante Troel
En mijn neef Kees en nicht Wanda
Daar ginds boven
Achter de hemel blauwe lucht
Hebben zij elkaar weer gevonden