Voor Oma’s uit Indië

Rechts Oma Miet, Djakarta circa 1955. Collectie Marc Tierolf

Waarom is er geen Oma-dag? Een dag waarop iedereen voelt hoe belangrijk een Oma is. Zij is degene die een moeder is en toch anders. Een grootmoeder, iemand naar wie je eigen moeder moet luisteren. Zegt Oma.

Er is moederdag. Vaderdag. Vrouwendag. En dan heb je elke week wel een bijzondere dag,  ik geloof wel tot en met de dag van de kleingerande postzegel uit 1826.  Maar Oma-dag bestaat niet.

 Een Oma uit Indië is dubbel zo bijzonder

Zij weet nog veel van vroeger. Namen, jaartallen, verhalen, familierecepten, geheimen. Op de Tong Tong Fair hou ik al jarenlang interviews in mijn talkshow De Eerste Generatie Show. Elke keer voel ik ontzag en plezier en nieuwsgierigheid. Wat een verhalen. Wat een informatie. Het gaat over familie en het gaat over Indië. Heerlijke verhalen. En als je een klein/kind bent, dan zijn het belangrijke verhalen om te kennen. Je leert waar je thuis hoort in de familie.

Superplakboek

Speciaal voor Oma’s uit Indië heb ik een gemakkelijke cursus gemaakt om iets van die rijkdom aan herinneringen te bewaren. Het resultaat is een superplakboek: meer dan een gewoon plakboek. Iets om op tafel te leggen en tevreden over te zijn: klik en lees hier meer.

Belangrijk

Ik voel me zenuwachtig over deze cursus. Dat komt omdat ik het zo belangrijk vind. Mijn eigen Oma heeft achterop foto’s wat geschreven en dat is het. Geen schriftje, geen dagboek, naar veel dingen van vroeger moet ik raden. Zo zijn er meer kleinkinderen, zeker in de Indische cultuur. Een tijdje geleden ontmoette ik een man, veertig plus, zelfverzekerde uitstraling – maar toen het gesprek over zijn Indische achtergrond ging, zag ik een zoekend kind staan. Hij wist haast niets.

De eerste generatie heeft vaak gezwegen. Het motto was: “We zijn nu hier” en hier dat betekende Nederland. Aanpassen en vooruitkomen was belangrijk, plus: “Als Indische jongen/Indisch meisje moet je dubbel zo hard je best doen.” Dus dat vroegere leven…

Pas in deze tijd gaat het besef dieper dat het twee voor twaalf is. Er zijn minder mensen die uit eigen ervaring over Indië kunnen vertellen.We hebben ze harder nodig dan ooit.

Laat u mij weten wat u ervan vindt?

Gewenst: een Fongers rijwiel

Foto KITLV

Een Fongers rijwiel, dat was iets. Stevig en solide. Als ik de oude advertenties mag geloven, fietste het halve KNIL op een Fongers. Wat bleek: de fabriek stond in Groningen.

Op deze foto uit 1915 staat een tweede luitenant met een fiets, grote kans dat het een Fongers is. Hij ziet er indrukwekkend uit. Een man met gezag. Duizend keer méér een autoriteit dan de huidige agenten met hun basketball-petjes die op een hip fietsje moeten door de stad moeten. Geef die mensen toch een Fongers rijwiel. Dat kan, want er zijn nog Fongers rijwielen. Op Marktplaats vind je ze. De fabriek sloot pas in 1970.

Fongers zat in Groningen. Daar maakten ze stoere stevige modellen, zonder frivoliteiten, je verwacht niets anders van Groningers. In Indië had Fongers agentschappen waar je een rijwiel kon bestellen. Dat werd vanuit Groningen verzonden, dat duurde weken. Geen wonder dat er toko’s waren die zelf bestelden. Kregen ze een zending binnen, dan was dat reden voor een advertentie in de krant.

Advertentie

In het Nieuws van den dag voor Nederlandsch-Indië van 22 juli 1910 staat een advertentie voor Fongers:

Wij zien een herenmodel en een damesmodel. Vrouwen fietsten ook. Dat was destijds modern. Een vrouw die eigen vervoer had, liep het risico zelfstandig te worden. Ja, en of je dan nog getrouwd raakte?

Per allermodernst voertuig

In de oude Indische kranten staan de columns van de journaliste Beata van Helsdingen-Schoevers. Ze is een jonge vrouw, wonend in Kertosono op Java. Zij heeft een fiets en schrijft over haar tochtjes, zoals in het Soerabaiasch Handelsblad van 17 februari 1906. Iemand heeft haar verteld dat er een heilig graf is:

“Ofschoon ik eigenlijk beter gedaan had als ik per pedes apostolorum erheen was getrokken, zoo behaalde toch mijn gemakzucht de overwinning over alle andere gevoelens, het resultaat was, dat ik per allermodernst voertuig naar het antieke wonder ging, n.l. per fiets. Drie paal wandelen, wel, wel! en dan het ergste nog, drie paal terug. Ik zou ’t je hoor, neen dan is een speda veel gemakkelijker, wat?”

Ja, een fiets was het “allermodernst voertuig”- in 1906. Ach, wat is dat lang geleden. De Eerste Wereldoorlog was ver weg, en Indië leek voor altijd te zullen bestaan. Ik voel me zacht van nostalgisch verlangen. En dat allemaal door het zien van een Fongers rijwiel.

 

(dit artikel verscheen eerder in een andere vorm in Sapu Lidi)

Weet u het goede antwoord?

Altijd leuk, weetjes uit en over de oude tijd. Kunt u deze vijf vragen beantwoorden?

Waar ligt Atjeh?

Wikimedia/KITLV Klik en flip!
Op Noord-Sumatra. Sinds mensenheugenis wil Atjeh graag zelfstandig zijn, maar ja. U weet.

Wie was Guus de Becker?

Klik en flip!
Guus de Becker was een van de beste krontjongzangers ooit. Zo gevoelig, zo mooi, als hij zong dat voelde je het in je ziel. Op YouTube leeft hij gelukkig nog.

Waartoe dient glastouw?

Klik en flip!
Glastouw zat aan een vlieger. Je maakt glastouw met touw, lijm en scherven. Zo kon je een andere vlieger neerhalen. Dan won je. Ja, behalve als die ander eerder was.

Wie schreef "Het land van herkomst"?

Klik en flip!
Eddy du Perron natuurlijk. De klassieker uit 1935 is nog altijd uitstekend leesbaar.

Hoe heet het beroemdste hotel van Bandoeng?

Klik en flip!
Dat was Hotel Homann. Je kon er ook uitstekend dansen, er werden fuiven gegeven waar mensen nog over kunnen vertellen.